Vlnr: Anita de Rijke (Leefbaar Assen) en Yaneth Menger (Stadpartij 100 % voor Groningen) namen het rapport van Joop Roebroek in ontvangst in aanwezigheid van vertrouwenspersonen Marga de Groot en Kalinka Schouten, die de gesprekken voerden met melders. Foto: DVHN
Meerdere gemeentebesturen in Drenthe en Groningen keken weg en informeerden hun gemeenteraad onvolledig over de misstanden bij Jeugdbescherming Noord (JB Noord), schrijft een Groningse onderzoeker. Ook adviseert hij om deze jeugdbeschermingsorganisatie op te heffen.
Dat staat in het maandag verschenen rapport Niet gehoord en niet gezien. Dat rapport is geschreven op basis van meldingen en gesprekken met 150 ouders en onder meer psychologen, huisartsen, pleegouders en oud-medewerkers van Jeugdbescherming Noord (JB Noord). Op verzoek van raadsleden uit Assen en Groningen werd gedragswetenschapper en socioloog Joop Roebroek gevraagd de meldingen te analyseren.
In het rapport staat in felle bewoordingen beschreven hoe ouders gekleineerd en bedreigd werden door jeugdbeschermers en zo het vertrouwen verloren in de organisatie die hun kinderen moet beschermen. De ouders hebben gelijk, schrijft de onderzoeker die ook voorzitter is van de rekenkamers in Westerwolde en Pekela. Hun ervaringen komen overeen en worden bevestigd door de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) en kinderrechters uit Noord-Nederland.
Al langer onder vuur
JB Noord ligt als gecertificeerde instelling al geruime tijd onder vuur. De organisatie voert door de rechter opgelegde maatregelen van jeugdbescherming en jeugdreclassering uit. In Drenthe en Groningen gaat het om bijna duizend kwetsbare kinderen en hun ouders en gezinnen. Vorig jaar werd het certificaat ingetrokken omdat het Keurmerkinstituut vond dat JB Noord niet aan de wettelijke kaders kon voldoen. Deze maand kreeg de jeugdbeschermingsorganisatie het certificaat weer terug.
Maar de problemen zijn nog niet verdwenen. Afgelopen zomer werd JB Noord door de inspecties (IGJ en Justitie en Veiligheid) tot in ieder geval begin komend jaar onder verscherpt toezicht gesteld. Kinderen en jongeren (en hun ouders) krijgen volgens de IGJ niet tijdig de passende bescherming, begeleiding en hulp die zij nodig hebben.
Opdracht van raadsfracties
Maar net zoals de IGJ analyseert onderzoeker Roebroek dat het probleem bij JB Noord niet alleen komt door een tekort aan personeel of middelen. Roebroek wijt het ook aan de manier van bejegening: ‘De toon, de houding, de vanzelfsprekendheid waarmee ouders en kinderen worden buitengesloten’, staat in het rapport. Er is volgens de onderzoeker dan ook weinig ruimte voor ‘cosmetische verbetering’ bij JB Noord.
Roebroek kreeg deze zomer van vier raadsfracties in Assen en Groningen de opdracht om de verhalen van ouders te analyseren die zich tot zich tot hun opgerichte meldpunt hadden gericht. Hij begon met de emoties van ouders, en hun verhalen daarbij. Ook raadpleegde hij inspectierapporten, bestuursverslagen van JB Noord en uitspraken van kinderrechters.
JB Noord opheffen
De manier van werken ligt volgens het rapport diep verankerd in de organisatie van JB Noord. Om de jeugdbescherming in Drenthe en Groningen te verbeteren en het vertrouwen bij ouders te herstellen moet JB Noord volgens Roebroek als instelling ophouden te bestaan.
Gemeenten moeten zelf weer hun verantwoordelijkheid nemen en bescherming van hun kinderen lokaal organiseren in samenwerking met scholen, huisartsen en gemeenschappen, schrijft de onderzoeker. In Veendam zijn ze daar volgens Roebroek al mee bezig. Hij ziet een nieuwe jeugdbescherming alleen functioneren als respect, luisteren en samenwerking de norm worden.
Gemeenteraden niet goed geïnformeerd
De afgelopen jaren wisten de colleges van voornamelijk Hoogeveen, Assen en Groningen - vanwege hun centrale rol in de organisatie van jeugdzorg en -bescherming - volgens Roebroek wel degelijk dat het echt niet goed ging bij JB Noord. Maar in plaats van de noodklok te luiden, informeerden de college’s hun gemeenteraden volgens het rapport maar half. Zij kozen de kant van JB Noord, en niet van hun inwoners.
Roebroek zegt dat zijn analyse aantoont dat het stelsel niet werkt en vooral zichzelf beschermt: ‘Ondertussen wachten kinderen, verliezen ouders hun vertrouwen en raken professionals uitgeput’.
Imago JB Noord belangrijker dan gezinnen
Maandag overhandigde Roebroek samen met vertrouwenspersonen Marga de Groot en Kalinka Schouten het rapport aan raadsleden Yaneth Menger (Stadspartij 100 % voor Groningen) en Anita de Rijke (Leefbaar Assen). Die hebben vervolgens een exemplaar gestuurd aan onder meer de colleges in Drenthe en Groningen, de Tweede Kamerleden die over jeugdbescherming gaan en staatssecretaris Judith Tielen (Volksgezondheid, Welzijn en Sport). De Rijke is blij dat het rapport er nu is: „Dit zijn de echte verhalen.” Ook Menger is onder de indruk. „Het is onze taak om op te komen voor deze gezinnen.” Donderdag reizen de twee raadsleden naar Den Haag om het rapport onder de aandacht te brengen van Kamerleden.
In een bericht aan het bestuur van JB Noord schrijven de raadsleden: ‘Wij vinden het bijzonder zorgelijk dat het imago van de organisatie nog steeds voorrang lijkt te krijgen boven de belangen van deze gezinnen. Even zorgwekkend is dat er tot op heden geen erkenning of excuses zijn gemaakt voor deze structurele tekortkomingen. Zolang dat uitblijft, blijft de kloof tussen Jeugdbescherming Noord en de gezinnen bestaan.’
Maandagmiddag is contact gezocht met Jeugdbescherming Noord voor een reactie op het rapport. Deze krant kreeg daarop de toezegging dat bestuurder Hemmala Sheerbahadoersing zou terugbellen. Dat is niet gebeurd.