Terecht maken noordelijke gemeenten en provincies vaker melding of doen zelfs aangifte van bedreigingen aan het adres van volksvertegenwoordigers en ambtenaren. Het democratisch systeem verdient bescherming.
Steeds vaker bijten lokale en regionale bestuurders van zich af. Ze wijzen op de democratische rechtsstaat die onder druk staat als raadsleden en Provinciale Statenleden uit angst voor agressie hun werk niet meer naar eer en geweten kunnen doen en geen besluiten meer durven te nemen.
Dit voorjaar stuurde marktonderzoeker Enigma Research in opdracht van DVHN alle gemeenteraadsleden in Drenthe en Groningen een vragenlijst: bijna de helft van de lokale politici geeft aan te kampen met bedreigingen, scheldpartijen of lelijke verwensingen.
Afgelopen week strekte de onheuse bejegening zich naar de ambtenarij. Farmers Defence Force (FDF) gaf een ambtenaar van de provincie 24 uur de tijd om een memo vrij te geven. Bijzonder kwalijk omdat ambtenaren worden geacht namens of in opdracht van het bestuur te handelen. Zij zijn niet verantwoordelijk voor beleid.
Met de afstemming en de omgang tussen burger en bestuur is in toenemende mate iets mis. Besluiten worden niet geaccepteerd en de schreeuwers hebben de overhand is een veelgehoorde tekst in overheidskringen. Dat is te simpel. Aan agressie gaat in veel gevallen en in deze volgorde een gevoel van verdriet, machteloosheid, frustratie en woede van inwoners vooraf.
Lang niet altijd voelen mensen zich niet of te laat betrokken bij ingrepen in hun directe leefomgeving door de overheid. In het oog springen protesten tegen azc’s, nieuwe woonwijken of een andere invulling van een gebied of bestaande gebouwen. Er is te weinig input mogelijk of er gebeurt weinig mee. Het is de onduidelijkheid over het proces en het gebrek aan transparantie, die zorgen voor verontwaardiging, boosheid met kans op agressie.
Hopelijk besteden partijen die nu in hun gemeente coalities en colleges vormen hier aandacht aan. En verschuilen ze zich niet achter een participatienota, die veelal gemaakt is om de overheid in positie te brengen en niet zozeer de inwoners.
Een uitgangspunt bij de nieuwe omgevingswet, die veranderingen in de leefomgeving door overheden mogelijk maakt, was dat er meer gebruik wordt gemaakt van de ‘wisdom of the crowd’. Mensen hebben te vaak niet het gevoel dat ze effectief invloed kunnen uitoefenen op wat de overheid met hun omgeving doet. Daar moet de overheid eens goed over nadenken.
Neemt niet weg dat iedere vorm van agressie tegen volksvertegenwoordigers moet worden veroordeeld. Ze maken de zaak waar inwoners voor strijden niet sterker en ondermijnen de democratische rechtsstaat waar we heel erg zuinig op moeten zijn.