Regisseur Betsy Torenbos geeft uitleg aan de acteurs van het zogeheten fluisterkoor. Foto: Marcel Jurian de Jong
De Drentse theatermaker Betsy Torenbos (56) maakt een voorstelling vlak onder Annen, de plaats waar ze is geboren. Het verhaal met acteurs Joop Wittermans en Sanne Bouma en een spontaan gevormd ouderenkoor volgt de ongeschreven Torenbos-norm: samen, verbonden, niet alleen.
Een bijzondere speelplek, als een in niemandsland verdwaalde locatie, dat is de boerenschuur waar Betsy Torenbos haar voorstelling Je bent hier, mijn liefste neerzet. Dit ‘gelegenheidstheater’ ligt aan De Hullen, een lange weg zuidoostelijk van Annen. Richting het einde ervan leidt, vanaf het smalle asfalt, een pakweg 100 meter lange aanloop langs een diepe voortuin naar de oude aardappelhoeve.
„Deze plek dank ik aan mijn moeder”, zegt Torenbos (56), gezeten aan een tafel in het woongedeelte. Want zoals dat gaat in Drenthe kwam de boerderij via via in beeld. De ene ‘via’ is haar moeder, nog altijd wonend in Annen, de andere ‘via’ een oude kennis, de eigenaar.
Haar moeder, Mien (86), zit tegenover haar aan de tafel. Over een half uur begint een van de laatste repetities voordat twee dagen later de eerste van twee try-outs op de rol staan. „Dit is toch voor het eerst dat je meedoet een voorstelling van mij?”, vraagt haar dochter, min of meer ook aan zichzelf. Nee, dus. Mien Torenbos was er al eens bij in Dwingeloo. „O ja! Ik nam je zelfs op mijn rug bij de opening van Zorgcollectief Zuidwest-Drenthe.”
Hernieuwde samenwerking met welzijnszorg
Dat was in de voorloper van deze productie, Paradijs Aa en Hunze, tot stand gekomen dankzij een samenwerking tussen Torenbos, MantelzorgNL en Impuls, een welzijnsorganisatie in Aa en Hunze. De productie stelde met veel gefilmde interviews op toegankelijke wijze het thema eenzaamheid aan de kaak. Ook nu weer is een aantal van de medewerkers aan de voorstelling binnengekomen via Impuls.
Torenbos: „Dan zie je direct weer wat theater voor mensen kan betekenen. Sommigen kwamen hier best onzeker binnen, een beetje angstig voor wat ging gebeuren, om overtuigend te zingen bijvoorbeeld.” Enthousiast: „Die hebben in heel korte tijd enorme sprongen gemaakt in hun persoonlijkheid.”
Zingen dus, in een ‘fluisterkoor’. Hoezo fluister? „Paradijs viel in de coronaperiode. Toen mocht er niet worden gezongen. Alleen gefluisterd”, zegt ze. „Dat hebben we maar zo gelaten.”
Sanne Bouma en Joop Wittermans in een scène uit 'Je bent hier, mijn liefste'. Foto: Marcel Jurian de Jong
Sanne Bouma (25) komt binnen. Ze is in Groningen opgeleid bij De Noorderlingen en heeft net met haar afstudeervoorstelling Voor jou, van mij haar opleiding bij ArtEZ in Arnhem afgerond, een theaterconcert met rouw als thema, na de dood van haar moeder in 2025. Ze staat ermee op festivals. Er is een album. „Prachtig”, zegt Torenbos. „Toen ik haar belde hadden we meteen een klik. Toch?” Bouma beaamt het gretig. Beiden wisten toen al dat de rol voor haar was.
Verlies aan beide kanten
Ze speelt Anna, een meisje dat gebukt gaat onder het snelle verlies van drie grootouders en onder de breuk met haar vriend. Anna trekt zich terug in een schuur om zich te storten op het maken van muziek. Torenbos: „Sanne zingt prachtig, dat zul je straks bij de repetitie wel horen.”
In de voorstelling loopt de 86-jarige Han nogal onbeschaamd Anna’s universum binnen. Ook hij staat er alleen voor. Zijn geliefde is overleden. Toch voelt hij haar aanwezigheid permanent. Vandaar de titel. De twee raken met elkaar in gesprek, over hun lot. En dat helpt. Ze worden gezien. De een door de ander. Torenbos: „Weer volgens dezelfde woorden van de Frans-Joodse filosoof Emmanuel Levinas die ik bij Paradijs al aanhaalde: ‘Ik word ik, in het aangezicht van de ander’. Zo is het.”
Ze krijgt bijval van de inmiddels gearriveerde Joop Wittermans (79). Hij speelt de rol van Han. „Ik voel dat ook écht zo tijdens de repetities”, zegt hij.
Het fluisterkoor van ouderen staat met stokken om de kist heen. Foto: Marcel Jurian de Jong
Vrachtwagen met stoelen stuit op viaduct
Torenbos heeft niet eerder locatievoorstellingen gemaakt. Denkt ze even. O ja, in dat kerkje in Beilen. En da’s waar ook, in het Tuntlerhuis in Ter Apel, rond ouderen met dementie. Maar toch, het is even wennen, zo’n start zonder faciliteiten. Geen licht, geen geluid, alleen wat achtergebleven aardappels. Hard werken. En dan heeft de vrachtwagen, geladen, met stoelen voor het publiek zojuist ook nog, klassiek, een viaduct geramd. Locatietheater en tegenslag, je leert ermee leven. Torenbos: „De aardappels doen mee. Je mag de ziel van zo’n locatie niet verloochenen.”
Je bent hier, mijn liefste zou aanvankelijk in november 2025 worden gespeeld. Zou. Eerder dat jaar overleed haar geliefde en inspirator, toneelregisseur Johan Doesburg, na een langdurige ziekte. „Ik was in mijn rouw absoluut niet toe aan een voorstelling.” Nu is ze blij met de vroege zomerperiode als speelperiode. „Lekker weer, alles mooi groen, terwijl we in november vuurkorven hadden moeten aanslepen.”
Dit is wel een schitterende locatie, benadrukt ze. Wittermans: „Op mijn 65ste heb ik gezegd: zo, nu van mijn leven geen locatietheater meer.” Grijnzend. „Nou, daarmee heb ik wat over me afgeroepen.”
Haar eigen doodskist
We lopen de woonkamer uit, de grote schuur in. Er ligt een breed speelvlak van groen vilt. Er hangt een schommel. Met daarop wat aardappels. Links staan de instrumenten, niet alleen voor Bouma, ook voor vibrafonist Jacobo Pisapia en toetsenist Pjotr Jacobs. Ze spelen speciaal voor deze productie vervaardigd werk van Bob Zimmerman, gelauwerd arrangeur en componist. Centraal op de vloer staat een grote kist van mooi, zwaar hout, een prachtexemplaar. Torenbos: „Het is de doodskist die mijn vader indertijd speciaal voor mij heeft gemaakt.” Slik. Wacht toch nog maar even dan.
De voorstelling vindt plaats in een aardappelschuur. Foto: Marcel Jurian de Jong
Ook nu symboliseert de kist het levenseinde, van de partner van Han, en van zijn eigen dichterbij komende afscheid. Oud immers. Een belangrijke rol is er voor Sonnet 66, van William Shakespeare, een gedicht dat misstanden jegens mensen in de wereld hekelt, zodanig dat ze naar de dood zouden doen verlangen als er niet die ene geliefde was geweest om voor te leven. Het sonnet is verweven met de theatertekst van Lars Koning.
„Ik heb Bas Belleman gevraagd daar een nieuwe vertaling voor te maken, waarna Bob het aandurfde er muziek voor te schrijven. Echt heel bijzonder”, zegt Torenbos.
Altijd duikt Japan wel een keer op
Inmiddels is het twaalfkoppige koor gearriveerd, mensen uit de omgeving, Schipborg, Nooitgedacht enzovoort, en bezig aan een warming-up, onder leiding van repetitor Elise van der Laan en daarna gestuurd door dirigent Hans Kaldeway. Echte mensen, zeg maar, niet geoefend.
Zo nu en dan zet Torenbos een paar afdwalende ogen recht. De koorleden hebben ieder een scherp geslepen dunne en manshoge stok gepakt, ogend als groot-mikado. Als de stille begeleiders van een Japans wiegelied. Japan is nu eenmaal nooit ver weg in een Torenbos-voorstelling. „Mijn favoriete land.”
De koorleden ‘prikken’ zich met hun stokken kriskras door elkaar over de vloer. De twee musici verstaan hun vak. Er zit meer dan muziek in.
Theatervoorstelling Je bent hier, mijn liefste door Stichting Be-Wonder (Betsy Torenbos), 18 t/m 21/6 en 25 t/m 28/6, De Aardappelschuur, De Hullen 1a, Annen. Aanvang 19.30 uur (21 en 28/6 15.00 uur). Voor tickets en meer informatie: be-wonder.com.