Auke van de Kamp: "In die periode waarin ik niks kon teruggeven, heb ik veel gehad aan Sam Gortzak." Foto: Corné Sparidaens
Auke van de Kamp, voormalig publiekslieveling van Lycurgus, staat na een zware periode weer vol in het leven. Mede dankzij zijn beste vriend Sam Gortzak, de succesvolle hoofdcoach van de volleybalclub.
Een aanstekelijke lach rolt over het terras van het stad-Groninger café De Koffer. Smakelijk verhaalt Auke van de Kamp over een onbedoeld middagdutje.
„Ik zat gisteren bij boekhandel Riemer. Dat vind ik een leuk plekje om even te lezen. Daarna ging ik lekker liggen op die bankjes op de kade bij Dudok. Koptelefoon met noise cancelling op. Werd ik op een gegeven moment wakker. Helemaal rood en verbrand. En het kwijl liep uit mijn mondhoek, haha. Normaal lukt het me nooit om zomaar in slaap te vallen.”
Maar Van de Kamp is moe. Een beetje opgebrand zelfs. Niet voor niks boekte hij een weekje in zijn ouderlijk huis in Zutphen. „Hotel Mama, zeg maar. Met een tuin op het zuiden, lekker uit de wind. Ik belde haar vorige week dat ik even moet bijkomen.”
Opleiding onderschat
Dat zit zo. De voormalig profvolleyballer van Lycurgus, Achel, Lüneburg en Savigliano volgt een intensieve opleiding tot docent Omgangskunde. Een versneld traject waarin hij 2,5 jaar studie in 1 jaar doet. Op het Drenthe College in Assen onderwijst hij mbo-studenten over ontwikkelingspsychologie, groepsdynamica en communicatie.
„Ik ben meteen voor de klas gezet. Dat had ik zelf wat onderschat. Tot december was het allemaal lang leve de lol. Ik was gestopt met topsport en mijn sociale kring groeide supersnel. Ik kon overal ja tegen zeggen. Maar het sloeg een beetje door. Op maandagochtend om half 9 moet ik niet brak zijn, ik drink al vijf maanden niet meer.”
Klas ontploft
Het is een grote ontdekkingstocht, vertelt de 30-jarige Van de Kamp vrolijk. Ontzettend leerzaam ook. Opnieuw spaart hij zichzelf niet.
„Sommige dingen gingen helemaal fout. Bijvoorbeeld bij het afnemen van een oefentoets. Even kijken hoever ze zijn, dacht ik. Zonder er zwaar aan te tillen. Ik maakte niet eens een antwoordblad. Maar mijn leerlingen namen het super serieus, wilden meteen de resultaten nabespreken. De klas ontplofte helemaal: ‘Wat zijn de antwoorden dan? Hoeveel punten staan er voor?’. Ik moest nog 45 minuten lesgeven, maar had gewoon geen controle meer.”
Auke van de Kamp stopte als profspeler: „Ik dacht dat ik een sociaal leven had. Maar het was volleybal, volleybal, volleybal." Foto: Corné Sparidaens
De pittige combinatie van studeren en lesgeven valt hem nu net iets te zwaar, maar het einde is in zicht. Alleen nog afstuderen en een week of zeven doceren tot de zomervakantie. „Als de studielast straks wegvalt, dan is het hartstikke goed te doen. Het is me allemaal gelukt.”
Die bevestiging betekent veel meer dan een simpel papiertje aan het einde van de rit. Anderhalf jaar geleden lag Van de Kamp gebroken op bed. Volledig ingestort na een tweede aanval van Long COVID, nadat hij eindelijk weer fit was na zijn eerste besmetting.
Door Long COVID deed ik niks wat me gelukkig maakt. Ik werd vanzelf depressief
„Ik speelde in september 2024 mijn beste volleybal ooit. Maar op de eerste wedstrijddag van het nieuwe seizoen voelde ik me weer beroerd. Ik weet het moment nog precies. Opnieuw COVID. Nu nog een stuk erger. De eerste 4 à 5 maanden kon ik alleen in bed liggen. Vijf minuten mijn neefje op bezoek was al te veel. Ik kon niet tv kijken. Ik zat op mijn kamer te wachten tot ik weer mocht slapen. Ik was geknakt. Deed niks wat me gelukkig maakt. Dan word je vanzelf depressief.”
De tweede ziekteperiode was mentaal ontzettend moeilijk, zegt Van de Kamp. „Ik ben vanuit mezelf heel vrolijk en energiek. Het was schrikken om wakker te worden met de gedachte: voor mij hoeft het zo niet. Ik zou nooit zelf een einde aan mijn leven maken, maar dacht wel: maak me maar weer wakker als het goed met me gaat.”
Huilen, huilen
Hij belde met een sportarts die Long COVID-patiënten helpt en vroeg om raad. „Rust pakken en hopen dat het goed komt. Dat was alles wat ik kon doen. Geen plan, geen houvast, geen hoop. Gewoon wachten.”
Huilen, heel veel huilen. Dat hielp. Net als de gesprekken met een psycholoog en de steun van zijn boezemvriend. Na maanden vol ellende kwam heel langzaam de energie terug. „Niemand heeft me laten vallen of losgelaten. Maar in die periode waarin ik niks kon teruggeven, heb ik veel gehad aan Sam.”
Clown Van de Kamp
De twee leerden elkaar kennen als 14-jarige jochies, bij de pre-jeugd van Oranje. In die selectie waren Gortzak (uit Zaanstad) en Steven Ottevanger (uit Sneek) de binkjes. „Die hadden al vriendinnetjes. Speelden ook echt goed. Ik was de lange slungel, de clown. Was nog aan het zoeken wat rechts en links was. Ik keek erg tegen hen op en was zo blij toen ze tijdens dat eerste weekend in Egmond aan Zee tegen me zeiden: ‘Je hebt het echt goed gedaan’.”
Later op Papendal en in Groningen werd de band nog hechter. „Ik ging samen met Sam naar Lycurgus. Als je tien jaar bij elkaar in een team zit, maak je zoveel herinneringen. Je bent bijna verplicht om beste vrienden te worden. Later kwam Steven ook hiernaartoe. Nog steeds wonen we alle drie in de stad. Super tof.”
Grote teleurstelling bij Lycurgus-spelers Sam Gortzak en Auke van de Kamp na het onterechte verlies in 2019 tegen Orion. Foto: Jan Kanning
Gortzak debuteerde dit seizoen als hoofdcoach bij Lycurgus, Van de Kamp maakte zijn eerste schreden van dichtbij mee. „In het begin van het seizoen trainde ik soms mee. Die eerste twee weken durfde Sam nog niet alles met de borst vooruit tegen de groep te zeggen. Gebruikte hij soms verkleinwoordjes. Hij miste misschien een beetje senioriteit of overwicht. Twee, drie weken later zette hij al overtuigend de lijnen uit. Je zou nu niet meer zeggen dat hij voor het eerst hoofdcoach is. Ik ben onder de indruk.”
En zijn aanpak werkt. De finaleplaats in de strijd om het landskampioenschap is geen toeval, vindt Van de Kamp. Hij woont in hetzelfde appartementencomplex als bijna de gehele Lycurgus-selectie en volgt de verrichtingen op de voet.
„Ik spreek de jongens los van Sam en heb een goed inkijkje in het team. Deze groep is uniek. Iedereen is vrienden met elkaar. Ze zitten elke dag samen spelletjes te spelen, gaan samen de zon in, samen naar de stad. Ze zijn super hecht, ook op de moeilijke momenten. Dat is een enorme kracht.”
Auke van de Kamp: „Ik zit goed in mijn vel. Al heb ik altijd ergens in mijn achterhoofd de angst dat het nog een keer gebeurt." Foto: Corné Sparidaens
Als het aan Gortzak had gelegen was zijn kameraad Van de Kamp een van de pijlers van zijn nieuwe team geworden. „Lycurgus deed best een leuk bod. Alleen had ik geen motivatie meer. Het vlammetje was uit. Ik had geen ambitie meer om op mijn dertigste voor de derde keer bij Lycurgus te gaan investeren. Voor mijn gevoel had ik ook nog wat COVID-restjes in mijn lijf zitten. Het was moeilijk om topfit te worden. Zo goed als een jaar eerder werd ik niet meer. Het was voor mij niet meer de moeite waard.”
Pijnvrij
Stoppen met topvolleybal bleek een zegen. „Ik dacht dat ik een sociaal leven had de laatste tien, twaalf jaar. Maar eigenlijk was het volleybal, volleybal, volleybal. Nu had ik ineens de energie om in het weekend dingen te ondernemen. Ik heb inmiddels met vijftig verschillende mensen gepadeld. Blessures boeien me niet meer. Er zit niemand achter me aan. Hé, je moet morgen een belangrijke wedstrijd spelen. Neem een Ibuprofen en doe mee. Geen enkel pijntje maakt meer uit. Dat is fantastisch. Blijkbaar is er ook wel iets na het volleybal.”
De oud-international mist alleen de zeeën aan vrije tijd uit zijn topsportleven. In Italië werd voor Van de Kamp gekookt en was alles piekfijn in orde. Gelukkig kan hij in Nederland terugvallen op de goede zorgen van zijn moeder. „Ja, het gaat eigenlijk weer goed met me”, concludeert Van de Kamp, vlak voor hij op zijn favoriete terras een stevige borrelplank bestelt.
„Ik zit goed in mijn vel. Al heb ik altijd ergens in mijn achterhoofd de angst dat het nog een keer gebeurt. Ik heb geen controle over corona. Ik zit in het onderwijs. Als ik een toets afneem, hoor ik twintig keer per seconde iemand kuchen. Een hutje op de hei is de enige optie om besmettingsgevaar te ontwijken. Daar word ik zeker niet gelukkig van.”
Coach Gortzak bezorgd over fitheid Lycurgus
In alle teleurstelling na de 3-2 nederlaag in het eerste finaleduel met Orion Stars kwam Lycurgus-coach Sam Gortzak met een opvallende verzuchting. „Ik had hier liever met 3-0 verloren. Eerlijk waar.”
De debuterende hoofdtrainer maakte zich op de late woensdagavond in Doetinchem meteen zorgen over de fysieke conditie van zijn basisformatie. „Ik ben zenuwachtig omdat wij niet het fitste team zijn. Dan tellen dit soort wedstrijden erg zwaar. Herstellen is het enige dat we kunnen doen. En dan zo goed mogelijk voor de dag komen op zondag. We hebben een smalle selectie. We hebben veel blessures gehad dit seizoen. De halve finale tegen Dynamo vond ik heel spannend, omdat zij fitter waren dan wij. Ik ga ervan uit dat Orion dat ook is. Dit soort lange wedstrijden in een zware serie zijn in ons nadeel.”
Tegelijkertijd bood het uitstekende optreden van zijn ploeg perspectief, vond Gortzak. „Ik ben alleen niet tevreden over een fase in de vierde set. Daar verliezen wij de wedstrijd. Maar we kunnen ons vasthouden aan ons plan. We mogen vertrouwen hebben dat we er thuis een schepje bovenop kunnen doen.”