Actievoerders in 2015 bij de voormalige NAM-locatie in Zeerijp. Foto: Archief/Kees van de Veen
De NAM moet 268 miljoen euro voor fysieke schade in het bevingsgebied ‘gewoon’ aan het ministerie betalen, maar wint wél een rechtszaak over waardedaling. Dat heeft de rechter vrijdag besloten in een dubbele rechtszaak over herstelbetalingen in 2020 en 2021.
Halverwege maart stonden de NAM en het ministerie van Binnenlandse Zaken vier dagen tegenover elkaar in de rechtbank van Groningen. De twee partijen hebben een conflict over herstelbetalingen voor de gasellende. Het Instituut Mijnbouwschade Groningen (IMG) regelt sinds 2020 de afhandeling van schade en waardevermindering van huizen. De overheid schiet die miljoenen euro’s voor en stuurt de rekening naar de NAM.
De NAM is het oneens met de bedragen en wil veel minder betalen. Daarom sleepte het oliebedrijf de minister voor de rechter in twee verschillende rechtszaken: een over 268 miljoen euro voor fysieke schade aan huizen en een ander over 521 miljoen euro voor waardedaling. De NAM wil dat geld terug.
Verloren en gewonnen
De zaak over fysieke schade heeft de NAM verloren. Het bedrijf moet dus ‘gewoon’ met 268 miljoen over de brug komen voor de fysieke schade. Dat is een opsteker voor het ministerie: het fundament voor de schadeafhandeling blijft daarmee – ook voor de toekomst – overeind. Het IMG heeft schades terecht vergoed, zegt de rechter.
Maar de zaak over waardedaling wint de NAM wél: volgens de rechter moet de minister eerst beter motiveren hoe het bedrag van 521 miljoen euro tot stand kwam. Het gaat dan specifiek om de vergoeding voor waardedaling van onverkochte woningen in bevingsgebied. Daar moet de minister een nieuw besluit over nemen; de NAM hoeft dat bedrag nu nog niet op te hoesten.
Gesprekken tussen Staat en NAM mislukt
Tussen de NAM en de overheid botert het al lange tijd niet. Er lopen ook meerdere zogenoemde arbitragezaken tussen de NAM en de Staat, waar beide partijen er met een onafhankelijke deskundige en dus zonder rechter proberen uit te komen. Die zaken vinden achter gesloten deuren plaats.
Daarnaast liepen er gesprekken tussen de Staat en de NAM om er ook zonder arbiter uit te komen, maar die zijn mislukt door de val van kabinet-Schoof. De NAM en de minister vechten het daarnaast ook uit voor de bestuursrechter in openbare procedures. Het verschil tussen de arbitragezaken en de rechtszaak waar nu een uitspraak over is, zit ‘m in de periode. Deze rechtszaak ging over 2020 en 2021.
Wie zichzelf vooralsnog als morele winnaar mag beschouwen, is lastig te zeggen: voor het ministerie is het een overwinning dat de schadeafhandeling volgens de rechter staat als een huis. Maar hoewel de NAM de zaak over fysieke schade heeft verloren, ging de kwestie over waardedaling om veel meer geld.
Het is nog niet duidelijk of de partijen tegen een of beide uitspraken in hoger beroep gaan.