Het levensmotto van een moedige vriendin, in te zetten in allerlei situaties: als je als beginnend skiër bovenaan een uitdagende helling staat, of wanneer je een lezing geeft, en dat niet zo vaak doet. Of wanneer je het gesprek met een vriend aangaat over iets wat je dwars zit.
Kortom: als je ergens angst voor voelt, maar daar niet naar besluit te luisteren. Hup, gaan, actie! Lef tonen en ervaren wat je ervoor terugkrijgt. Over het algemeen genomen werpen de angstige gedachten van veel mensen een drempel op om moedig en voluit te leven.
Achter gesloten deuren
Els had genoeg aanleiding om bang te zijn. Ze was dertig jaar getrouwd met haar echtgenoot Rob. Voor de buitenwereld een innemende, charismatische man. Had een heldere visie op het leven, kwam gemakkelijk uit zijn woorden. Achter gesloten deuren kregen zijn vriendelijke woorden soms stekels. Werden ze gemeen, stekend, zwart. Uitgespuwd met frustratie en iets wat familie kon zijn van haat.
Het gebeurde gelukkig niet zo vaak, en hij sloeg haar niet, zei Els, in een poging de keiharde woorden te verzachten. En toch bleef ze na zo’n uitbarsting achter als een bokser in de ring. Hangend in de touwen. Bont en blauw in haar emoties. Haar zelfbeeld gekneusd.
Froukje Jackson
Froukje Jackson en Irma van Steijn zijn beiden GZ-psycholoog bij Maarsingh & van Steijn. Froukje in Groningen en Irma in Leeuwarden. Zij schrijven om en om een wekelijkse geanonimiseerde column over wat zij meemaken in o.a. de spreekkamer. E-mail: f.jackson@maarsinghenvansteijn.nl of i.vansteijn@maarsinghenvansteijn.nl.
Het stel had besloten dat Els minder ging werken toen hun kinderen geboren waren, zodat er iemand thuis was om voor hen te zorgen. Ze deed het vol liefde en overgave, maar zodra de jongste naar de middelbare school vertrokken was, laaide het vlammetje van ambitie weer op. Ze volgde een aanvullende opleiding en ging aan het werk als docent op de middelbare school.
Els voelt zich gezien
Hier maakte Els kennis met een andere kant van zichzelf. Ze voelde zich zelfverzekerd in deze nieuwe rol. Werd vrolijk van de uitdagingen, voelde zich gezien door complimenten van collega’s. Het maakte dat ze ging nadenken over haar leven tot nu toe. Over haar huwelijk. Na lang wikken en wegen besloot ze alleen verder te gaan.
Rob kon het niet verkroppen. Hij verzette zich bij de mediator, stond haar ’s avonds op te wachten. Het maakte Els bang, maar ze weigerde weer in haar schulp te kruipen en hield voet bij stuk.
Een jaar later woont Els in haar eigen huis en is de tijd rijp voor verwerking. De situaties met Rob hebben hun sporen nagelaten. Els wil er het liefst geen aandacht aan besteden. Werkt hard om het weg te drukken en te vermijden, maar heeft last van intense herinneringen, nachtmerries, gevoelens van schuld en schaamte.
Ik bespreek het verhaal van Els met mijn collega’s. Doen we er goed aan om te starten met EMDR (traumaverwerking)? Of moeten we de vermijding eerst aanpakken? Mijn collega zegt: ‘Vaak ben je te bang. Uit onderzoek blijkt dat behandelaren terughoudend zijn met inzetten van traumabehandeling als vermijding zo sterk aanwezig is, terwijl cliënten daar juist baat bij kunnen hebben, en behandeling het vermijdingsgedrag kan doen afnemen’.
De ironie van de situatie raakt me. Mijn zorgvuldige aarzeling houdt Els in essentie opnieuw klein. Zij had moed getoond. Nu is het mijn beurt.