Harris Huizingh aan het klussen in zijn tuin in Ter Apel. De oud-speler van FC Groningen, Veendam en SC Heerenveen is werkzaam bij de politie. Foto: Wilbert Bijzitter
Niet voor elke speler of trainer is een leven lang in de voetballerij weggelegd. Soms lonkt een leven in de luwte of is het nodig om met een baan buiten de spotlights de kost te verdienen. Neem bijvoorbeeld Harris Huizingh, voormalig voetballer van FC Groningen, Veendam en SC Heerenveen.
Minister Marjolein Faber zou waarschijnlijk geen handtekening zetten als iemand zou verzoeken om Harris Huizingh (62) een lintje toe te kennen. De voormalig voetballer trainde vorig seizoen de onder negentien van Ter Apel. Daar had zich ook een vijftal bewoners van het AZC bij aangesloten.
Van Peter Houtman leerde Huizingh bij FC Groningen de kunst van het koppen. Hij liet er heel wat keepers door vissen. Als sportvisser haalde de burger in dienst van de politie van Assen wel de absolute top.
Hebben ze in Groningen een tennisbaan?
Harris Huizingh, lachend. „Ik weet waar je op doelt. We hebben bij FC Groningen ooit één vervelende trainer gehad, Rob Jacobs. Die dacht dat de wereld boven Zwolle ophield te bestaan. Zijn vrouw kwam mee naar het sollicitatiegesprek en vroeg of er in Groningen ook tennisbanen waren. Hij had het heel denigrerend over de boertjes uit Groningen.”
Dat kwam hem duur te staan.
„Hij is weggestuurd. Op dat moment was ik al vertrokken. Jacobs vond mij niet goed genoeg. Ik verhuisde naar Veendam.”
Je werkte al bij de politie.
„Dat heb ik mijn hele carrière gedaan. Bij mijn eerste contractonderhandelingen zat er iemand bij FC Groningen die ook directeur van het arbeidsbureau was. Ik kon in een administratieve functie bij de politie terecht. Ik begon op de financiële afdeling en verhuisde naar personeelszaken. Daar zit ik nog drie dagen in de week. Alleen voor Heerenveen heb ik onbetaald verlof genomen.”
Op zo’n bureau hoor je wel eens wat.
„Ik heb me voorbereid op een wedstrijd waarvan ik wist dat die om veiligheidsredenen niet door zou gaan. Ik hield mijn mond. Dat verwachten ze ook bij zo’n werkgever.”
Als voetballer noemden ze je de tovenaar van Ter Apel. Daar zitten nu wel meer tovenaars.
Lachend: „Er zitten veel mensen die heel handig zijn met hun voeten en hun handen. Iedereen kent Ter Apel door het AZC. Ik woon er al mijn hele leven en heb het er nog steeds enorm naar mijn zin.”
Bij FC Groningen leerde Peter Houtman je koppen.
„Hij was de beste aanvallende kopper van Nederland, een genie in het blijven hangen in de lucht. Als je anderhalf jaar samen traint, krijg je daar wat van mee. Hij is vooral ook een aardig en prettig mens. De actie van de fans van Groningen met dat spandoek in De Kuip, die met hem meeleven nu hij door alzheimer getroffen is, raakte ook mij in het hart.”
Met Hennie Meijer en Milko Djurovski beleefde je een topjaar.
„We deden lang mee voor de titel en eindigden als derde. Ik kon goed overweg met Milko. Wij speelden op een drassig veld met pinnen. Milko deed alles op rubbers. Hans Westerhof werd er helemaal gek van. Djurovski ging zijn eigen weg. Hij rookte en deed alles wat God verboden had. De groep bleef te lang bij elkaar. We gingen met elkaar op stap en werden vrienden. Dan zeg je elkaar de waarheid niet meer en accepteer je zaken die je niet mag accepteren. Dan wordt het minder.”
Je kon naar SVV.
„Wim Jansen belde namens SVV, terwijl er een delegatie van FC Groningen bij me in de kamer zat. Wim Everards, mijn voormalig zaakwaarnemer, zei dat ik een hoog bedrag moest vragen. SVV ging akkoord en deed er een auto en appartement bovenop. Ik kon het gebruiken om er bij FC Groningen een beter contract uit te slepen.”
Je tekende er voor drie jaar. Dat hield je weg van Ajax.
„Leo Beenhakker wilde mij een jaar later als pinchhitter aantrekken. Groningen vroeg een vergoeding van 1,9 miljoen gulden. Ajax haalde uiteindelijk John van Loen voor een half miljoen van Anderlecht.”
Via Heerenveen speelde je in je nadagen in de Champions League.
„Ik kwam Riemer van der Velde vaak tegen. Hij organiseerde een visdag toen ik met Groningen op Curaçao vertoefde. Hij zei dat hij me naar Heerenveen wilde halen. Die belofte kwam hij later na. Ik was pinchhitter, maar speelde bijna alles. We kwalificeerden ons voor de Champions League. Met Foppe de Haan en Gertjan Verbeek had ik een geweldige band.”
Je ging tijdens een trainingskamp in het pak van Van der Velde op stap.
„Ik had alleen trainingskleren bij me. Riemer zei: ‘neem mijn broek maar mee.’ We kwamen te laat thuis. De Haan betrapte ons. Ik zei: ‘ik wilde wel naar het hotel, maar de schoenen van Riemer wilden niet naar huis’.”
Veendam ging failliet toen je er assistent-trainer was.
„Bij het verlaten van het stadion had ik een nieuwe club. De voorzitter van SV Mussel hoorde van het faillissement op de radio. Hij had het lef meteen te bellen. Dat beloonde ik door een jaar te tekenen.”
Gestopt met voetbal werd je bijna international.
„Ik heb mijn hele leven gevist. Twee keer eindigde ik als tweede bij het NK. Ik stond op het punt naar een groot landentoernooi te gaan. Ik moest afzeggen omdat ik bij de training door mijn rug ging. Ik ben sinds kort voorzitter van een hengelsportvereniging.”