Het Gerrit Krolbrug Comité verzamelde vorige week in drie dagen tijd 3000 handtekeningen voor een even lage nieuwe brug. In totaal tekenden al ruim 5500 mensen een petitie. Foto: Archief Peter Wassing
Rijkswaterstaat wil een brug over het Van Starkenborghkanaal in Groningen vervangen door een opgehoogd exemplaar en krijgt te maken met aanhoudend protest van omwonenden en fietsers. Hebben zij een punt?
Zelden is over een nieuwe brug zoveel te doen geweest als over de Gerrit Krolbrug over het Van Starkenborghkanaal in Groningen. Dat heeft niks te maken met de unieke constructie (een ponton-draaibrug uit 1936), maar alles met de inspraak.
Rijkswaterstaat wil een robuuste en uniforme route waar schepen vlot doorvaren. Dat moet aanvaringen met bruggen, vrachtschepen onderling en met pleziervaart voorkomen. Dan is er nog de verbreding van het kanaal. De vaarweg Lemmer–Delfzijl wordt geschikt gemaakt voor langere en bredere schepen, die 2500 in plaats van 1350 ton vracht mogen vervoeren.
Wat vinden bewoners, gebruikers en bezoekers er eigenlijk van?
Met zo’n dossier houdt het meestal op voor burgers en lokale politici. Ze zien de brug wel komen. Maar in Groningen verenigden burgers zich namens achttien wijken en organisaties (onder meer Beijum, Korrewegwijk, Fietsersbond en Toegankelijk Groningen). Het Gerrit Krolbrug Comité vroeg zich hardop af wat bewoners, gebruikers en bezoekers van de stad eigenlijk van zo’n nieuwe brug vinden.
In plaats van het ontwerp stilzwijgend over te laten aan technocraten – in dit geval waterwegspecialisten van Rijkswaterstaat – keek het mee, zocht het zelf dingen uit en kwam het met alternatieven. De hartenwens van de burgers – een brug van 3 meter hoog; in beide gevallen zijn de vaste loopbruggen met 9,70 meter gelijk – werd door tussenkomst van gemeenteraad en Tweede Kamer op dezelfde manier onderzocht als de hogere varianten van 4,50 en 5,70 meter.
Een huzarenstukje
Dat was een huzarenstukje, omdat gemeente, provincie en Rijkswaterstaat allang overeenstemming hadden over een brug van 4 (later 4,50) meter hoog. Die variant van 5,70 meter bleek niet maakbaar, die van 3 en 4,50 wel.
Beide moeten bijna even vaak omhoog. Alleen voor de recreatievaart zou de lage brug gemiddeld 53 minuten per dag langer openstaan (in totaal 2 uur en 23 minuten). Mensen wachten graag even op een plezierbootje, als ze in ruil daarvoor 21 uur en 37 minuten per dag geen last hebben van een hogere brug. Tijdwinst boeken ze toch: de trage draaibrug was dagelijks 3 uur en 13 minuten dicht.
Kloof met de bevolking
Afgezet tegen de aantallen weggebruikers (22.000) en schepen (30) zou je verwachten dat de verfrissende inbreng en opinies serieus zijn genomen. En dat op zo’n plek midden in de stad extra rekening wordt gehouden met fietscomfort, (sociale) fietsveiligheid en de inpassing.
Daar is het immers om te doen in de discussie over de bestuurscultuur en de kloof met de bevolking. De brug hoeft immers ook bijna niet open. Dat is nogal een verschil met tunneltjes en viaductjes waar je niet zonder kunt voor het passeren van spoor (bij 30 treinen per uur) of snelweg.
Toch wees de verantwoordelijke stuurgroep – Rijkswaterstaat, gedeputeerde Fleur Gräper (D66) en wethouder Philip Broeksma (GroenLinks) – het burgeralternatief af. Belangrijkste reden: de grote gevaren die Rijkswaterstaat ziet voor de veiligheid op het water.
Praktijk op het water komt niet altijd overeen met de theorie
Veiligheidsargumenten van specialisten zijn moeilijk te weerleggen, maar het comité verzette zich niet tegen een bredere vaarweg of grotere schepen. Het toonde wel aan dat de praktijk op het water niet altijd overeenkomt met de theorie. Zo wordt ook de hoge variant gewoon weer geramd als de stuurman van een chemicaliëntanker de brug, zoals in mei, opnieuw over het hoofd ziet.
Uniformiteit komt er op de vaarweg toch niet, concludeert het comité waarschijnlijk terecht. Er zijn al te veel verschillende bruggen en vaste viaducten gebouwd, en richtlijnen veranderen constant. De nieuwe bruggen in Aduard en Zuidhorn verschillen 26 centimeter. Onder de Noordzeebrug (9,10 meter) in Groningen, uit 2016, passen geen vier lagen high tube-containers. Al maak je de volgende brug hoger, die brug is maar zo niet weg.
Oostersluis is een blijvende barrière
Het comité ontdekte dat vaker hogere dan lagere bruggen worden geramd. De blijvende barrière voor de scheepvaart (de Oostersluis, 1300 meter verderop) maakt het voor veel mensen onbegrijpelijk dat Rijkswaterstaat en binnenvaart in deze specifieke situatie niet meer rekening houden met bewoners en vele gebruikers, en dat de stad geen poging doet om dat af te dwingen.
Tien jaar geleden kozen B en W bij de Sontbrug wel voor fietscomfort. Het ging toen om een brug van 3,80 of 5,60 meter. ,,In bijna alle gevallen zal de beroepsvaart ook bij 5,60 meter om een brugopening vragen. We kunnen dus evengoed voor een lagere brug kiezen’’, kreeg de gemeenteraad toen te horen. Die keus werd door alle partijen onderschreven. Er zat een bevestiging van brancheorganisatie Koninklijke Schuttevaer bij.
Bewoners spraken met schippers die daar nog steeds zo in zitten. Het is logisch dat waterwegmensen van Rijkswaterstaat ergens moeten beginnen met uniformiteit. Maar het is ook geen wonder dat gebruikers moeite hebben met de eenzijdige kijk op de brug.
Het verbeteren van opleidingseisen, communicatiesystemen voor begeleiding vanaf de wal en techniek (zoals hoogtesensoren die brugwachters waarschuwen) zorgen voor meer veiligheid dan een hogere brug, aldus het comité.
Uniformiteit bestaat niet op het water
Uniformiteit bestaat niet in de lucht, niet op het spoor, niet op de weg en natuurlijk ook niet op het water. Daar weten piloten, treinmachinisten en chauffeurs van lange en zware voertuigen alles van. Net zoals vrachtauto’s en bussen hoeven schepen niet tot diep in de stad door te denderen.
Bij de aanleg van de nieuwe ringweg wijkt Rijkswaterstaat van heel wat richtlijnen voor zo’n weg af, onder meer bij de maximumsnelheid en de rijstrookbreedtes. Met de huidige opstelling van B en W was dat Groningen nooit gelukt. Misschien is dat een wijze les voor de discussie over de Gerrit Krolbrug, woensdagavond.