Ruslandexpert Hans van Koningsbrugge Foto: Corné Sparidaens
Hans van Koningsbrugge, hoogleraar Russische Geschiedenis en Politiek aan de Rijksuniversiteit Groningen, geeft elke zaterdag zijn commentaar op de oorlog in Oekraïne. Vandaag aflevering 227.
„Zelensky is druk bezig een paar hooggeplaatste figuren in de regering van Oekraïne te vervangen. Zo heeft hij Kyrylo Boedanov, die goede connecties heeft met Washington, benoemd tot kabinetschef. Verder wil hij vicepremier Mychajlo Fedorov aanstellen als minister van Defensie.
Fedorov was voorheen verantwoordelijk voor het drone-programma van het Oekraïense leger. Dat betekent dat Zelensky in de strijd tegen Rusland nog meer wil inzetten op drones. HIj kan niet anders, want zijn leger heeft te kampen met een steeds groter tekort aan manschappen.
‘Het duurt lang voordat Oekraïense piloten voldoende vlieguren hebben opgebouwd’
Met drones boekt het Oekraïense leger ook veel succes. Er zijn deze maand door drones zelfs meer soldaten buiten gevecht gesteld dan de aanwas van het Russische leger. Verder worden drones bijna elke nacht ingezet om in Rusland raffinaderijen, gasopslagplaatsen en havens aan te vallen.
Er wordt me weleens gevraagd hoe het zit met de F-16’s, die Oekraïne van onder meer Nederland heeft gekregen. Het heeft ermee te maken dat de programma’s van verkrijging, training en uitvoering onder Nederlandse supervisie pas net voltooid is. Het duurt lang voordat Oekraïense piloten genoeg vlieguren hebben opgebouwd.
De F-16’s van Noorwegen die al wel inzetbaar zijn, heeft Oekraïne vooral gebruikt voor het onderscheppen van Russische drones. In toenemende mate worden ze ook ingezet als aanvalswapen, bijvoorbeeld voor het afschieten van glijbommen op Russische doelen.
‘Het vergt veel van het Oekraïense leger’
Naarmate Oekraïne meer luchtafweer, zoals Patriot-batterijen, van westerse landen krijgt, heeft het meer F-16’s beschikbaar voor andere doeleinden. Maar primair kiest Oekraïne in deze oorlog voor het redden van mensenlevens en niet voor militaire doelen.
Wat ook meespeelt bij de inzetbaarheid van straaljagers is de grote diversiteit van de Oekraïense luchtmacht. Die bestaat uit een allegaartje van alles en nog wat. Het heeft net MiG-29 van Polen gekregen en is ook bezig met Franse Mirages en Zweedse Saab Gripen. Dat vergt veel van het Oekraïense leger, hoewel het daar heel flexibel mee omgaat.
Dat Oekraïne gokt op een ruimere inzet van drones is op zich een goede strategie, maar het maakt het land wel kwetsbaar. In de honderden kilometers lange frontlinie vallen nogal wat gaten. Maar het is vooral het gebrek aan mankracht dat Oekraïne momenteel opbreekt.”