Er was eens een jongen die graag gitaar speelde. Hij was 18 jaar en had een grote bos krullen. Hij schreef liedjes over vrijheid en liefde. Samen met zijn vrienden waren ze tegen de heersende klasse. Ze rebelleerden en protesteerden. Er moest wat gebeuren! Hij luisterde naar andere muzikanten uit andere landen die hem voorgegaan waren. De tijden zijn aan het veranderen, hoorde hij een man zingen. Oorlog is voorbij als je dat wilt, hoorde hij een ander zingen. Hij schreef zelf liedjes met diezelfde boodschap. Die zong hij bij protesten in de straten van Teheran. Want daar kwam deze jongen vandaan. Iran. Zijn naam is Amirhossein Hatami.
Hij werd opgepakt. Zijn handen werden aan gort geslagen. Hij werd met zes andere jongeren onder meer veroordeeld wegens moharebeh (vijandschap tegen Allah). Op school had hij misschien wel geleerd dat de profeet Mohammed tijdens zijn leven al dichters en zangers als Abu Afak en Asma Bint Marwan liet vermoorden. Maar ja, deze jongen was gegrepen door de geest van de rock-‘n-roll. Muziek die de wereld kan veranderen. Hij kon niet anders dan zijn muziek laten klinken. Niets kon hem stoppen. Tot hij met gebroken handen aan de strop hing. Daar heeft hij nog een poos gehangen om aan de mensen te laten zien: pas op, dit kan u ook gebeuren.
Wij kunnen ons hier en nu nauwelijks inbeelden hoe dat moet zijn. Wij mogen alles zingen. Het is inmiddels lang geleden dat het anders was. Er zijn verhalen overgeleverd van mensen die tijdens de Duitse bezetting heel zachtjes met elkaar, ’s avonds bij kaarslicht aan de keukentafel het Wilhelmus zongen. Fluisterend bijna. Als de bezetter het zou horen, kon je opgepakt worden. Ook werden er anti-Duitse teksten gemaakt op bekende melodietjes. Het was een heldendaad als iemand in het openbaar, in het bijzijn van Duitse soldaten dat melodietje floot. Verder durfden ze waarschijnlijk niet te gaan.
Wat zal het indrukwekkend geklonken hebben toen Nederlanders die nét bevrijd waren samen op straat voor het eerst weer uit volle borst het Wilhelmus zongen.
Er zijn nog zoveel plekken in de wereld waar je niet elk lied mag zingen wat je wilt. Wij kunnen het ons nauwelijks voorstellen. Gelukkig maar. Aanstaande dinsdag wordt er overal in ons land uit volle borst gezongen. Over van alles. Alles mag. Hopelijk hoort Amirhossein Hatami, vanaf de plek waar hij met genezen handen op een hemelsblauwe Fender Stratocaster speelt, ons in vrijheid zingen.