WZA-bestuurder Hans Mulder. Foto: Marcel Jurian de Jong
Het nieuws dat een verpleegkundige van het Wilhelmina Ziekenhuis Assen (WZA) mogelijk betrokken was bij de dood van meerdere patiënten sloeg in als een bom. Niet in de laatste plaats bij WZA-bestuurder Hans Mulder. ,,Horen dat er zo’n strafrechtelijk onderzoek komt... Dat is voor iedereen zo’n heftige boodschap.”
Het landde in eerste instantie nog niet echt. Ja, GGZ Drenthe belde Hans Mulder, bestuurder van het Wilhelmina Ziekenhuis Assen, dat zij hem een brief zouden sturen. Een brief over een medewerker van het ziekenhuis.
Nou, stuur maar op. Hij zou er wel naar kijken. Het drong allemaal nog niet in volle omvang tot hem door.
,,Maar vervolgens krijg je die brief. En die las ik. En dan nog een keer. En nog een keer. En toen dacht ik: wat is dit?”
Mulder wacht even. Overpeinst, denkt terug naar dat moment, vorig jaar maart. En dan: ,,Dat je echt denkt: wat gaat dit betekenen? Voor nabestaanden. Voor medewerkers. Voor mijn ziekenhuis. Ja, dat was zo’n heftige boodschap.”
Hans Mulder leest dat vier medewerkers van GGZ Drenthe onafhankelijk van elkaar een verpleegkundige van zijn ziekenhuis hebben horen opbiechten dat hij mensen om het leven bracht. Tijdens zijn werk in het ziekenhuis gedurende de coronaperiode, toen de man als verpleger op afdeling B1 werkte. Die long- en neurologieafdeling wordt vanwege de wereldwijde pandemie omgebouwd tot een gesloten covidafdeling.
,,Ik dacht toen wel: welk pad moet je nou gaan belopen? Wat doe je op zo’n moment?” Hij neemt een heel select groepje in vertrouwen. Om al heel snel te concluderen: deze verdenking is zo ernstig, we moeten naar de politie.
Dan heb je met de coronapandemie als ziekenhuis al in een storm gezeten, met alle verdriet en ellende. En dan denk je in rustig vaarwater te komen om de basiszorg op orde te krijgen. En dan krijg je...
,,Ja. Zo heb ik het in het begin ook echt gevoeld. Ook voor onze medewerkers. Die knetter-, knetter-, knetterhard gewerkt hebben in de coronatijd. Een ongekende tijd waarin het soms wel oorlog leek in het ziekenhuis. Je bent er zelf bij geweest. Je hebt de emotie en het verdriet gezien. Bij nabestaanden, maar ook bij de verpleegkundigen van onze afdelingen. En dan komt zo’n strafrechtelijke bom er nog overheen. Dan weet je: hier moeten zij ook nog een keer doorheen. Terwijl het om mensen gaat, mijn medewerkers van B1, die echt een standbeeld verdienen.”
Covidpatiënten worden in april 2020 behandeld op de intensive care van het Wilhelmina Ziekenhuis Assen. Foto: Marcel Jurian de Jong
„En de nabestaanden... Die tijdens de pandemie niet of nauwelijks afscheid konden nemen van hun geliefden. En die dan ook te horen krijgen dat er zo’n strafrechtelijk onderzoek komt... Dat is voor iedereen zo’n heftige boodschap.”
Die u moest overbrengen.
,,In het begin moesten we het echt heel klein houden. In dat kleine kringetje van mensen, op een hand te tellen, voerden we hier echt emotionele gesprekken over. Best zwaar voor dat groepje, denk ik nu.”
Hans Mulder houdt in die tijd de hoop dat het allemaal niet klopt. Dat hij niet de gang naar de voormalige covid-afdeling B1 hoeft te maken om de verpleegkundigen en artsen in te lichten over de verdenkingen tegen hun collega.
,,Ik zat als ziekenhuisbestuurder opeens in een wereld die niet de mijne is. Met officieren van justitie, met politie en een recherche-achtige omgeving. Ik heb nachten wakker gelegen en lang gedacht: hoe ga ik dat nou doen met deze groep? Hoe ga ik ze zo’n boodschap vertellen?”
Dan bedoelt u aan de medewerkers van afdeling B1?
,,Ja. Er komt een moment dat je het nieuws moet vertellen. Dat verpleegkundigen en dokters van het WZA verhoord moeten gaan worden door de recherche. Dat heeft impact. Dat is echt heel pittig geweest.”
Anderhalve maand na de brief moest u toch het personeel informeren: jullie hebben samengewerkt met iemand die zegt dat hij tijdens zijn dienst mensen om het leven heeft had gebracht. Kunt u ons meenemen hoe dat ging?
,,Ja... dat was echt wel... tja...”
Hans Mulder werkt al een kwart eeuw in het ziekenhuis. Als apotheker. In die hoedanigheid schoof hij ook dagelijks aan bij het Crisis Beleids Team (CBT) van het ziekenhuis tijdens de covidperiode. Waar de moeilijke beleidskeuzes moesten worden gemaakt. Hebben we genoeg bedden voor de coronapatiënten? Wie mag wel en wie niet naar de intensive care. Het is een heftige periode voor de betrokken afdelingen. Waar de mensen werken die hij, die 19de april 2023, moet vertellen dat hun naaste collega is gearresteerd voor mogelijke betrokkenheid bij de dood van ‘zo’n twintig patiënten’.
,,Ik krijg er nog kippenvel van. Het is emotioneel.”
Hoe was het voor hen?
,,We hadden twee sessies. Direct na elkaar, want we wilden niet dat onze mensen het via de krant zouden horen ofzo. En dat was de eerste keer dat ik... van die spreekkaartjes gebruikte. Daar ben ik helemaal niet van. Gooi er bij mij een kwartje in en ik praat wel. Maar dit wilde ik echt, nee, moest ik even goed hebben. Dat ik het juiste verhaal kon vertellen. En terwijl ik op die kaartjes aan het kijken was, zocht ik wel in de zaal: wat doet het nou met jullie?”
Wat zag u?
,,In eerste instantie dachten ze dat het iets met financiën was. Want we hadden niet gezegd waar het over ging, maar wel dat het belangrijk was om aanwezig te zijn. Dat de baas van het ziekenhuis de mensen zou toespreken. Ze dachten echt: de boodschap wordt dat het financieel niet goed gaat met het WZA. Maar dat was totaal niet aan de orde.”
De boodschap over de verdenking tegen de dan 29-jarige collega komt keihard binnen. Mulder vertelt dat veel collega’s in tranen uitbarsten. Elkaar huilend vasthielden. ,,Dat waren twee heel emotionele bijeenkomsten. Maar waar ik achteraf goed op terugkijk. Dat heb ik bewust niet zakelijk gedaan. Het zou ook zomaar kunnen dat de hele afdeling heeft gezien dat ik emotioneel was. Dat het mij ook echt veel deed. Nu ik het zo zeg, het doet me nu ook weer wat.”
Het voelde als een ,,ondraaglijke boodschap” die hij aan zijn medewerkers moest geven. Maar wel een die is zoals die is. ,,Ik heb verteld dat we hier met elkaar doorheen moeten. En dat we elkaar moeten vasthouden. Dat iedereen steun kan krijgen. Wat dat betreft hebben we het als WZA echt goed gedaan.”
U zei twee bijeenkomsten.
,,Ja, de tweede was met de leidinggevenden van het hele ziekenhuis. Ook daar was veel ongeloof. En angst. Wat betekent dit voor het ziekenhuis? Wat gaat er over je heen komen? En ook daar heb ik ook achteraf heel veel positieve berichten over gekregen. Dat ik dat menselijk had gedaan. Maar dat wilde ik juist ook. Niet de afstandelijke bestuurder die even zakelijk vertelt wat er aan de hand is. Mensen mogen best zien dat het wat met mij doet.”
WZA-bestuurder Hans Mulder. Foto: Marcel Jurian de Jong
Er zijn maar weinig bestuurders die in hun leven ooit zo’n boodschap moeten overbrengen, dus dat is toch niet zo gek?
,,Dat vond ik dan ook wel weer het mooie van het WZA hè. Die eerste twee weken: die enorme saamhorigheid. Net zoals bij corona. Het gevoel dat je het met elkaar doet.”
U kreeg veel positieve berichten over een intern filmpje, waarin u de medewerkers een hart onder de riem wilde steken.
,,Ja, dat is een heel bewuste keuze geweest. Ik was heel zichtbaar en wilde dat ook zijn. Hoe vaak ik wel niet door het ziekenhuis ben gelopen. Of even naar B1 ben gegaan. Om met de mensen te spreken. Vragen hoe het met ze gaat. Even in de koffiekamer zitten. Ik bedoel, de verpleegkundigen van B1, daar heb ik nu een andere connectie mee. En zeker ook de verpleegkundigen die verhoord zijn. Er waren een paar echt verdrietig. Die verhoren hebben serieus forse impact gehad. Dat kan ik niet oplossen, behalve dan door er af en toe bij langs te lopen.”
„En dan is het voor mij nog makkelijk. Want ik ben misschien het gezicht naar buiten. Maar de direct leidinggevende en de zorgmanager van deze medewerkers, zij moesten de verpleegkundigen vertellen dat ze verhoord moesten worden. Zij vingen de mensen op als ze uit het politiebureau kwamen. Zij hebben die directe emotie nog veel meer gevoeld dan ik. Vergis je niet in wat een impact deze zaak heeft gehad en heeft op ons ziekenhuis en de werkvloer.”
Als zo’n brief binnenkomt gaan de gedachten naar nabestaanden en medewerkers. Had u ook vrees voor de goede naam van het WZA?
,,Natuurlijk is dat zo. Die verantwoordelijkheid heb ik heel erg gevoeld. Maar we hebben echt veel steun gehad. Op sociale media. Maar ook van patiënten die zeiden: het is ons WZA. De afdeling B1 heeft heel veel kaartjes gekregen met steunbetuigingen. Van mensen die wilden laten weten: wat hier mogelijk is gebeurd, zegt niets over het ziekenhuis of de zorg.”
Ik heb gevraagd of ik mensen van B1 mag spreken. U wilt dat niet. Waarom niet?
,,Kijk, de impact die dat heeft... onderschat het niet. Zij willen ook iets afsluiten. Als ik kijk naar de emoties in de eerste weken. Je rakelt het dan ook weer op. Daar wil ik ze graag voor weghouden. Dan ga ik voor mijn mensen staan.”
Hoe gaat het nu met de mensen van B1?
,,Een deel heeft er nog last van, vooral de mensen die zijn verhoord door de politie. Die indringende vragen hebben moeten beantwoorden van rechercheurs. Niet alleen de verpleegkundigen, maar ook de longartsen. Je gaat toch denken: hebben wij nou iets gemist? Dat is natuurlijk een vraag die mensen hebben.”
Heeft u de afgelopen tijd wel eens gedacht: het verhaal van deze verpleegkundige kan niet kloppen. Want de sterftecijfers van het WZA tijdens de coronaperiode waren helemaal niet zo hoog, toch?
,,Ik dacht natuurlijk wel: is dit nou logisch? Zeker als je kijkt naar de mortaliteitscijfers van het WZA. Die zijn niet hoger dan bij andere streekziekenhuizen. Sterker nog: lager. Maar ik heb wel heel snel gedacht na de aangifte: het is uit mijn handen. Het OM gaat onafhankelijk onderzoek doen. Wat moeten wij dan nog? Ik had geen enkel aanknopingspunt. Er was een verdachte en er lag een verdenking. Zolang dat zo is, had ik niks te onderzoeken. Ik zou de inzet van justitie alleen maar frustreren.”
U heeft nooit de naam van de verdachte willen noemen toch?
,,Dat heb ik altijd heel bewust niet gedaan. Ik heb ook altijd gezegd dat het om een verdenking gaat. Hij was een verdachte. Dus over hem heb ik zo min mogelijk willen vertellen. Alleen toen wij hem op non-actief hadden gezet vanwege het strafrechtelijk onderzoek heb ik over hem gesproken. Dat was nodig om duidelijkheid te geven voor de buitenwereld. Die hadden vragen zoals: is er kans op herhaling? Dat antwoord was dus: nee.”
WZA-bestuurder Hans Mulder Foto: Marcel Jurian de Jong
De man is nu geen verdachte meer. Komt hij dan straks terug in het WZA als verpleegkundige?
,,Nee. De arbeidsovereenkomst is beëindigd. Er is een behoorlijke vertrouwensbreuk geweest. Waardoor het niet meer mogelijk is om in het WZA te werken.”
Het feit dat hij tegen vier GGZ-medewerkers en aan mensen in zijn eigen omgeving heeft gezegd wat hij mogelijk zou hebben gedaan, is dat dan de vertrouwensbreuk waar u over spreekt?
,,Jazeker. Dit was wel zodanig dat het echt niet mogelijk voor hem was om terug te keren. Ik heb hem zelf niet gesproken. Bewust niet, ook omdat hij verdachte was. Er is wel met hem gesproken, maar dat heeft iemand anders gedaan van de afdeling personeelszaken. Vanwege de beëindiging van het contract.”
De medewerkers zijn ook weer door u ingelicht over de beslissing van justitie?
,,Ja, daar hecht ik aan. Het is wel een boodschap met een ander gevoel natuurlijk. Kijk, ik vind het een heel onbevredigende conclusie. Allerlei vragen worden niet beantwoord en er komt ook geen heldere conclusie. Dat is een harde dobber.”
Waarom vindt u het onbevredigend?
,,Voor de wet is er duidelijkheid. Maar je hoopt natuurlijk op een uitspraak als: volledig schuldig of volledig onschuldig. Dat we volmondig kunnen zeggen: het is niet gebeurd. Of volmondig: het is wel gebeurd. Dan heb je een zwart-wit-antwoord. Het is nu toch een beetje grijs. Ondanks het feit dat het OM niks strafbaars heeft gevonden. Mijn mensen, maar zeker ook nabestaanden blijven met die onzekerheid zitten. Dat knaagt. ”
Doet het WZA nog wat richting nabestaanden?
,,We nemen volgende week contact op met alle nabestaanden. Een heleboel, de meesten eigenlijk, waren tevreden over hoe wij hen informeerden. We willen ook echt in gesprek blijven. Kijk, een deel zal boos reageren op het nieuws. Een deel verdrietig. Wij blijven openstaan voor gesprekken.”
Mulder vertelt dat hij het afgelopen jaar de film wel honderd keer heeft afgedraaid: had hij het anders kunnen doen? Moeten doen misschien? Helemaal met de kennis van nu. Het zal er niks aan veranderen, zegt de ziekenhuisbestuurder.
,,Als je toch zo’n melding krijgt... Die kun je niet onderin een lade stoppen. Daar moet je iets mee. Nee, ik denk echt dat we het juiste hebben gedaan. Als ik zie hoe we elkaar echt vastgehouden hebben in deze hele casus in dit huis... Daar ben ik in die zin trots op. We moeten het met elkaar een plek geven. Het OM heeft gewoon zijn uiterste best gedaan en daar is het sepot uitgekomen. Daar kunnen wij van alles van vinden. Maar dat zullen wij moeten... Ja, daar hebben we het mee te doen.”