De Elzas is het land van choucroute garnie, kougelhopf, munsterkaas en andere delicatessen. Die kun je óók proeven als je langs de Elzasser wijnroute rijdt. Maar belangrijker zijn de wijnen, die weer een opmars maken. Vooral de Elzassers met een sprankeling.
Philippe Blanck buigt in een zachte beweging zijn armen naar het hoofd, het lichaam naar beneden of zijn vingers naar de nek. In zijn wijngaard nabij het Elzasser dorpje Kientzheim beoefent hij vrijwel dagelijks Qi Gong, een Chinese bewegingsleer die door herhaaldelijke bewegingen en ademhalingsoefeningen probeert de stroming van de qi, of levensenergie, positief te beïnvloeden.
,,Je zult merken dat je sensorische perceptie bij het proeven van de wijnen enorm is toegenomen”, verklaart hij de oefeningen die hij vaak met groepen bezoekers doet. Een tamelijk ongewone manier om een proeverij te beginnen, denken we, maar Blanck heeft er naar eigen zeggen baat bij gehad dat hij de bewegingsleer vijfentwintig jaar geleden omarmde. Nieuwigheid in een wijnstreek die van oudsher behoorlijk conservatief oogde.
Philippe Blanck doet Qi Gong in de wijngaard. Foto: Jacques Hermus
Welkom in de Elzas, dat stukje Frankrijk dat tegen de Rijn ligt aangeplakt waar aan de andere oever de contouren van het Duitse Zwarte woud opdoemen. Een stukje Frankrijk ook waar het lokale dialect eerder Duits dan Frans is. De landstreek is dan ook in de loop van de geschiedenis verschillende keren van nationaliteit veranderd, maar behoorde tot 1648 tot het Habsburgse rijk.
Dat men nu in het Elzassisch spreekt over eten en drinken als ‘essa’ en ‘trenka’ en dat het stikt van plaatsnamen als Kaisersberg, Riquewihr of Ebersheim, is dus historisch verklaarbaar. Net zoals uit de geschiedenis ook de kwaliteit van de wijnen verklaarbaar is: hier wordt al sinds mensenheugenis wijn gemaakt van vooral witte druiven.
Explosieve groei van de crémant d’Alsace
Pinot blanc bijvoorbeeld, die wij vooral kennen als begeleider van de asperges maar zoveel méér is; de kruidige gewurztraminer met zijn roze zweem; de pinot gris met zijn volle smaak; de rode slanke pinot noir; en natuurlijk de koning, de riesling. Gevat in slanke flessen waarop – als een van de weinige gebieden in Frankrijk – de naam van de druif op de fles staat. Want aan het mengen van druivenrassen in de fles doen ze hier niet meer: de oude edelzwicker, een cuvée, verdwijnt langzaam.
Wat niet verdwijnt, integendeel zelfs explosief groeit, is de crémant d’Alsace, het antwoord van de Elzassers op de champagne uit die andere streek in de regio Grand Est. Het maakt nu al meer dan een kwart deel uit van de totale wijnproductie in de streek. Gemaakt met dezelfde techniek van dubbele gisting, maar in prijs een stuk aangenamer dan de champagne.
En als je dan bij het biologische wijngoed Paul Ginglinger (ook anno 1610) uit handen van de dertiende generatie Michel Ginglinger een glas sprankelende brut prestige krijgt ingeschonken, bemerk je ook nauwelijks een verschil. Gemaakt van chardonnay en pinot blanc heeft hij de droge diepte van een mooie champagne. Niet toevalligerwijs heeft Michel ook een leerschool in de Champagnestreek doorlopen, en ook in andere streken – Chili – heeft hij de oenologische kneepjes van het vak geleerd.
De Elzasser bouwstijl met al zijn vakwerkhuizen
In hetzelfde dorp Eguisheim vinden we ook domaine Joseph Gruss & Fils, waar fils – de zoon – André nu de scepter zwaait. Net als zijn collega en vriend Michel Ginglinger bestiert hij een relatief klein domein, maar met zijn traditionele Elzasser druiven streeft hij naar evenwicht, finesse, puurheid en elegantie in zijn wijnen. De pinot gris ‘Argiles blanches’ is weliswaar vlezig, maar ook mooi strak.
Eguisheim is uitgeroepen tot het mooiste dorp van Frankrijk. Foto: Shutterstock
Naast de wijnhuizen heeft het dorp nog een attractie, namelijk Eguisheim zelf. In 2014 uitgeroepen tot le plus beau village de France en gebouwd rond een middeleeuws centrum, is Eguisheim het voorbeeld van de Elzasser bouwstijl met al zijn vakwerkhuizen. Een schitterende tussenstop op de Elzasser wijnroute, die via kronkelende weggetjes over oostelijke hellingen van de Vogezen leidt, de bergketen die de wijngaarden afschermt van Atlantisch regenwater. Hij voert langs kleine boertjes, coöperaties en tophuizen, langs een variëteit aan terroirs – klei, zand, leisteen, kalk – die zijn weerga in Frankrijk niet kent.
De route is bedoeld om het wijntoerisme in de streek te bevorderden. Want de Elzas heeft het, net als veel andere streken in Frankrijk, niet gemakkelijk in een verder globaliserende wijnmarkt. Zeker niet voor een markt als de Nederlandse. ,,Dan helpt het wel als je die Nederlandse toerist, die hier wel degelijk met zijn auto of fiets langskomt, een wijnervaring mee kunt geven”, zegt Gladys Wintermantel, de algemeen directeur van Domaine Bott Frères in Ribeauvillé. Het domaine, dat al sinds 1835 in het bezit is van de familie van haar partner, heeft zich al jaren ingespannen voor het wijn toerisme. Gladys’ schoonmoeder Nicole werd in 2016 uitgeroepen tot Madame Oenotourisme.
De oude kelder annex proefruimte bij Bott Frères. Foto: Jacques Hermus
En dat is te zien: een tour door de wijnkelder is een genot voor het oog. En wellicht belangrijker: de wijnen zijn een genot voor de tong. De wijnen hebben een droge stijl zonder beendroog te zijn, de crémants sprankelen. ,,De crémants maken 30 procent uit van onze productie. We hebben ongeveer 20 hectare, waarvan 90 procent biologisch gecertificeerd. Dat is hier makkelijker dan in andere delen van Frankrijk, want we hebben een koel klimaat, dat sosiewo minder kwetsbaar is voor druivenziekten.”
Een wijnkeldertour inclusief spectaculaire films
Het succes van de klantgerichte aanpak is duidelijk. ,,Ongeveer de helft van de productie wordt hier aan huis verkocht. En dan gaat er nog eens 30 procent naar het buitenland.” Bijvoorbeeld naar Nederland, waar de grootvader van haar man al zaken deed met wijnhandel Henri Bloem en zij dat dus ook nog steeds doen.
Nog een stapje verder in het pamperen van de wijntoerist gaat La Maison Zeyssolf (anno 1778). De biologische wijnen van het huis in Gertwiller worden geschonken in hun wijnbar en het fraai ingerichte restaurant. De keldertour inclusief spectaculaire films worden begeleidt door een trotse Yvan Zeyssolf, de winkel met wijnen en streekproducten is een trekpleister van jewelste.
Bij al dat wijntoeristisch geweld zou je bijna vergeten dat het vooral om de wijnen gaat. Want het is een poosje tobben geweest met de wijnen uit de Elzas. Waren ze vroeger populair vanwege het droge, elegante karakter, rond de eeuwwisseling was er behoorlijk wat zoet in de wijn geslopen. Dat was mede te danken aan de wijngoeroe Robert Parker, liefhebber van zware wijnen die veel punten in zijn wijngidsen aan de zwoele wijnen gaf. Met als gevolg dat ook kleine wijnboeren zoetere of zwaardere wijnen gaan maken. Dat leidde tot onduidelijkheid bij de vaste Elzas-drinker.
Het tij is gekeerd dankzij de ‘nieuwe’ wijnmakers
Wijngaarden in de Elzas. Foto: Shutterstock
Onze reisgenoot Cees van Casteren, een van de drie Masters of Wine die ons land telt, behoorde tot de twijfelaars. ,,Ik ben hier zelf al tien jaar niet meer geweest, kocht voor mezelf ook geen Elzassers meer. Uit een vooroordeel, ik geef het toe. Je had in de jaren zeventig droge wijnen – die overigens nooit helemaal beendroog waren – en dan had je de vendange tardive, de late oogst, met dat dikke zoet. Dat waren de echte supersterren en die waren betrouwbaar. Maar in de beginjaren 2000 waren de droge wijnen ook zoeter geworden en als ik dan in een restaurant zat kon ik teleurgesteld zijn omdat onduidelijk was welke stijl ik ingeschonken zou krijgen.’’
,,Het maakte de categorie onbetrouwbaar, ook voor een aantal sommeliers. Ik denk dat daarom de droge wijnen een deuk in hun imago hebben opgelopen. Gelukkig is het tij gekeerd. Dat is nu opgevuld doordat de ‘nieuwe’ wijnmakers weer richting droog gaan én door de opkomst van de crémants. Waarbij het vooral de kleinere domeinen zijn die het voortouw nemen. Ik denk dat het heel slim is en dat ze daar aan alle kanten veel profijt van gaan hebben. En ik ook, want ik heb mijn vooroordeel deze dagen behoorlijk bijgesteld. En de riesling van de Elzas kan zonder twijfel de concurrentie aan met de Duitse rieslings. Zeker in prijs.”