Soms is liefde zo sterk, dan heb je niet in de gaten dat je langzaam maar zeker in de ander verdwijnt. Maar hoe nou verder als die ander er niet meer is?
Heleen en Martin hadden niet veel meer nodig dan elkaar. En hoewel Martin soms vreselijk koppig kon zijn hield ze zielsveel van hem, misschien wel juist om zijn eigenheid. Martin had een krachtige persoonlijkheid, maar zijn lichaam werd ernstig ziek en had steeds meer zorg nodig. Het meeste leed hij nog onder zijn toenemende afhankelijkheid. Heleen verzorgde hem zo goed als ze kon en werd naast partner ook mantelzorger en bewaker van zijn fysieke gesteldheid. Ze stond altijd ‘aan’, jarenlang.
Irma van Steijn
Froukje Jackson en Irma van Steijn zijn beiden GZ-psycholoog bij Maarsingh & van Steijn. Froukje in Groningen en Irma in Leeuwarden. Zij schrijven om en om een wekelijkse geanonimiseerde column over wat zij meemaken in o.a. de spreekkamer. E-mail: f.jackson@maarsinghenvansteijn.nl of i.vansteijn@maarsinghenvansteijn.nl
Martin overleed in november en de leegte die Heleen hierna ervaarde is immens. Tijdens de intake vertelde ze dat ze het niet erg zou vinden als ze morgen niet meer wakker zou worden, ze had geen idee hoe ze verder moest leven zonder hem. Eigenlijk bestond ze alleen met hem, zo voelde het. En hoewel ze het probeerde weg te drukken werd ze voortdurend overspoeld door ontredderde beelden van gebeurtenissen waarin Martin veel pijn had en soms ook volstrekt de weg kwijt was. De beelden bleven maar komen, het was niet te doen.
Hij was zoveel meer dan dat
Deze week zien we elkaar voor de zevende keer. Samen zijn we op zoek gegaan naar manieren om op andere manieren aan Martin te denken, niet alleen aan de pijnlijke en verdrietige momenten, hij was immers zoveel meer dan dat. Ook leerde ze de akelige beelden in stukjes te knippen, in gedachten ernaartoe te gaan, maar er ook weer uit te kunnen, dat gaf grip. En ze moest van mij werken aan contact met andere mensen, weer wat werken, sporten, naar buiten. Ze doet het allemaal, omdat ze weet dat het goed is, maar zo voelt het nog niet, alles voelt vlak.
Heleen vertelt me vandaag dat Martin vlak voor zijn overlijden had aangegeven dat hij haar na zijn dood zou bezoeken, hij zou een teken geven. Ze had er weinig aandacht aan besteed, maar toch hoopte ze al maanden op een klop op de muur, een licht dat zou knipperen, of wat dan ook. Het was een teleurstelling, Martin liet zich niet zien.
De Vlaamse Gaai liet een wit veertje los
Tot vorige week. Het was de mooiste Vlaamse Gaai die ze ooit had gezien, hij streek vlak bij haar neer en bij het opstijgen liet hij een wit veertje los, dat sierlijk haar kant opdwarrelde. En hoewel ze het verstandelijk een belachelijke gedachte vond dat dit een teken van Martin zou kunnen zijn, voelde het van binnen opeens warm, haar hart maakte een sprongetje.
Terwijl ze me dit aan het vertellen is, houdt ze opeens haar adem in, haar woordenstroom stopt en ze kijkt met grote ogen recht voor zich uit, dwars langs me heen. Ik volg haar blik en draai me om, blijkbaar is er iets achter me dat haar aandacht pakt. In mijn binnenstad-achtertuin zit opeens een Vlaamse gaai, zo’n vogel zit daar nooit. Hij kijkt parmantig naar binnen en fladdert dan weer weg.
We zijn beiden helemaal stil. Toeval bestaat (niet), toch?