Max Mulderij is Nederlands jeugdkampioen rolstoeltennis. Foto: Siese Veenstra
Verdrietig moest Max Mulderij vanwege zijn beperking stoppen bij het voetbalteam van zijn vrienden. Twee jaar later is hij Nederlands jeugdkampioen rolstoeltennis en de nummer 21 van de wereld. „Mijn beperking maakt mij wie ik ben.”
Aan de eettafel in de Reitdiepwijk in Groningen wrijft Max Mulderij zijn ogen uit. De havo-scholier is net terug van een pittige trainingsdag op het nationaal tenniscentrum in Amstelveen. Eerder deze week speelde hij dertien wedstrijden in acht dagen op het WK in België. De vermoeidheid speelt op, grijnst de rolstoeltennistopper.
„Het is allemaal heel snel gegaan. Ik doe deze sport nu dik twee jaar, train anderhalf jaar bij de bond. Het is serieuzer geworden. Dat heeft een grote verandering gebracht. Ik ben veel in Amstelveen of op weg naar toernooien. Ik zie mijn vrienden veel minder, maar doe iets wat ik erg leuk vind.”
Paralympisch goud
En een sport waar de tiener erg goed in is. Max werd in december Nederlands kampioen in het enkelspel, staat op de drempel van de mondiale top 20 voor spelers tot 18 jaar en droomt hardop over paralympisch goud.
„Mijn doel is om me binnen drie jaar te plaatsen voor een jeugd-Grand Slam. Dan moet ik nog wat plekken stijgen, maar dat komt wel als ik zo door blijf gaan. Daarna wil ik de Spelen winnen, zover ben ik nu nog niet. Het zou heel gaaf zijn om daar te tennissen.”
De steile prestatiecurve van de Stadjer begon na een verdrietige beslissing. Max moest ‘met pijn in het hart’ afhaken bij zijn voetbalteam bij Velocitas. „Ik begon ooit bij Kids United (een voetbalclub voor kinderen met een beperking, red.). Dat ging zo goed dat ik me aansloot bij het valide team van vrienden uit de straat. Ik kon verrassend goed meekomen”, zegt de Feyenoord-supporter. Met een knipoog: „Als luie spits.”
Max Mulderij is succesvol rolstoeltennisser: "Vroeger was het lastig dat ik minder kon dan de rest." Foto: Siese Veenstra
Wanneer zijn team doorgroeit naar wedstrijden op een groot voetbalveld, wordt Max door zijn beperkte loopvermogen gedwongen te stoppen. „Dat was lastig. Ik zou nog steeds heel graag voetballen. Het lukte alleen niet meer. Buitenspel kwam erbij. Dan is het ook een stukje accepteren. Uiteindelijk hoort die beperking bij mij.”
De topsporter werd geboren met een open ruggetje. De zenuwsignalen tussen hersenen en beenspieren zijn verstoord, waardoor Max minder mobiel is en moeizaam loopt. „Ik weet niet anders. Ik ben ermee geboren, ik leef ermee. Ik ben nu op een leeftijd waarop ik dat misschien kan accepteren. Vroeger was het lastig dat ik minder kon dan de rest.”
Zonder beperking was ik niet geworden wie ik nu ben
Op indrukwekkende wijze belicht hij de positieve kant van zijn aangeboren problemen. „Wat ik nu doe, komt ook door wat ik heb. Mijn beperking is geen voordeel, maar brengt me wel dingen. De fysio die mij van jongs af aan begeleidt en leerde lopen, zette mij op het spoor van rolstoeltennis. Een eerlijke competitie, dat was voetbal voor mij natuurlijk nooit geweest. Ik bleek er ook nog een beetje talent voor te hebben. Ik heb een erg leuk leven.”
Een leven dat zich steeds minder afspeelt in de huiskamer van de Mulderij’s. Naast zijn trainingen in Haren en Drachten, is Max inmiddels drie keer in de week op het nationale tenniscentrum. Inclusief overnachting van dinsdag op woensdag. „In Groningen deed ik alles op de fiets en met de auto. Ineens moest ik in mijn eentje met het openbaar vervoer helemaal naar Amstelveen. Dat is best een reis. Op zaterdag rijdt mijn vader me heen en weer.”
Djokovic
Onderweg gaat het wel eens over Novak Djokovic, de valide wereldtopper die beiden bewonderen om zijn mentale kracht. „Hij kan uit onmogelijke posities altijd nog iets opbrengen. Op dat gebied is hij mijn voorbeeld.”
In zijn eigen sport kijkt Mulderij op tegen alle Nederlandse topspelers. „Ik heb het geluk dat ik soms met hen mag trainen. Vandaag nog met Robin Groenewoud. Soms met Jiske Griffioen, Tom Egberink, Lizzy de Greef of Diede de Groot. Super gaaf. Negen van de tien ballen die ik van hen krijg, haal ik niet. Zij zijn zo goed.”
Max Mulderij: "Zonder beperking was ik niet geworden wie ik nu ben." Foto: Siese Veenstra
Mulderij is ervan overtuigd dat hij nog veel progressie kan maken. Aanvalskracht en tactisch inzicht heeft hij al, met dank aan zijn voetbaljaren. „Ik kon meekomen door heel goed te lezen waar de bal zou komen. Daar heb ik nu profijt van op de tennisbaan.” Een op maat gemaakte rolstoel (kosten: een slordige 10.000 euro) zal hem binnenkort sneller en wendbaarder maken.
De sportieve successen brengen Mulderij trots en zelfvertrouwen, ook in het dagelijks leven. „Kijk, mijn spalken liggen daar. Sinds kort gebruik ik die weer. Eerder wilde ik dat nooit. Ze belemmerden mij bij het voetballen en ik wilde er ook niet mee gezien worden. Dat heb ik nu geaccepteerd. De spalken helpen me erg, ik houd lopen veel langer vol. Ik hoor vaak dat mensen mij een doorzetter vinden. Dat probeer ik ook te zijn. Ik ga niet bij de pakken neerzitten. Zo sta ik niet in het leven. Zonder beperking was ik niet geworden wie ik nu ben.”
‘Eindelijk een toernooi vanuit eigen bed’
Tennisvereniging TSH organiseert zaterdag en zondag in Haren een ranglijsttoernooi voor rolstoeltennissers. „Iedereen die rolstoeltennist kan daaraan meedoen”, zegt Max Mulderij over de wedstrijden bij zijn thuisclub. „Er zijn punten te verdienen voor de Nederlandse ranking. Voor mij is de internationale ranglijst belangrijker. Daarop kan ik mij plaatsen voor de Paralympische Spelen of de Grand Slams. Maar het is bijzonder dat dit toernooi in Noord-Nederland is. De faciliteiten en rolstoeltoegankelijkheid in Haren zijn goed. En ik kan eindelijk eens tijdens een toernooi in mijn eigen bed slapen. Voor mensen die het nog nooit gezien hebben: rolstoeltennis is heel leuk om naar te kijken!”