Wie is er niet gek op worsten of hamburgers? Nederlanders zijn bereid om er meer voor te betalen. Foto: Shutterstock
Een meerderheid in Nederland wil best een euro extra betalen voor een kilo vlees, mits ze de garantie krijgen dat die euro ten goede komt aan boeren die met dat geld kunnen investeren in dierenwelzijn, stikstof, klimaat en natuur.
‘Je kunt niet groen doen als je rood staat’. Met die gevleugelde uitspraak hebben boeren afgelopen jaren vaak hun onvrede laten horen over de toenemende milieuregels en stikstofdebatten. Agrarisch ondernemen is risicovol vanwege dure hypotheken, onzekere opbrengsten en een grillige wereldmarkt. Duurzaamheidsregels vanuit Den Haag worden met argusogen bekeken. Ze kosten een boel geld, maar het blijft twijfelachtig of de gewenste effecten worden bereikt.
Ze krijgen hulp uit onverwachte hoek. Ondanks de toch al hoge inflatie wil de meerderheid van de Nederlandse consumenten een euro meer betalen voor een kilo vlees. Onder één voorwaarde: die euro moet naar de boer gaan en de boer moet die euro gebruiken om het bedrijf te verduurzamen.
We willen wel meer betalen
Dat bleek uit een onderzoek onder ruim 1000 Nederlanders door de True Animal Protein Price Coalition (TAPPC). De uitkomst kwam woensdag naar buiten. Die extra euro levert jaarlijks 600 miljoen euro op. Het resultaat verrast vanwege de enorme inflatie: varkensvlees en kip stegen in één jaar 5 procent in prijs. Rundvlees werd zelfs 34 procent duurder.
Respondenten willen wel de garantie dat die geld op een transparante manier wordt gebruikt voor dierenwelzijn, stikstof, klimaat en natuur.
Hoe bereid zijn stemmers van de verschillende politieke partijen om een euro extra te betalen voor een kilo vlees? Die vraag stelde TAPPC in 2023 en 2025. Beeld: True Animal Protein Price Coalition
Rondgang in het Noorden
Hoe die euro bij de boeren terecht moet komen, vroeg TAPPC-directeur Jeroom Remmers aan een aantal Noordelingen.
Alex Datema, directeur Food & Agri Nederland bij Rabobank en melkveehouder in Briltil, vindt de geplande prijsverhoging sympathiek omdat ze als doel hebben de verduurzaming te betalen en te versnellen. Voor de Rabobank is hij bezig om een systeem te bedenken waar boeren de ‘true value’ krijgen voor hun producten. Dat is een methode om de echte kosten van een product te bepalen door naast de directe productiekosten ook de verborgen maatschappelijke kosten en opbrengsten voor milieu, mens en dier mee te berekenen.
„Maar door de prijs te verhogen, werk je aan de ‘achterkant’ van het verhaal”, vindt SP-Kamerlid Beckerman uit Groningen. Volgens haar is zeer de vraag hoe die 600 miljoen verdeeld wordt. Boeren hebben er volgens haar meer aan als ze vooraf verzekerd zijn van een hogere beloning bij extra milieu-inspanning.
Sandra Ronde van de Streekboer (een boodschappenbezorgdienst van biologische groenten en fruit) werd ook gevraagd. Zij is groot voorstander en probeert in haar eigen bedrijf al een eerlijke prijs voor de boer door te berekenen aan klanten.
0% op groente en fruit
Jongeren zijn het vaakst voorstander van de prijsverhoging, blijkt uit het onderzoek. Ook vindt een meerderheid van de respondenten dat vlees en zuivel onder het hoge btw-tarief van 21% zou moeten vallen. Groente en fruit zouden vrijgesteld moeten zijn. Op die manier hoeven boodschappen gemiddeld genomen niet duurder te worden.
Uit verkiezingsprogramma’s komen de volgende maatregelen: D66 wil een consumptiebelasting op vlees en zuivel invoeren (opbrengst: 1,5 miljard euro). Volt alleen op zuivel (opbrengst: 300 miljoen euro). GroenLinks-PvdA, ChristenUnie en Volt hebben daarnaast een heffing op de slacht van dieren in hun programma opgenomen.
Het idee achter zulke maatregelen is dat we minder dierlijke producten gaan eten. Dat helpt bij de omslag naar een kleinere veestapel, iets wat alle partijen behalve BBB en JA21 willen. Partijen die hun programma niet hebben laten doorrekenen, zoals PVV, zijn hierin niet meegenomen.