Angelique Bisschop in haar kaaswinkel: de Roode Schuur. Foto: Anjo de Haan
Kaasboerderij de Roode Schuur in Oldehove opende afgelopen weekend voor het laatst de deuren. Hoe waren de afgelopen tien jaar voor eigenaar en kaasmaker Angelique Bisschop?
Aan de slingerende weg richting Oldehove staat de Roode Schuur, de boerderijwinkel waar een heleboel kaas is gemaakt en verkocht. De planken die voorheen vol lagen met ronde kazen in alle soorten en smaken zijn op een paar restjes kaas na leeg, afgelopen zaterdag was de laatste dag van de kaaswinkel.
Angelique Bisschop (46) besloot na lang wikken en wegen de deuren van haar winkel te sluiten. De verkoop van de kaas werd te veel in combinatie met een groeiend melkveebedrijf en een groot gezin.
Angelique en Fokko Bisschop met hun kinderen Tom (17), Emma (14) en Niek (11). Hun oudste dochter Isolde (19) is in Canada en ontbreekt op de foto. Foto: Anjo de Haan
‘Sommigen komen hier al tien jaar’
Tien jaar lang verkocht ze de kazen. Van jong tot overjarig. Met kruiden of zonder. Op vrijdag- en zaterdagmiddag stapten liefhebbers uit de hele omgeving de winkel binnen. Door de jaren heen werden dat er steeds meer. „Dan had iemand het kaasje geproefd bij vrienden. Of gingen mensen net als hun moeder de kaas hier halen”, zegt Bisschop. „Je bouwt echt een band op met de mensen. Sommigen komen hier al tien jaar. Dat ga ik wel erg missen.”
De hele keten van de kaasmakerij doorlopen, dat was het doel in Oldehove. Daarvoor maakte Bisschop ook kaas op de boerderij in Zuid-Holland. Na twee weken rijpen werd de kaas opgehaald en eindigde dan later bij warenhuizen, op streekmarkten of in supermarkten. Veel extra schakels met een lage marge per kilo waardoor er veel geproduceerd moest worden om er een goed inkomen uit te halen, blikt Bisschop terug.
De planken van de winkel zijn bijna leeg. Foto: Anjo de Haan
‘Je bent altijd bezig’
Daarom nam ze het heft in eigen handen in Oldehove, van het melken tot de verkoop van de kaas. Het was zoeken naar de juiste formule, de kleigrond van Groningen zorgde voor andere melk dan ze gewend was. Maar het mondde al snel uit in een succesvolle winkel. Gaandeweg kwam haar kaas in andere boerderijwinkels en kaaszaken terecht.
Het maken van de kaas gaat zeven dagen in de week door. „Het proces moet je altijd in de gaten houden. Denk aan de luchtvochtigheid bij het rijpingsproces. Je bent altijd bezig”, zegt Bisschop. „Het werd te veel om vol te houden. Het besluit staat vast en het is goed zo.” Haar eigen favoriete kaas, een goed stuk jong belegen of fenegriek, hoeft ze niet te missen. Die blijft ze in kleine hoeveelheden maken voor zichzelf.
De boerderij van de familie Bisschop. Foto: Anjo de Haan