Van deze grazende roodbonte melkkoeien mogen er straks een stuk minder zijn, zeker rond kwetsbare natuurgebieden. Foto: ANP
Na zeven jaar soebatten over stikstofproblemen, is het kabinet Jetten vrijdag gekomen met een groot plan om de uitstoot terug te dringen. Woensdag gaat de Tweede Kamer erover in debat. Met bezorgde boeren op de tribune.
Landbouwminister Jaimi van Essen zet met zijn nieuwe beleid in op bufferzones rond kwetsbare natuur waar boeren minder mogen uitstoten. Ook moeten er minder koeien per hectare komen. Veel melkveehouders zien het plan niet voor zich. Zij vrezen ze de nieuwe strenge ammoniakregels niet kunnen halen. Daarom hebben boerenactiegroepen opgeroepen om de publieke tribune in Den Haag te bezetten. Ze hopen zo hun ongenoegen zichtbaar te maken. Trouwens: ook in het Drents Parlement gaat de discussie over nieuwe stikstofmaatregelen, en daar zitten eveneens ontevreden boeren.
DVHN vroeg twee Drentse boeren. Hans Brinke uit Orvelte en boer Laurens van der Gun uit Spier. Wat vinden zij van het stikstofplan?
Hans Brinke, boer uit Orvelte. Fotograaf Boudewijn Benting
Hans Brinke (43) Orvelte: ‘Hierdoor kunnen alleen grote boeren doorgaan’
Brinke gaat niet naar het debat in de Tweede Kamer woensdag. Niet omdat hij niet kritisch is, maar omdat hij op vakantie gaat. Eén ding vooropgesteld: hij vindt het Nederlandse plan verschrikkelijk. De afbouw van de uitstoot van ammoniak in die plannen is zo streng dat hij ze niet kan halen. „Ik heb er slecht van geslapen. Ik ben echt geschrokken van de impact.”
De boer uit Orvelte is biologisch boer en heeft maar veertig koeien. Eigenlijk past hij al perfect in het plaatje dat de overheid voor ogen heeft voor melkveehouders. „Toch ga ik die landelijke richtlijnen niet halen. Dat kan alleen met technische toepassingen. Met dure stalsystemen als een luchtwasser of Lely Sphere.”
Zo’n luchtwasser is een apparaat dat stofjes uit de stal filtert en een Lely Sphere scheidt mest en urine en maakt er kunstmestvervangers van. De stal stoot dan 77 procent minder ammoniak uit.
Maar zo’n technische oplossing kost al gauw anderhalve ton, zegt Brinke. „Met veertig koeien kan ik dat soort bedragen niet gaan uitgeven. Als de nieuwe regels doorgaan, vrees ik dat uitsluitend grote boeren doorgaan. Alleen zij hebben armslag voor dure technische maatregelen om onder die landelijke ammoniaknorm te komen.”
Hij ziet meer licht in de oplossing waar het Drents Parlement woensdag over stemt in het plan Toekomstgericht Landelijk Gebied Drenthe (TLGD). Daarin wil de provincie ook ammoniak terugdringen, maar hanteert daarvoor een minder strenge ammoniaknorm per fosfaatrecht in 2035 dan het Rijk.
Laurens van der Gun (39) uit Spier: ‘Als biologisch boeren zo’n goudmijn was, deed iedereen dat wel’
Van der Gun boert met een groot melkveebedrijf op de rand van het natuurgebied Dwingelderveld. Hij ziet niks in de stikstofplannen, zowel landelijk als provinciaal. Hij zit woensdag in het Drents Parlement om dat duidelijk te maken. „Ze moeten in Den Haag en in de provincies inzien dat dit veel met boeren doet. Hier hangt de toekomst van een heleboel agrarische gezinsbedrijven van af.”
Van der Gun zit bij Farmers Defence Force. Volgens hem zaait dit kabinet verdeeldheid tussen boeren binnen en buiten bufferzones rond natuur. „Zo gaat het niet goed komen met onze toekomst.”
Hij heeft het gevoel dat de landbouw altijd als eerste moet inleveren en niet de industrie, verkeer, scheepvaart en luchtvaart. „Terwijl onze gewassen ook stikstof vastleggen. Daardoor is onze sector netto helemaal geen grote uitstoter.” Op die uitspraak valt overigens wel wat af te dingen. Gewassen nemen stikstof op uit mest of kunstmest, maar dat wordt niet volledig benut. Een deel gaat naar de lucht (ammoniak) of spoelt uit naar bodem en water (nitraat). Stikstof die wel in planten komt, komt later weer vrij in het milieu via oogst, mest en afbraak van plantenresten.
Toch is het voor Van der Gun een belangrijk argument. „Ik heb mijn twijfels bij de cijfers. Maar áls we dan iets uitstoten, dan zijn we volgens mij een heel kleine speler.” Hij voelt zich door de plannen aangetast in zijn integriteit als boer. „En niet zo’n klein beetje ook. Hoe kan iemand je nou opleggen hoe je een bedrijf moet voeren? Ze creëren nu een enorme waardedaling van grond in die zones rond natuur. Het is óns eigendom en het dreigt nu onverkoopbaar te worden.”
Omschakelen naar een biologisch bedrijf – iets waar het kabinet op stuurt – is makkelijker gezegd dan gedaan, legt Van der Gun uit. Zijn bedrijf is ingericht op een grote melkproductie. „Je kan niet zomaar aanpassen. Dan moet je zó veel investeren. Je moet veel extra grond aankopen. Die grond is er helemaal niet. Als de biologisch werkwijze zo’n goudmijn was geweest, was iedereen wel biologisch boer geweest!”