Hielke Bosch van streekomroep RTV1 in Stadskanaal laat zich niet dwarszitten door online pesterijen, maar vraagt juist meer aandacht voor mensen met een zichtbare beperking in de media. Foto: Huisman Media
Een paar promotievideo’s van journalist Hielke Bosch uit Stadskanaal over de gemeenteraadsverkiezingen zijn tienduizenden keren bekeken. Mooi, zou je zeggen. Behalve dat het gepaard ging met een stortvloed aan beledigingen over zijn uiterlijk. „Collega’s schrokken ervan.”
Op LinkedIn doet hij een boekje open over zijn ervaring. Hij heeft tientallen negatieve reacties gekregen na zijn filmpjes. En dat is koren op de molen voor zijn missie: meer mensen met zichtbare handicap in de media krijgen.
Hielke Bosch (26) is geboren met achondroplasie. Een groeistoornis waardoor hij niet groter dan 1,25 meter is geworden en ledematen zich in een andere proportie hebben ontwikkeld. Hij ziet er anders uit dan anderen.
Daar laat hij zich echter niet door weerhouden. Bosch heeft een passie voor journalistiek, leeft op voor de camera en volgt de lokale politiek op de voet. Met de gemeenteraadsverkiezingen op komst organiseerde hij voor het ‘feest van de democratie’ samen met zijn collega’s van de redactie RTV1 verkiezingsdebatten voor de gemeenten Stadskanaal, Veendam en Borger-Odoorn met hem als presentator.
Journalist en presentator Hielke Bosch. Huisman Media
Reacties uit het hele land
Promotiefilmpjes van die debatavonden werden duizenden keren gedeeld. „Je zou zeggen: heel leuk. Maar het ging vooral leven bij mensen die er negatieve dingen onder postten. Algoritmes gingen ermee aan de haal”, zegt Bosch.
Het gevolg: scheldpartijen en pesterijen vanuit het hele land, gericht op Bosch en zijn uiterlijk. Een greep uit de ‘gevatte’ reacties: ‘Dwergwerpen voor hoge kijkcijfers’, ‘Kleine speler’, ‘Gelukkig (zijn er ook) lijsttrekkers, anders kijk je alleen naar een voorhoofd’ en ‘Er is iets mis met z’n neus’.
Doordat mensen met dat soort reacties reageerden, lieten algoritmes de filmpjes vooral zien aan mensen die daar dan weer op reageren, bijvoorbeeld met een lachende emoticon of er nog een schepje bovenop deden met nog een nare opmerking, legt Bosch uit. Waardoor het ging leven binnen bepaalde groepen. „98 procent van de reacties was van een man.”
Zijn collega’s schrokken van de reacties. „Een collega zei ’Ik kan mij voorstellen dat je dit soort video’s nu niet meer wil doen’, dat was vlak voordat ik het laatste debat zou opnemen.”
Juist meer mensen met zichtbare handicap in media
Goed bedoeld, maar daar wilde Bosch niets van weten. „Kom, ik laat mij niet tegenhouden door idioten die iets typen vanaf hun luie stoel.” Sterker, bij Bosch zitten de schelders precies aan het verkeerde adres. Sinds een aantal jaar zet hij zich in om juist méér mensen met zichtbare handicap in de media te krijgen. Daarvoor was hij ook te zien op de social media kanalen van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.
„Slechts 0,6 procent van de mensen in de media heeft een zichtbare beperking.” Dat is jammer, want het zegt niets over je kunde, zegt Bosch. „Het wordt ook niet expres gedaan. Er is simpelweg te weinig aandacht voor. ” Ook iemand in een rolstoel kan enorme expertise hebben binnen een vakgebied of een interessant verhaal vertellen. Zij zijn gewoon onderdeel van de samenleving, zegt Bosch. „Ze mogen gehoord en gezien worden en ook als rolmodel fungeren voor mensen die voelen dat ze er niet bij horen.”
Hielke Bosch in de studio van RTV1. Huisman Media
‘Veel steun’
„Tegelijk zie je dat het bij heel veel mensen iets met het zelfbeeld doet als ze zien dat mensen met dezelfde handicap online worden neergehaald.” Daarin ligt volgens Bosch een rol bij grote sociale media bedrijven. „Zoals Meta, die zouden eigenlijk hun algoritmes eens onder de loep moeten nemen en dit soort reacties niet moeten belonen met meer views. Ze zouden juist streng moeten optreden tegen die accounts.”
Tegenover de haat krijgt Bosch ook veel steun. „Mensen die het fijn vinden dat ik gewoon doorga. Trouwens, ik krijg ook reacties van mensen die wij normaal gesproken controleren, zoals wethouders. Zij spreken zich uit tegen dat soort pesterijen. Heel goed dat er oog voor is. Ik hoop dat zij ook andere politici en inwoners aansporen om zich uit te spreken.”
Vooralsnog hoopt hij bovendien dat de rumoer wellicht een zetje is voor kiezers om nog even een debat te kijken over hun gemeente. „Volgens mij zijn het hele mooie debatten geworden!”