Emile Suringar, Taeke Tuinstra en Martein Speller bij de steigerloods van Bouwbedrijf Bekman in Erica. Bekman deelt de steigers met andere bedrijven in de buurt. Een voorbeeld van de deeleconomie. Foto: Jari Leijssenaar
In aanloop naar de Duurzame Dertig op 23 oktober zoeken journalisten Wilbert Elting en Wouter Hoving antwoord op de vraag: wat is dat eigenlijk, duurzaam ondernemen? Deze week de laatste aflevering: toegevoegde waarde.
Van alle peilers onder duurzaam ondernemen is dit de moeilijkste om te grijpen: toegevoegde waarde. Want wat is dat eigenlijk? Wanneer voeg je als ondernemer nou iets toe aan de maatschappij? En wat is dat dan?
Veel van de andere peilers (zie kader) komen bovendien samen in deze laatste categorie. In zekere zin is het een optelsom van al die dingen die je doet. En die je vaak onbewust doet en daarom niet direct zo zou benoemen.
Breder kijken dan geld
In Drenthe proberen ze die toegevoegde waarde boven water te halen en te stimuleren met de ‘verweven waarde-scan’. Een door hogeschool NHL Stenden en de Natuur en Milieufederatie Drenthe ontwikkeld raamwerk om voor bedrijven duidelijk te maken waar ze staan. Een tiental bedrijven is er inmiddels al mee aan de slag gegaan. Ze krijgen in gesprek met onderzoekers een nulmeting en vervolgens adviezen over waar ze nog mee aan de slag kunnen gaan.
„Het idee is dat je breder kijkt dan alleen de financiële waarden”, zegt Taeke Tuinstra van NHL Stenden. „En gaat kijken naar welke impact je op de regio hebt.”
„Als ondernemer heb je over twintig jaar een heel andere rol in de maatschappij”, vult Emile Suringar van de milieufederatie aan. „Maar welke is dat dan? Dat is voor iedereen anders, met de scan zoeken we uit wat bij een specifiek bedrijf past. We zien ook dat bedrijven onbewust al heel veel doen maar dat eigenlijk in hun eigen verhaal nog vaak vergeten. Voor best veel ondernemers is zoveel mogelijk winst maken allang geen doel meer: ze staan op om iets voor de regio te betekenen.
Steigers en mensen delen
Dat geldt bijvoorbeeld voor Martein Speller van Bouwbedrijf Bekman in Erica. Ongemerkt zat duurzaam ondernemen daar al in het DNA, ziet Suringar. „Martein maakt een heel bewuste keuze om weinig nieuwbouw te doen en zich te richten op onderhoud. Dat past heel goed bij de duurzame gedachte dat je zo lang mogelijk wilt doen met spullen die er al zijn.”
Bekman doet dat deels vanuit het consortium WIJ dat Speller met een installateur, schilder en afbouwbedrijf opzette. „We doen het eigenlijk een beetje zoals het vroeger was”, legt de bouwer uit. „Je doet allemaal wat voor elkaar. We helpen de tegels naar de badkamer sjouwen of de schilder ruimt tussendoor even wat op. Door deze aanpak werken we efficiënter.” Verder lenen ze materieel aan elkaar uit. „Als een van onze partners bijvoorbeeld een rolsteiger nodig heeft, mogen ze die best wel even van mij lenen. Dit gaat allemaal op goed vertrouwen. Want samen sta je sterk.
Als econoom kijkt Suringar er met veel interesse naar. „Wij vinden de deeleconomie heel interessant. Door samen op te trekken creëer je ook weer meer waarde door minder grondstoffen te gebruiken. Het is heel positief wat WIJ doet in een wereld die vaak nog anders werkt.”
Hulp met financiën voor werknemer
Ook op andere punten steekt Speller zijn nek uit. Als het om zijn personeel gaat bijvoorbeeld. „Ik probeer hen te helpen. Ook met dingen buiten het werk. Dat doe ik nooit met geld. Maar als een medewerker van mij bijvoorbeeld financiële problemen zou hebben, dan kan hij terecht bij mijn accountant zodat hij zijn zaken weer op orde kan krijgen.”
Bij Speller zit die betrokkenheid in de genen. „Het zit in me. En voor mijn vrouw geldt dat ook. Ik heb het ook meegekregen van mijn ouders. Die stonden ook altijd voor iedereen klaar. We vinden het mooi om te doen.”
Volgens Tuinstra is dat ook wat deze ondernemers onderscheidt. „We zouden die groep heel graag groter maken. Het is nu misschien maar vijf of tien procent maar we geloven dat dit de toekomst is.” Speller knikt. „Ze moeten de voordelen inzien van het anders ondernemen. Het hoeft niet alleen maar om geld te gaan. Het kan je ook andere dingen opleveren. Doe je wat voor een ander, dan krijg je er meestal iets voor terug.”
‘Je vecht vaak tegen geld’
Speller wil met Bekman verder en verder. Rond het pand ziet hij nog kansen om de biodiversiteit te verhogen. „Bij de gesprekken met Taeke en Emile kwamen we bijvoorbeeld op het idee om fruitbomen te planten voor de medewerkers en de buurt.” Ook verdiept hij zich in biologisch bouwen en de milieu-impact van de materialen die hij gebruikt.
Tegelijkertijd is het niet altijd makkelijk. „Je vecht toch vaak tegen geld”, zegt Speller. „In de bouw is het toch vaak de korte termijn. Als je het anders aanpakt, kost het eerst vaak wat meer maar op de lange termijn juist minder. Als je nu net even een stapje extra zet, scheelt je dat over een paar jaar met onderhoud.” Een bedrijf als Bekman levert eigenlijk ook geen product meer, vindt Tuinstra. Maar een dienst of service die meer langdurig is. „Dat is ook een aanbeveling van ons. Ga er zo naar kijken.”
„De bouwsector vindt die verandering nog wel lastig”, zegt Suringar. „Je moet ook echt gaan kijken naar de kosten op langere termijn. Voor een bedrijf als Bekman kan dan soms ook de keuze zijn om een opdracht niet aan te nemen.” Speller: „Het moet niet alleen maar om geld gaan, maar ook om de kwaliteit en duurzaamheid. Dan kan ik garanderen dat het over vijfentwintig jaar nog goed is.”
Hoe ze er bij Bekman instaan, klinkt logisch. En Suringar en Tuinstra zien het de norm worden. Toch moet Speller het nog vaak uitleggen: „Heel veel zeggen tegen me: op deze manier kun je toch niet ondernemen? Dat zal wel, denk ik dan. Maar ik heb hier een goed gevoel bij. En het bedrijf draait goed.”
Pijlers van duurzaam ondernemen
De Duurzame Dertig is een verkiezing voor mensen en organisaties die de wereld beter maken. Jaarlijks wordt een winnaar gekozen onder bedrijven of individuen die duurzaam ondernemen. Maar wat is dat eigenlijk? Circulair Nederland onderscheidt een aantal pijlers die horen bij duurzaam ondernemen.
De komende weken tot aan de Duurzame Dertig lichten Leeuwarder Courant,Dagblad van het Noorden en het Friesch Dagblad de volgende thema’s toe: