Dronefoto vanaf buurtschap Nooitgedacht tussen Spijk en de Eemshaven, kijkend naar de Oostpolder. Foto: Huisman Media
Omwonenden van de Eemshaven ervaren dagelijks de lasten van de voortdurende industrialisering van hun leefomgeving, stelt Ab Reitsma uit Spijk. Volgens hem is het redelijk om de vraag te stellen of de grens inmiddels niet bereikt is.
De discussie over de mogelijke vestiging van kerncentrales in de Eemshaven wordt vaak gevoerd in termen van nationale belangen. Energiezekerheid, klimaatdoelen, economische groei en de versterking van de Nederlandse energie-infrastructuur worden daarbij als vanzelfsprekende argumenten naar voren gebracht.
Maar wie in Den Haag of Groningen over de Eemshaven praat, zou zich ook moeten afvragen wat al die plannen betekenen voor de mensen die er wonen.
Als inwoner van Spijk zie ik al decennialang hoe de leefomgeving steeds verder verandert in een industriële energiehub. Waar ooit ruimte, rust en openheid kenmerkend waren voor het landschap, stapelen de grootschalige projecten zich inmiddels op.
In de Eemshaven staan vier elektriciteitscentrales, waarvan er één grotendeels op steenkool draait. Er landen elektriciteitsverbindingen aan vanuit Noorwegen en Denemarken. Twee 380 kVhoogspanningsleidingen doorsnijden het landschap als ijzeren gordijnen, waarbij vooral de meest recent aangelegde verbinding een dominante en ontsierende aanwezigheid vormt.
Geurhinder
Daar blijft het niet bij. Sinds 2022 wordt LNG aangevoerd in de haven. Bedrijven als Theo Pouw en Vopak zijn nadrukkelijk aanwezig. De activiteiten rond grondreiniging zorgen regelmatig voor geurhinder en grote opslagbergen die het landschap aantasten.
In de Oostpolder is een windpark gerealiseerd en in Eemshaven-West staat opnieuw een groot windpark gepland. Daarnaast is onze regio aangewezen als belangrijke schakel voor de energietransitie.
Via het project PAWOZ moeten stroomkabels en waterstofleidingen van op zee opgewekte windenergie aan land komen. Hiervoor worden in de Oostpolder een groot hoogspanningsstation van TenneT en meerdere converterstations voorzien. Ook zijn elektrolysers gepland voor de productie van waterstof.
Daarbovenop komen nieuwe bedrijvigheid en energie-intensieve activiteiten zoals datacenters, batterijfabrieken en zonnepanelenproductie. QTS beschikt inmiddels over meerdere datacenters in de Eemshaven en Google heeft er al vier, met verdere uitbreiding tot negen in de nabije toekomst.
Waar ligt de grens?
De vraag die daarbij steeds nadrukkelijker opkomt is: waar ligt de grens? De leefbaarheid van onze dorpen staat nu al zwaar onder druk. Bewoners ervaren dagelijks de gevolgen van de voortdurende industrialisering van hun leefomgeving. De lusten van deze ontwikkelingen komen grotendeels elders terecht, terwijl de lasten vooral lokaal worden gedragen.
Het gevoel overheerst dat Noordoost-Groningen telkens opnieuw wordt gevraagd ruimte te maken voor nationale ambities. De mogelijke komst van twee kerncentrales zou die druk verder vergroten.
Los van de discussie over veiligheid en gezondheid, is het vrijwel onvermijdelijk dat de aanleg van kerncentrales opnieuw ingrijpende infrastructurele gevolgen zal hebben. TenneT heeft al aangegeven dat ondergrondse aanleg van extra hoogspanningsverbindingen geen reële optie is. Dat betekent dat een nieuwe bovengrondse 380 kV-leiding waarschijnlijk noodzakelijk wordt.
Aardbevingen en schade
Voor bewoners dreigt opnieuw een aantasting van landschap en woonomgeving. Dat gebeurt bovendien in een regio die nog altijd de gevolgen ondervindt van tientallen jaren aardgaswinning. Bewoners hebben te maken gehad met aardbevingen, schade aan woningen, onzekerheid en een langdurig verlies van vertrouwen in de overheid. Juist daarom zou terughoudendheid en zorgvuldigheid op zijn plaats zijn wanneer opnieuw grootschalige nationale projecten worden overwogen.
Ook de bouwfase verdient aandacht. De realisatie van kerncentrales zal vele jaren in beslag nemen. Dat betekent onder meer extra verkeersdrukte, licht,- geur- en geluidsoverlast. Ook zullen er weer duizenden tijdelijke arbeidskrachten worden aantrokken, wat een verdere druk op de woningmarkt legt.
Nu al worden woningen opgekocht of verhuurd voor tijdelijke huisvesting van arbeidsmigranten. Dat gaat ten koste van de beschikbaarheid van woningen voor starters en gezinnen en zet de sociale samenhang in dorpen onder druk.
Brede welvaart
Voorstanders spreken graag over brede welvaart. Maar brede welvaart gaat niet alleen over economische groei, energieproductie of nationale klimaatdoelen. Het gaat ook over gezondheid, leefbaarheid, landschap, sociale cohesie en het welzijn van inwoners.
Juist op die punten dreigt Noordoost-Groningen opnieuw de rekening te betalen. De inwoners van deze regio hebben al uitzonderlijk veel bijgedragen aan de Nederlandse energievoorziening.
Daarom is het redelijk om de vraag te stellen of de grens inmiddels niet bereikt is. Hoeveel extra infrastructuur, industrie en energieprojecten kan een gebied nog dragen voordat de kwaliteit van leven onherstelbaar wordt aangetast?
Mijn oproep aan bestuurders en politici is eenvoudig: kijk niet alleen naar de nationale voordelen, maar ook naar de mensen die dagelijks met de gevolgen moeten leven. Brede welvaart mag niet opnieuw ten koste gaan van lokaal welzijn. Realiseer daarom geen kerncentrales in de Eemshaven.
Ab Reitsma is Adviseur Dorpsbelangen Spijk en lid van het comité Bewoners Belangen Eerst (BBE) Oostpolder