Visboer Mark Smit (links) werkt al op een proefvlak met platte keien, rechts zijn dochter Nienke Schomaker-Smit. Foto: Corné Sparidaens
Zeg maar dag tegen de iconische bolle keien op de Vismarkt in Groningen. De stenen op het plein worden afgevlakt. „Ze zijn prachtig om te zien, maar verschrikkelijk om de hele dag op te werken.”
Last van de knieën, heupklachten en problemen met de rug. Iedere marktkoopman die op de Vismarkt werkt en urenlang op de bekende bolle keien staat, kan er over meepraten. Maar als het aan de marktkooplui en de gemeente Groningen ligt, komt daar verandering in.
Alle keien gaan er tijdens een grote metamorfose uit. Ze worden in België door een speciaal bedrijf afgevlakt en daarna in Groningen teruggeplaatst. De gemeente wil niet vooruitlopen op hoe lang de klus duurt, wanneer het wordt gedaan en wat het gaat kosten, omdat het college van burgemeester en wethouders er formeel nog een besluit over moet nemen. Ook moet de gemeenteraad nog groen licht geven.
Lichamelijke klachten
Maar op de markt is er geen twijfel meer over: dit gaat gebeuren. Dick van der Tuin (57) van de gelijknamige groente- en fruitkraam prijst de meewerkende houding van de gemeente. „We zijn echt heel goed met elkaar in gesprek. Dat is niet overal zo.”
Dick van der Tuin staat al meer dan veertig jaar op de markt. ,,En dat voel ik wel." Foto: Corné Sparidaens
Meer dan veertig jaar staat Van der Tuin al op de Vismarkt. En dat voelt-ie. Zo’n beetje zijn hele leven loopt-ie al op steunzolen en hij kocht speciaal een verhoogde kar. Daar kan hij alleen niet zijn hele assortiment kwijt, dus blijft hij deels veroordeeld tot de grond. „En dat tien tot twaalf uur per dag”, verzucht hij. „Het aanzicht van de Vismarkt is prachtig. Echt fantastisch. Maar het is verschrikkelijk om op te werken en heel slecht voor je lichaam.”
Dat zegt ook Mark Smit (55) van Vishandel André Smit. Hij is de vierde generatie in de vishandel en stapte in april 1994 bij zijn vader in de zaak. „Als jonge vent liep ik dertig jaar geleden al te brullen dat we kapot gaan aan die stenen”, zegt hij. De Vismarkt is toen al eens vernieuwd, maar stenen afvlakken was te duur. Ook Smit kocht een verhoogde kar, maar verreweg het grootste deel van zijn zaken doet-ie met beide benen op de grond. „De markt hoort op stenen te zijn”, zegt hij resoluut. „Ik wil mijn klanten in de ogen kijken.”
Proefvlak
Ter hoogte van Huize Maas ligt op de Vismarkt al een proefvak met afgevlakte stenen van een aantal vierkante meter. Precies op de plek van de vishandel. „De gemeente wilde graag zien hoe dat eruit zou zien en wat het effect zou zijn”, verklaart Smit. „En wij hebben er nu al heel veel baat bij.”
Het verschil tussen de bolle keien en het platte proefvlak is duidelijk zichtbaar. Foto: DVHN
Dochter Nienke Schomaker-Smit (22) staat op dat afgevlakte proefvlak vaak kibbeling en lekkerbekjes te bakken. „De hele markt is toch een beetje hobbeldebobbel”, vertelt ze. „Nu staan mijn voeten plat. Dat is veel fijner.” Ze is met haar begin twintig piepjong, maar ook zij voelt het na elf uur op bolle keien in haar heupen. Sinds ze op het proefvlak werkt, heeft ze minder last. „Opa had al een kunstheup en -knie en ik denk dat papa op den duur ook aan de beurt is met zijn heup.”
Haar vader lacht die opmerking een beetje weg, maar Mark Smit wordt meteen gecorrigeerd door zijn vrouw. Ook hij heeft heupproblemen, bekent-ie. „We hebben sowieso een zwaar beroep, maar nee, deze stenen helpen niet mee.”
Beter voor marktgangers
Een nieuwe strakkere Vismarkt is niet alleen voor de marktkooplui een goede zaak, zeggen Smit en Van der Tuin, maar ook voor hun klanten. „Het is voor hen soms ook verschrikkelijk met al die voegen en gaten”, zegt Van der Tuin. „Heb je wel eens iemand met hakken over de markt zien lopen?”, grijnst Smit. „Ook voor ouderen wordt het veel prettiger. Ook als de markt er niet staat, want nu nodigt de Vismarkt niet uit om te flaneren.”
De kinderkopjes op de Vismarkt worden afgevlakt. Foto: Corné Sparidaens
Bijkomend voordeel is volgens Nienke Schomaker-Smit dat de afgevlakte stenen minder glad zijn dan de bolle keien. Normaal gesproken strooide ze zout om de gladheid tegen te gaan, ook als het niet vroor. Dat hoeft bij de afgevlakte stenen niet, zegt ze.
De marktkooplui rekenen erop dat het plein stapsgewijs wordt aangepakt, waardoor steeds een aantal kramen tijdelijk een aantal maanden verhuizen naar een plek naast de Korenbeurs en Akerk. „Verplaatsing kost altijd omzet”, zegt Smit schouderophalend. „Maar we moeten denken aan het eindresultaat en ik denk dat het echt heel mooi wordt.”