Koeien in de Drentse natuur, nabij Gasteren. Foto: Venema Media
Woensdag debatteert de Tweede Kamer over de nieuwe stikstofplannen van het kabinet. Daarmee moet er eindelijk een oplossing komen voor de stikstofcrisis, die zich al sinds 2019 voortsleept. Maar wat is nu eigenlijk het probleem met stikstof?
Wat is er zo slecht aan stikstof?
Op zich is stikstof een onschuldig gas: 78 procent van de lucht die we inademen bestaat eruit. Stikstof kan schadelijk worden als het zich bindt aan andere elementen. Dan ontstaan stoffen zoals ammoniak en stikstofoxiden. In grote hoeveelheden zijn die slecht voor mens en milieu. We hebben dus eigenlijk een stikstofverbindingenprobleem, maar dat bekt niet zo lekker.
Wat is er mis met stikstofverbindingen?
Als ammoniak neerslaat op de bodem krijgt de grond een overdosis stikstof. Ook veroorzaken de stikstofverbindingen bodemverzuring doordat ze reageren met water en bodemprocessen, waardoor de zuurgraad (pH-waarde) van de bodem stijgt. Veel planten kunnen niet tegen die voedingsrijke, zure bodem. Soorten die er wel goed op gaan zijn grassen, brandnetels en bramen. Die verdringen andere gebiedsspecifieke plantensoorten. De balans in ecosystemen raakt verstoord. Dat heeft grote gevolgen voor de biodiversiteit. Insecten die afhankelijk zijn van gebiedsspecifieke planten verdwijnen. Vooral natuurgebieden lijden hieronder.
Mensen hebben er geen last van?
Jawel, de afname van de biodiversiteit bedreigt ons voortbestaan op allerlei manieren. Maar niet alleen de bodem wordt aangetast door stikstofverbindingen, ook de kwaliteit van water en lucht hebben eronder te lijden. Uit ammoniak en stikstofdioxide wordt bijvoorbeeld ook fijnstof gevormd. Dat kan leiden tot luchtwegklachten, astma-aanvallen en andere gezondheidsproblemen. De achteruitgang van de biodiversiteit brengt ook de voedselzekerheid in gevaar: bestuivende insecten verdwijnen.
Waarom wordt er steeds naar de boeren gekeken bij deze crisis?
De landbouw is verantwoordelijk voor ongeveer tweederde van de totale stikstofuitstoot. Dat komt vooral door de veehouderij. Mest en bemesting zijn goed voor ongeveer 90 procent van de totale ammoniakuitstoot. Huishoudens en wegverkeer zijn elk goed voor ruim 3 procent, de industrie voor 2.
Verkeer en industrie vormen hier dus nauwelijks een probleem?
Hoho, niet te snel. Stikstofoxiden, goed voor een derde van de totale stikstofuitstoot, komen vooral vrij bij verbrandingsprocessen. Hier is het wegverkeer (35 procent) de grootste bron. Daarna volgen andere mobiele bronnen (19 procent), binnenvaart (13 procent) en industrie en afval (13 procent). Niet voor niets staat in de kabinetsplannen dat in deze sectoren in 2035 een reductie van 50 procent moet hebben plaatsgevonden ten opzichte van 2019.
En wat vraagt het kabinet van de boeren?
Een ammoniakreductie van 42 tot 46 procent in 2035, berekend ten opzichte 2019 (met als tussendoel 23 tot 25 procent reductie in 2030). Daarnaast komt er een norm voor het maximaal aantal koeien per hectare in 2035: 2,6. En er komen bufferzones van 500 of 1000 meter rond kwetsbare natuurgebieden: daar moet de stikstofuitstoot nog eens 20 procent extra omlaag.. Het kabinet wil biologische en natuurinclusieve landbouw bevorderen omdat die minder stikstof uitstoot.
Hoe zit het bij onze buren in Duitsland?
Nederland stoot vergeleken met andere Europese landen heel veel stikstof uit. Volgens cijfers over 2022 (van het RIVM) ging er dat jaar bij ons per hectare 29 kilo stikstof in de vorm van ammoniak de lucht in en 17 kilo als stikstofoxiden. Duitsland, zeker geen kleine stikstofvervuiler, stootte dat jaar per hectare minder dan de helft daarvan uit: respectievelijk 12 en 8 kilo. Alleen op Malta is de stikstofemissie hoger dan bij ons.
Waarom sleept dit zich nu al jaren voort?
De stikstofcrisis ontstond in 2019 toen de Raad van State het toenmalige vergunningensysteem onderuithaalde, de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS). Met dat systeem werd natuurherstel gekoppeld aan economische verbeteringen die in de toekomst zouden worden bewerkstelligd door boeren en/of projectontwikkelaars. Probleem: de PAS voldeed niet aan de Europese regels. Daardoor kunnen er nog maar weinig vergunningen worden verleend. Alle oplossingen die sindsdien zijn bedacht, stuitten op grootschalige boerenprotesten.