Trouwen in Georgië kan in een paar uurtjes. Een jaar of tien geleden ontdekten de eerste buitenlanders het en sindsdien volgden er duizenden trouwlustigen. Onder wie ikzelf. Omdat ik uit Rusland weg moest, was het de enige mogelijkheid om mijn Russische vriendin (inmiddels echtgenote) aan een visum voor Nederland te helpen.
Toen ik in maart dit jaar hoorde dat mijn opdrachtgevers me niet langer in Rusland wilden hebben, vroeg ik de Nederlandse ambassade in Moskou om advies. Want hoe moest het nou verder met mij en mijn vriendin?
‘Het is sinds de sancties tegen Rusland wel een stuk lastiger geworden’, zei de ambassadeur eerlijk. ‘Voor de invasie in Oekraïne hoefde je alleen maar een paar foto’s van een gezamenlijke vakantie te laten zien en je kreeg een visum. Nu moet je of een samenlevingscontract of een trouwakte overleggen.’
Ik wist dat het wel goed zat tussen ons
Barre tijden vragen om rigoureuze stappen, dus overwoog ik het mijn vriendin voor te leggen. Ik wist dat het wel goed zat tussen ons, maar we zagen elkaar maar één keer per maand (ze woont op zo’n 300 kilometer van Moskou om voor haar demente moeder te zorgen) en een plompverloren huwelijksaanzoek kan iemand toch de kriebels geven.
Een paar dagen later zaten we aan mijn keukentafel en ik vroeg me af hoe ik over een huwelijk zou beginnen. Tot mijn vriendin zelf ineens het onderwerp aansneed. ‘Weet je dat je in Georgië in één dag kunt trouwen? Ik heb het op internet gevonden’, zei ze een beetje nerveus lachend. Ik zei: ‘Maar wil je dat dan?’
‘Ja, ik wil dat. Maar jij dan?’, vroeg ze.
‘Ja, ik wil het ook’, antwoordde ik verrukt. Dat was dus geregeld.
Eind juni poetste ik de plaat
Ruim een maand later volgde mijn officiële aanzoek, waarop mijn vriendin volmondig ‘ja’ zei. Ik bereidde me voor op mijn vertrek uit Rusland en eind juni poetste ik de plaat, haar tenminste met de zekerheid achterlatend, dat ik haar niet zou vergeten.
Toen ik eenmaal in Tbilisi was neergestreken, moest ik de trouwpartij gaan voorbereiden en toog ik naar het stadskantoor, een futuristisch gebouw aan de oever van de rivier Koera in het centrum van de Georgische hoofdstad.
Een dame legde mij uit hoe trouwen-in-één-dag in zijn werk gaat. Het bleek kinderlijk eenvoudig. ‘U moet de beide paspoorten laten vertalen in het Georgisch, ook die van de twee getuigen en uw vriendin moet van haar echtscheidingsdocument eveneens een Georgische vertaling inleveren. Dat is het.’ Ik kon mijn oren niet geloven.
Op de dag zelf kwamen we toch een beetje nerveus het stadskantoor binnen. Zou het allemaal lukken? Zaten er geen addertjes onder het gras, zou het allemaal uitlopen op een denderende teleurstelling en waren getuigen, familie en vrienden voor niets naar Tbilisi gekomen?
Rijp voor een lichte paniek
We stuitten op het gebruikelijke gekrioel van mensen, die een rijbewijs of paspoort kwamen halen, geboortes lieten registreren of een (bouw)vergunning aanvroegen. We trokken een nummertje en liepen naar het loket.
‘De kopie van uw echtscheidingspapieren heeft geen apostille’, zei de vrouw streng, verwijzend naar het notariële zegel die de rechtsgeldigheid van het document moest bewijzen. Daar gaan we al, dacht ik, rijp voor een lichte paniek. Nu kan het feest niet doorgaan.
‘Ik heb het origineel bij me’, antwoordde mijn vriendin. ‘Hebt u daar wat aan? Ik heb het toch niet meer nodig.’ De vrouw bekeek het papier en ging akkoord. Opluchting.
Toen bladerde ze door mijn paspoort en vroeg: ‘Waar staat dat u Georgië bent binnengekomen? Ik kan het niet vinden.’ Opnieuw koud zweet. Zo’n douanebeambte op de luchthaven hoeft maar één ding te doen: een stempel zetten. En dat zal hij toch niet vergeten zijn?
Opnieuw een zucht van verlichting
Ik bladerde onrustig door mijn paspoort en vond het stempel. Zoals altijd, stond het lukraak ergens op een willekeurige bladzijde gekwakt. Opnieuw een zucht van verlichting.
De dame kopieerde van alles, voerde gegevens in haar computer in en vertelde ons toen plaats te maken voor de volgende cliënt. De controle van de documenten moest nog geschieden. We ontkurkten vast een fles champagne.
Een minuut of 40 later kreeg ik een sms’je met in het Georgisch de boodschap dat we konden terugkeren naar binnen. We trokken opnieuw een nummertje en bij een ander loket zetten de getuigen hun krabbel. Daarmee was de teerling geworpen en kregen we onze huwelijksakte overhandigd.
Binnen twee uur waren we getrouwd en stonden we weer buiten met de ogen te knipperen. Tegen het felle zonlicht, maar ook door prettige verbazing. En ik dacht: in Nederland heb je een flitsscheiding. In Georgië een flitshuwelijk.
Leeuwarder Courant en Dagblad van het Noordenpubliceren iedere week een column van Onze Vrouw/Man, een van de acht mediacorrespondenten uit een ander continent.
Joost Bosman (1969, Eindhoven) was sinds eind oktober 2013 correspondent in Moskou voor het AD, Financieele Dagblad, deze krant, EWMagazine, BNR Nieuwsradio en EenVandaag. Hij studeerde journalistiek aan de Hogeschool Windesheim in Zwolle en Ruslandkunde aan de Universiteit van Amsterdam. Hij werkt nu vanuit de Georgische hoofdstad Tbilisi.