In de Waddenzee zijn dit jaar volgens tellingen uit de lucht fors minder gewone zeehonden geboren dan in 2021. Het gaat om een daling van 22 procent, zowel in de gehele Waddenzee als in het Nederlandse deel.
Dat staat in een rapport dat het Common Wadden Sea Secretariat in het Duitse Wilhelmshaven dinsdag naar buiten heeft gebracht. In juni zijn in de Waddenzee 8514 pups geteld, terwijl in 2021 nog 10.903 jongen zijn geturfd.
Laagste aantallen sinds 2011
Ook het aantal gewone zeehonden in de rui die elke maand augustus worden geteld neemt af. Er zijn in het gehele werelderfgoed Waddenzee bij eb op zandbanken 23.652 gesignaleerd, een daling van 12 procent vergeleken met 2021. Dit zijn de laagste aantallen sinds 2011. Tot 2021 - qua tellingen het topjaar voor de gewone zeehond - nam de zeehondenpopulatie nog toe of bleef die stabiel.
De oorzaak van de afname van pups en ruiende zeehonden is nog onduidelijk. Het kan zijn dat de populatie de draagkracht van de omgeving heeft bereikt, waardoor er een tekort aan voedselbronnen ontstaat. Hier zijn aanwijzingen voor, maar de tellingen zijn niettemin aanzienlijk lager dan was verwacht, merkt hoofdauteur Anders Galatius op in een persbericht. ,,We kunnen geen harde conclusies trekken op basis van waarnemingen van één jaar.”