Wim Eppinga (63) krijgt een thuisbatterij. Foto: Jaspar Moulijn
Thuisbatterijen. Zou er een tijd komen dat ze niet weg te denken zijn in onze huishoudens? Nu de afschaffing van de salderingsregeling eraan komt, overwegen veel mensen zo’n accu.
Een paar jaar geleden fantaseerden we er alleen nog maar over. Nu zijn ze op meerdere websites te koop voor steeds vriendelijkere prijzen. Het grote voordeel: je wordt minder afhankelijk van energiebedrijven. Dat klinkt met name leuk voor zonnepaneleneigenaren. Niks geen terugleverboetes, alles wat je met je zuurverdiende zonnepanelen opwekt, gaat huppakee in je eigen vat vol stroom.
De nieuwe coalitie wil het salderen vanaf 2027 afschaffen. Daarna kunnen huishoudens met zonnepanelen de opgewekte stroom die ze over hebben dus niet langer wegstrepen tegen de elektriciteit die ze van het stroomnet halen. Met name ná die afschaffing in 2027 is het voordeliger om je eigen stroom op te slaan.
„Dan zullen thuisbatterijen echt wat kunnen opleveren, vooral als je een boel zonnepanelen hebt”, denkt energie-econoom Machiel Mulder van de Rijksuniversiteit Groningen.
Een beetje een gadget-freak
Een enkeling wil zo lang niet meer wachten. De eerste pioniers hebben er al eentje in huis. Al is het vooral nog een voorrecht van de meer vermogende Nederlanders. Wim Eppinga (63) woont in Groningen-Zuid en is daar een van. ,,Ik ben een beetje een gadget-freak”, erkent hij. „Ik hou van technologie en vindt het – hoe ordinair dat ook klinkt – leuk om technische spullen te kopen.”
Maar de hoofdreden om een accu aan te schaffen is ideologisch. Hij gelooft dat thuisaccu’s een belangrijke rol kunnen vervullen in de opslag van duurzame energie. Eppinga noemt zichzelf geen geitenwollensokkentype, hij is vooral pragmatisch. Zelf levert hij met zijn 17 zonnepanelen jaarlijks 4500 kilowatt stroom terug aan energieleveranciers, en daar moet hij nu terugleverboetes voor betalen. Liever bepaalt de Groninger zelf wat hij met zijn stroom doet en wat hij ervoor betaalt. Daarom heeft hij ook een dynamisch contract, waarbij de energieprijs van uur tot uur verschilt.
Zelf verantwoordelijkheid nemen
Terwijl hij zijn verhaal vertelt, zijn monteurs al bezig met de installatie van Eppinga’s thuisaccu. „Bezig op de plaats delict”, grapt de kersverse eigenaar, die zelf met belangstelling meekijkt. Hij heeft al precies uitgedacht waar hij de accu wil hebben en waar de kabels moeten lopen. „Ik heb hier veel voorpret van.”
Wim Eppinga (63) krijgt een thuisbatterij. 'Veel Nederlanders denken: de overheid moet het maar regelen, ik leun wel achterover.' Foto: Jaspar Moulijn
Hij is graag een voorloper op het gebied van verduurzaming. Twintig jaar geleden was Eppinga een van de eersten die zonnepanelen op hun huis lieten installeren. „Veel Nederlanders denken: de overheid moet het maar regelen, ik leun wel achterover.” Daar denkt Eppinga, die zelf jarenlang voor de overheid werkte, heel anders over. „We moeten zelf veel meer verantwoordelijkheid nemen.”
Die overtuiging gaf de doorslag voor zijn gloednieuwe thuisaccu met een vermogen van 20 kilowatt. Het kost bij het bedrijf Zonneplan ruwweg 8000 euro, na aftrek van btw. Zulke prijzen waren twee jaar geleden nog ondenkbaar. Ook toen al verdiepte Eppinga zich erin. „Sommige vrienden vragen wel: ‘Ben je niet wat te vroeg?’ ‘Ach, weet je’ – zeg ik dan – ‘er moet er één de vroegste zijn.’”
Op elkaar afstemmen in de buurt
Maar er zit een belangrijk nadeel aan het nemen van een thuisbatterij. Dat beschrijft Lucas van Cappellen van onderzoeksbureau CE Delft in zijn recente rapport. Thuis- en buurtbatterijen verhogen de piekbelasting op het elektriciteitsnet. De batterijen vragen veel stroom, op het moment dat zonnepanelen energie aan het net leveren. Volgens Van Cappellen is dat onwenselijk, omdat dit netcongestie in sommige gebieden kan verergeren.
Thuisbatterijen kunnen eigen stroom van zonnepanelen opslaan. Foto: Shutterstock
Anderzijds kun je met thuisbatterijen ook juist een vol stroomnet voorkomen. Dat vraagt alleen enige planning. Want als je de hoeveelheid zonnepanelen en thuisbatterijen binnen een buurt een beetje op elkaar afstemt, kun je juist lokaal stroom afvangen, zonder dat het naar een wisselstation moet. Stroom blijft lokaal aanwezig en het stroomnet verderop wordt minder belast.
Kan het uit, die thuisbatterij? Met name als de saldering in 2027 verdwijnt, kan hij geld opleveren. Je slaat goedkope stroom op als er veel zon en wind is en levert pas terug op het net wanneer de stroomprijs hoog is. Bijvoorbeeld aan het begin van de avond als iedereen tegelijk zijn inductieplaat aandoet om te koken, de televisie aan gaat om kindertjes zoet te houden en de elektrische auto in het stopcontact moet.
Er komen steeds meer
Toch is het zeer de vraag of de investering uit kan. Hoe meer thuisbatterijen er komen, hoe minder economisch de investering uit kan, voorspelt energie-econoom Mulder van de Rijksuniversiteit Groningen.
„Een batterij is niet gratis, het is best een dure investering. Die aankoopprijs is alleen terug te verdienen als de prijsverschillen van elektriciteit groot zijn. Het probleem is alleen: hoe meer mensen zo’n thuisbatterij kopen, hoe kleiner de prijsverschillen gaan worden. Hoe meer mensen terugleveren als stroom duur is, hoe goedkoper de stroom dan wordt. Op den duur is de batterij niet meer rendabel.”
Elektriciteitsschema voor huishoudens met zonnepanelen en een thuisbatterij. Foto: Peter Varga
Het aantal thuisbatterijen stijgt volgens Mulder ook door de toename van elektrische auto’s, waarbij accu’s ook opslaan en terug leveren aan het stroomnet. Tel daar andere partijen bij op die energie gaan leveren als de prijzen omhoogschieten, zoals commerciële batterij-exploitanten of waterstoffabrikanten. „We gaan ernaartoe dat de prijs van elektriciteit dan de hele dag door steeds constanter is.”
Qua duurzaamheid is er dan natuurlijk wel iets positiefs gebeurd: de gascentrales hoeven ’s avonds niet meer aan om aan onze elektriciteitsvraag te voldoen.
Belastend om te maken
Op het gebied van duurzaamheid zit er ook een groot nadeel aan thuisbatterijen. Vaak zijn het producten van lithium-ijzerfosfaat en bevatten ze kritieke grondstoffen zoals kobalt, nikkel en mangaan. De productie en grondstofwinning kost veel energie, is milieubelastend en draagt bij aan klimaatverandering.
Verder hebben de thuisbatterijen slechts een levensduur van 10 jaar. Daarmee zijn ze relatief snel afgeschreven.
Dat de accu’s voor het milieu heel belastend zijn om te maken, wil Eppinga uit Groningen wel geloven. Volgens hem is het toch belangrijk dat er mensen zijn die er in investeren. Want als er geen markt is voor innovatieve producten, kan het ook niet doorontwikkeld worden. ,,Dat blijft een ingewikkelde discussie. Het is niet zwart-wit. Ik heb mijn Volvo ook ingeruild tegen een plug-in hybride. Maar in mijn oude auto wordt door iemand anders nog wel doorgereden.”
Niet economisch en brandgevaarlijk
Voor het oplossen van netcongestie op buurtniveau ziet econoom Machiel Mulder de thuisaccu’s wel als oplossing. Maar zelf zou hij de investering niet gauw doen. „Het blijft twijfelachtig of je de kosten eruit haalt. De prijsverschillen tussen opslaan en terugleveren moeten groot zijn. Op een zonnige zomerdag is stroom goedkoop, maar hoeveel van die dagen heb je in Nederland? Je kunt je stroom niet tot de winter bewaren, want je moet de batterij in korte tijd laden en ontladen, want hij loopt langzaam leeg.”
Om minder afhankelijk te worden van fossiele brandstof, is het een leuke uitvinding. Maar een business case ziet Mulder er niet in. „Tel daar het risico op brandgevaar bij op. En dan denk je helemaal: waarvoor doe je het eigenlijk?”
Eppinga verwacht wel dat een thuisaccu veilig genoeg is. Zijn exemplaar komt in de schuur, tegen een brandwerende muur. „Alhoewel: ik moet mijn verzekering nog even bellen om te vragen of dit invloed heeft op mijn maandbedrag.”
En van de vraag of zijn investering financieel uit kan, ligt Eppinga niet wakker. Uiteindelijk gaat het hem niet om de terugverdientijd. „Ik denk dat het economisch wel uit kan. Maar ik redeneer sowieso meer vanuit milieuoogpunt.”