Wieringa in zijn natuurlijke habitat. Foto: Nienke Maat
Twintig jaar loopt Jacco Wieringa uit Groningen rond met een goedaardige hersentumor die uitgroeit tot het formaat van een biljartbal. Zelf merkt hij er niets van, maar zijn omgeving trekt aan de bel. Hij revalideert en gaat aan de haal met het Nederlands kampioenschap poolbiljart.
„Jarenlang leefde ik in een film zonder contact te maken met mensen en zakte ik steeds verder weg. Ik kreeg niks mee, totdat ik wakker werd op de intensive care in het Martini Ziekenhuis”, vertelt Jacco Wieringa (55).
Wieringa uit Groningen is een topsporter pur sang. Van kleins af aan waterpoloot hij op hoog niveau, maar doordat hij langzamerhand last krijgt van zijn rechterschouder, maakt hij op 28-jarige leeftijd de overstap naar poolen. Ook daar verdient hij zijn strepen.
Wieringa heeft een goed leven met een goede baan en zonder financiële zorgen. Hij werkt met plezier als onderwijsassistent bij het Maartenscollege in Haren. Toch raakt Wieringa zijn baan kwijt, stapelen de problemen zich op en komt hij steeds minder buiten.„Het was megafrustrerend. Zelfs een huisarts bij wie ik zes keer ben geweest, kon mij niet helpen. Hij wist ook niet wat er aan de hand was.”
Aantoonbare klachten
Zijn vriendin Miranda (50) uit Stadskanaal, die hij vier jaar geleden online ontmoet, merkt samen met zijn ouders en een goede vriend duidelijke veranderingen op. „Vrienden vroegen: weet je dat niet meer? Dat heb ik gisteren nog gezegd. Hoe kan dat?”, zegt Miranda.
Jacco traint in het Oude RKZ. Foto: Nienke Maat
Wieringa wordt steeds vergeetachtiger en vermoeider. Op een gegeven moment slaapt hij 23 uur per dag. Ook krijgt hij parkinsonachtige verschijnselen: zijn ledematen trillen onverwachts en hij moet zijn benen meeslepen. Daarnaast wordt hij incontinent. „Op een dag nam hij een hele strip paracetamol en ibuprofen en had nog steeds hevige hoofdpijn. Dat kan niet goed zijn. Met kerst 2023 hebben we hem daarom verplicht naar het ziekenhuis gestuurd.’’
Net zo groot als een biljartbal
Op kerstavond 2023 wil het Martini Ziekenhuis hem vanwege de drukte niet opnemen, maar zijn 94-jarige vader staat er de volgende dag op. Wieringa’s hoofdpijn wordt erger. „We stoppen hem nu in de taxi en jullie gaan hem onderzoeken”, zegt hij woest aan de telefoon. „Als mijn vader dat niet had gedaan, was ik dood geweest’’, zegt Wieringa.
Tijdens de kerstdagen ondergaat hij een CT-scan en een MRI. De uitslag is schokkend. De chirurg heeft zelden zoiets groots gezien. „Aan de rechterkant van mijn hoofd zat een goedaardige tumor ter grootte van een biljartbal. Bijna een derde van mijn hersenen. Doordat die groeide en op mijn hersenen drukte, vielen steeds meer functies uit.”
Hij moet met spoed worden geopereerd. Enkele dagen later volgt de zware ingreep. Artsen scheren een deel van zijn lange haren af en maken een opening in zijn schedel. „Ze konden niet garanderen dat ik daarna nog kon lopen, praten of mijn coördinatie zou behouden.”
Conditie opbouwen
De operatie verloopt succesvol. Op 2 januari 2024, acht dagen later, mag Wieringa het ziekenhuis verlaten. Een mirakel. Toch begint het herstel dan pas: hij moet opnieuw leren lopen en zijn conditie vanaf nul opbouwen. „Na de operatie woonde ik een maand bij mijn ouders. Dat voelde vreemd: mijn vader was toen 94 en mijn moeder 83. Zij hebben zelf bijna hulp nodig en zorgden ineens weer voor mij. Daar zette ik mijn eerste stappen. Ik ging elke dag even naar buiten, al was het maar vijf minuten.”
Jacco’s hersenoperatie verliep succesvol, maar moest vanaf het begin weer beginnen. Foto: Nienke Maat
Daarna neemt zijn vriendin Miranda de zorg bij hem thuis over. „Ik ben haar ontzettend dankbaar. Ik ben van nature druk, maar zij houdt mij met beide benen op de grond. Als ik te fanatiek word, zegt ze: doe dat nou niet.”
Toch staat Wieringa twee weken na zijn operatie, met een tulband om zijn hoofd, alweer met een keu in zijn handen bij zijn plaatselijke pooltafel in het oude RKZ-gebouw, in de wijk Helpman, drie minuten te spelen. „Het was tegen beter weten in, absoluut. Maar het ging mij om dat moment. Ik dacht dat ik nooit meer zou spelen en wilde de mensen weer zien.”
NK Poolen
Tijdens Pasen staat hij opnieuw aan de pooltafel, dit keer op het NK in Den Haag. Deelname is open: iedereen kan zich inschrijven en zich meten met de rest. Voor Wieringa is daarmee de cirkel rond. Hij had niet verwacht daar ooit nog te staan. „Ik dacht: ik speel een paar wedstrijden en wil op zijn minst twee dagen winnen, maar ik werd Nederlands kampioen 10-ball. Een enorme verrassing’’. Als kers op de taart plaatste hij zich voor het EK in oktober in Valencia.
Het toernooi vraagt veel van zijn lichaam. Hij ligt een week plat en is nog steeds aan het herstellen. Voor het NK boekt Wieringa een hotel op 200 meter afstand, om zo min mogelijk te hoeven lopen. „De organisatie hield ook rekening met mij. Ze regelden een rustige ruimte waar ik me kon terugtrekken, want alle prikkels kosten veel energie. Maar ik blijf een topsporter, dus ik heb nog altijd dezelfde sportmentaliteit. Ik ga er vol voor, koste wat het kost en dat was me alles waard.”
Menselijk contact
Wieringa werkt nog altijd aan zijn weg omhoog. Zijn oude niveau haalt hij niet meer, maar hij wil weer zo fit mogelijk worden. Binnenkort start hij een revalidatietraject bij Beatrixoord in Haren. Daar gaat hij drie maanden, vier keer per week, werken aan het verminderen van zijn vermoeidheid en het verbeteren van zijn conditie. „Het klinkt misschien gek, maar de operatie heeft mij veel gebracht. Ik ben de chirurg en het ziekenhuis eeuwig dankbaar. Ik zou het zo opnieuw doen’’, vertelt hij.
Vooral het contact met anderen betekent veel voor hem. „Ik ben blij dat Miranda is gebleven en heb een hechtere band met mijn kinderen en ouders. Vroeger stootte ik mensen af, nu staan er juist liefdevolle mensen om mij heen. Ik ben opener en zachter geworden. Dat is misschien wel de grootste winst.”
Aan het einde van het interview laat Wieringa een tatoeage zien op zijn linkerarm: een gele 9-ball, ter ere van zijn nationale titel in 2011. „Deze nieuwe prestatie komt ernaast. Ik heb al een tatoeëerder benaderd die een ontwerp maakt en hem binnenkort zet.”
Naast zijn gele 9-ball tatoeage komt een nieuwe tatoeage. Foto: Nienke Maat
Uitzonderlijke klasse
De prestatie van Jacco Wieringa is van uitzonderlijke klasse. Sportvriend Kim Uytenbogaardt (52) uit Roden, tevens Nederlands kampioen 8-ball (2010), weet dat als geen ander. De twee kennen elkaar al drie decennia en ontmoeten elkaar voor het eerst wanneer Wieringa in een café een competitiewedstrijd speelt. „In zijn laatste jaar vóór de operatie kwam ik hem een paar keer tegen op toernooien. Daar was hij al niet meer zichzelf. De drive om er volledig voor te gaan ontbrak. Dat viel op”, vertelt Uytenbogaardt.
„Des te knapper deze prestatie. Jacco komt van ver. Na zijn operatie had hij weinig energie en kon hij zich veel niet meer herinneren. Ik verwachtte daarom niet dat hij nu al Nederlands kampioen werd. Ook omdat Jacco het afgelopen jaar meerdere keren aangaf dat hij wedstrijden niet meer volhield.”
Tijdens een toernooi spelen deelnemers meerdere wedstrijden op één dag: ze lopen en staan veel, en dat kost energie. Bovendien moeten ze gefocust blijven. „Dat vind ik zelf al pittig, dus het is des te knapper dat hij won.”