Bij aanhoudende droogte moeten akkerbouwers gaan beregenen uit sloten rond het perceel. Marcel Jurian de Jong
Dat de landbouwgrond in Groningen en Friesland door droogte en klimaatverandering steeds zouter wordt, is zeker. Maar er is goed nieuws. De bovenste laag rijke kleigrond verzilt veel minder snel dan gedacht.
In 2024 en 2025 deed kennisinstituut SALTA, in opdracht van de provincie Groningen, onderzoek naar de bodemverzilting op 14 landbouwlocaties in Friesland en Groningen. Onderzoekers – in de meeste gevallen studenten – verzamelden in totaal 114 grondmonsters op verschillende dieptes. Daaruit bleek dat de bovengrond nog ‘verrassend zoet’ is.
Het blijkt dat de ‘capillaire opstijging’ meevalt. Dat is het proces waarbij zout water in de diepe ondergrond naar boven komt als de toplaag droog is. De landbouw in de noordelijke kleischil (grofweg het gebied tussen Harlingen en Termunten) lijkt daarmee voorlopig nog iets toekomstbestendiger dan gedacht.
Zoute sloten
De grootste uitdaging voor boeren is het zoutgehalte in de sloten. Want als het droog is, hebben boeren soms weinig andere keuzes dan om met dit ‘brakke’ slootwater hun gewassen te beregenen. Daarmee kan de bodem wel sterk verzilten.
„Als je een zoete sloot hebt voor beregenen, dan gaat het goed. Maar veel boeren hebben dat niet”, vertelt Arjen Vos, directeur van kennisbureau Salta. De waterschappen spoelen de sloten in de Groningse en Friese kleischil weliswaar door met water uit het IJsselmeer, maar niet elke watergang wordt opgeschoond. Veel boeren hebben meetapparatuur om te bepalen hoe zout de sloot is en kiezen de zoetste optie die ze tot hun beschikking hebben. Vos:,, Maar die kan nog altijd behoorlijk zout zijn.”
Toekomst rooskleuriger dan gedacht
De uitkomsten van het onderzoek zijn volgens Vos zeer positief. „Je hoor vaak: landbouw kan hier in Noord-Groningen en -Friesland straks niet meer. Maar dat is niet zo. Als boeren een eigen zoetwatervoorziening in tijden van droogte hebben, kunnen ze in dit gebied nog lange tijd door.”
Ook als ze geen zoet water tot hun beschikking hebben, zijn er een aantal tips, zegt Vos. Zo hebben sloten soms gelaagdheid: de bovenste laag is zoet, de onderste zout. Er zijn manieren om vooral die bovenste laag te gebruiken. Een andere tip is om met brak water vooral in de nacht te besproeien. Bladeren nemen dan minder zout op en dauw vermindert bovendien het zoutgehalte.
Salta gaat door met de metingen. Vos: „Droogte door klimaatverandering neemt toe, dus in theorie ook de verzilting. Maar wat doet een beetje zout met de kieming? En later als het plantje moet groeien? Dat weten we niet precies.”