Krijgt Jeugdbescherming Noord nog een kans, of valt het doek? Dat wordt de komende maanden duidelijk. Illustratie: Beeldbazen
Het voortbestaan van Jeugdbescherming Noord hangt aan een zijden draadje. Komende dagen wordt bekend of de jeugdbeschermingsorganisatie omvalt of voorlopig door mag. Moeder Emma: „Ik hoop dat die hele teringbende van JB Noord in elkaar stort.”
Het is een duivels dilemma. Moet ze haar jongste dochtertje vrijdag afleveren bij haar vader? Elke vezel in het lijf van de radeloze moeder schreeuwt om juist dat niet te doen. Ze vermoedt namelijk, net zoals de huisarts en de school, dat haar ex-partner haar dochtertje seksueel misbruikt.
Maar de jeugdbeschermer van Jeugdbescherming Noord (JB Noord) ziet geen risico. De jeugdwerker wil dat haar meisje zonder begeleiding naar haar vader gaat voor het weekend. Nee, hij eist het.
Emma* ligt er al nachten van wakker. Wat te doen? Ingaan tegen de jeugdwerker betekent automatisch een formele waarschuwing: de moeder werkt niet mee. Met alle gevolgen van dien. Het voelt als een oneerlijke strijd.
,,Ik ben ten einde raad. Zeg me alsjeblieft wat ik moet doen”, klinkt het wanhopig.
Het bittere antwoord
Nee.
Dat is het bittere antwoord van meerdere ouders die deze krant de laatste weken spreekt als zij de vraag krijgen of de zaken al wat beter lopen bij JB Noord. Iets wat toch wel voorzichtig wordt gesuggereerd door bestuurder Hemmala Sheerbahadoersing, ook deze week nog in een voortgangrapportage die gedeeld is met gemeenteraden in Drenthe en Groningen.
Ja, er zijn gigantisch grote fouten gemaakt in het verleden bij de jeugdbeschermingsorganisatie die verantwoordelijk is voor de veiligheid en welzijn van kinderen in Drenthe en Groningen. De fouten worden erkend, blijkt ook uit de reactie van de JB Noord-bestuurder op een kritisch rapport van de inspecties Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) en Justitie en Veiligheid (Inspectie JenV). Jarenlang was de druk enorm. Maar de weg omhoog is ook ingezet, klinkt het dan. ‘Onze bevlogen medewerkers werken hard aan de stijgende lijn’, meldt JB Noord in het rapport van de inspecties. ‘We hebben weer grip op de wachtlijst.’ En: ‘We willen dat onze cliënten zich gezien en gehoord voelen. Een vast gezicht is een belangrijke voorwaarde.’
Nee.
Dat is echt niet zo, vertellen ouders aan diverse keukentafels in Drenthe en Groningen. Ook nu nog, met het vergrootglas op de handel en wandel van JB Noord, zien en ervaren betrokkenen dat nog steeds niet. Ze hebben het gevoel aan het lijntje te worden gehouden, ze voelen zich niet gehoord en zien dat afspraken niet worden nagekomen.
De verhalen zijn stuk voor stuk schrijnend. Over moeders die zeggen kapot te zijn gemaakt door de JB Noord-medewerkers. Het niet langer meer zien zitten. Vaders die trillend van woede vertellen hoe een jeugdzorg-medewerker doodleuk zegt dat hij de macht heeft om zijn zoontje af te pakken.
Tessa klapt dicht als ze over JB Noord moet praten. Toch doet ze het, omdat ze vindt dat zaken fundamenteel anders moeten. Afgelopen zomer besloten jeugdwerkers van JB Noord eenzijdig om haar kinderen met spoed bij haar weg te halen en bij vader te plaatsen. De kinderen zouden niet veilig zijn bij haar.
Terwijl nota bene haar ex-partner haar én haar kinderen fysiek en geestelijk mishandelde. Vier dagen lang was Tessa zonder haar kinderen totdat de kinderrechter oordeelde: dit had JB Noord nooit zo mogen doen. De spoeduithuisplaatsing is ongeoorloofd en de kinderen moeten terug.
Als jeugdbeschermers na die uitspraak Tessa mailen dat de uitspraak over de uithuisplaatsing ‘voor de ene ouder een feestje is, voor de ander een domper’, knapt er iets. ,,Voor mij was het helemaal geen feestje, het was een nachtmerrie.”
Ze stort in, sindsdien verblijven de kinderen alsnog bij vader. ,,De kans is nu heel klein dat de kinderrechter mij het gezag zal geven.” Ze moet zich even herpakken. „Ik ben kapot gemaakt door Jeugdbescherming Noord. Dit doe je toch niet als moeder, je kinderen afstaan?”
Het pand in Groningen waar Jeugdbescherming Noord kantoor houdt. De organisatie ligt onder het vergrootglas van de Inspectie. Foto: Corné Sparidaens
Verplicht hulp
Als er grote zorgen zijn over de veiligheid van jongeren of kinderen en het niet via het zogeheten vrijwillig kader lukt, komt jeugdbescherming en -reclassering om de hoek kijken. Het gaat dan vaak om complexe zaken waarbij de veiligheid en de opvoeding van baby’s, kinderen of jeugdigen in het gedrang komt. Kinderrechters kunnen dan bijvoorbeeld beslissen dat een kind onder toezicht gesteld moet worden. Dat is allesbehalve vrijblijvend: ouders of opvoeders krijgen dan verplicht hulp bij het opvoeden.
Aangewezen jeugdbeschermers (of voogden) moeten wanneer ze bij een gezin aanschuiven de belangen van het kind behartigen en schakelen als dat nodig is hulp in van bijvoorbeeld psychologen of pleeggezinnen. JB Noord biedt die jeugdbescherming in Groningen en Drenthe. Afgelopen jaar werden bijvoorbeeld in Drenthe 255 en in Groningen 390 ondertoezichtstellingen uitgesproken, waarbij jeugdwerkers van JB Noord helpen bij, maar ook toezicht houden op, de opvoeding.
Maar dat gaat al geruime tijd niet altijd goed. Want in de praktijk blijkt dat kinderen regelmatig verder beschadigd raken door het handelen van JB Noord. Tijd voor contact met de kinderen is er maar nauwelijks, stellen meerdere ouders met wie deze krant sprak.
Er zijn te weinig jeugdwerkers om het moeilijke werk bij gezinnen te doen, het verzuim bij de jeugdzorgorganisatie met hoofdkantoren in Assen en Groningen is hoog en jongeren en gezinnen die afhankelijk zijn van JB Noord moeten lang wachten. Op bijvoorbeeld veiligheidsplannen, een plan van aanpak en überhaupt een vaste jeugdzorgwerker die wettelijk gezien binnen vijf dagen moet zijn toegewezen.
Dit alles zorgt ervoor dat het Keurmerkinstituut (KMI) afgelopen december het vaste certificaat van JBN intrekt en vervangt voor een zogeheten overbruggingscertificaat.
Die dreun van het afnemen van het certificaat siddert nog steeds na. Een gecertificeerde instelling zonder certificaat moet namelijk onmiddellijk afbouwen en de deuren sluiten. Dat zwarte scenario bungelt nog steeds boven JB Noord.
De jeugdzorgorganisatie heeft negen maanden de tijd gekregen om orde op zaken te stellen en die periode loopt dinsdag 16 september af. Het is nog ongewis: Valt het doek definitief? Of krijgt de organisatie, nu verantwoordelijk voor 945 jeugdigen, nog enig respijt? Het overbruggingscertificaat kan namelijk eenmaal worden verlengd: met drie maanden.
Marga de Groot spreekt als vertrouwenspersoon met door Jeugdbescherming Noord gedupeerde ouders. Voor de zomer al sprak ze haar zorgen uit in de Groningse gemeenteraad. Foto: Jaspar Moulijn
Meldpunt voor ouders
In de lokale politiek in Drenthe en Groningen is JB Noord ook een fors hoofdpijndossier geworden. Gemeentes betalen JB Noord. De boosheid over de gang van zaken was dit voorjaar vooral te horen bij enkele oppositiepartijen in de gemeenteraad in Assen en Groningen.
Het bracht de raadsleden Yaneth Menger (Stadspartij 100% voor Groningen) en Kelly Blauw (PVV) in Groningen en Tirza van Brakel-Engberts (Lijst van Brakel) en Anita de Rijk (Leefbaar Assen) in Assen ertoe begin augustus een meldpunt voor ouders op te richten. De raadsleden zeggen keer op keer signalen te krijgen dat het systeem niet werkt zoals bedoeld, maar dat deze signalen nauwelijks terugkomen in de officiële cijfers en rapportages. Ouders en professionals voelen zich vaak niet gehoord of durven zich niet uit te spreken via de formele weg.
Inmiddels zijn er 110 meldingen binnengekomen. Het meldpunt was in eerste instantie voor ouders bedoeld, maar er hebben zich ook huisartsen, pleegouders, psychologen en oud-medewerkers van JB Noord gemeld. Marga de Groot is een van de vertrouwenspersonen die de gesprekken met de melders voert. Ze hoort dat de problemen bij JB Noord echt nog niet zijn opgelost. „Het is een chaos”, vertelt De Groot.
Ze sprak een vrouw die al een maand geen vaste jeugdbeschermer heeft, een andere vrouw vertelde dat een zzp’er weer van haar zaak af is gehaald. „Ze houden zich niet aan wet- en regelgeving, er is geen plan van aanpak samen met ouders gemaakt, stukken die verdwijnen, ouders worden vaak niet teruggebeld en mails worden niet beantwoord.”
Ouders ervaren het volgens De Groot als machtsmisbruik. En professionals als huisartsen en oud-medewerkers van JB Noord onderschrijven dit, aldus de Groot. „We spreken ouders die traumatherapie volgen voor wat ze met JB Noord hebben meegemaakt. Ouders zijn ten einde raad, zonder hulp komen ze hier niet uit.”
Mariëlle Bruning is hoogleraar Jeugdrecht bij de Universiteit Leiden. Ze zegt dat het Keurmerkinstituut vooral kijkt naar interne processen bij JB Noord. „Het besluit van het KMI gaat geen antwoord geven op de zorgen van deze ouders.” Daarbij is JB Noord volgens Bruning te groot om om te vallen. „Het wordt een enorme operatie als alle zaken via de rechter overgedragen moeten worden naar andere gecertificeerde instellingen (GI).”
En andere GI's in de regio hebben volgens Bruning waarschijnlijk ook een personeelsprobleem en moet dan mogelijk jeugdbeschermers van JB Noord in dienst nemen om het werk aan te kunnen. „Zij moeten ook weer ingewerkt worden in de nieuwe systemen en werkwijze van de nieuwe GI.” Als het gaat om de kwaliteit van de zorg verwacht ze meer van het toezicht van de inspectie IGJ en JenV: „Ze staan onder verscherpt toezicht, dan moet je als organisatie echt met de billen bloot.”
Bruning kan zich niet voorstellen dat het beleid is bij JB Noord om „niet met ouders, maar tegen ouders te werken”. Het kunnen volgens Bruning “rotte appels” zijn, of misschien hele teams die zo werken. „Je moet misschien wel de hele organisatie doorlichten om te kijken waar dat in zit.” Het verscherpte toezicht van de IGJ kan daar volgens de hoogleraar op zijn minst een eerste aanzet toe zijn.
Bron: Inspecties Gezondheidszorg en Jeugd en Justitie en Veiligheid Bewerking: DVHN, LC
Ingebakken in de cultuur
Joop Roebroek analyseerde de verhalen van de melders in een rapport met als titel Niet gehoord en niet gezien waar deze krant inzage in kreeg en dat binnenkort gepubliceerd wordt. Gedragswetenschapper en socioloog Roebroek is voorzitter van de rekenkamers van de gemeentes Westerwolde en Pekela. Hij noemt het in een gesprek met deze krant ontluisterend hoe er met ouders en kinderen wordt omgegaan.
Veel ouders zijn volgens hem slechter af na de bemoeienis van JB Noord. „Dat is geen personeelsprobleem”, zegt Roebroek. ,,Het zit in de cultuur ingebakken, dat los je niet zomaar op. Ze beschermen vooral hun organisatie, niet zozeer de kinderen.” Hij ziet dat jonge jeugdbeschermers die net van het HBO komen, naar de gezinnen gestuurd worden. „Daarmee worden problemen eerder erger.”
In het rapport schrijft Roebroek dat medewerkers van JB Noord in de beleving van ouders vooral optreden als vertegenwoordigers van het systeem in plaats van als partners. Ook vinden ouders dat beloften vaak niet worden nagekomen en dat ‘klachtenprocedures meer functioneren als rituele handelingen ter bescherming van de organisatie dan als middelen tot herstel’. Het leidt bij de ouders tot gevoelens van onmacht, boosheid, wantrouwen, angst en soms ook diepe vernedering, schrijft Roebroek.
De gedragswetenschapper vindt overigens niet dat alleen JB Noord wat valt te verwijten. De raden en colleges in Drenthe en Groningen hebben de afgelopen jaren zitten slapen. Stelden niet de moeilijke vragen. ,,Ik heb de jaarverslagen van JB Noord vanaf 2018 doorgelezen. Er waren signalen genoeg dat het de verkeerde kant op zou gaan.”
Tunnelvisie
Niet alleen ouders meldden zich bij het meldpunt van de vier politieke fracties, maar ook enkele huisartsen uit het Noorden. Zij zijn vaak de eerste vertrouwenspersoon van gezinnen. Ze hebben een wettelijke taak om over onveilig situaties te melden bij instanties als Veilig Thuis. „Toch ervaren zij dat hun signalen niet leiden tot zorgvuldige onderzoeken, maar eerder tot tunnelvisie en schending van de privacy”, concludeert Roebroek. Een huisarts wordt geciteerd in het rapport: ‘Er is sprake van een angstcultuur, gekleurde adviezen aan rechters en een systeem dat kinderen uit het oog verliest.’ Volgens Roebroek voelen huisartsen zich machteloos zodra Jeugdbescherming Noord een casus overneemt.
Bij het meldpunt meldden zich ook andere bezorgde betrokken mensen, zoals pleegouders, therapeuten en oud-medewerkers van Jeugdbescherming Noord. ‘Twee pleegouders stopten niet vanwege de kinderen, maar vanwege de cultuur en de botsingen met jeugdbeschermers’, concludeert Roebroek. ‘Anderen spreken van machtsmisbruik, bureaucratie en klachtenprocedures zonder effect.’ Het gevolg is volgens de onderzoeker dat ‘steunstructuren rond gezinnen worden ondermijnd in plaats van versterkt’.
Ouders die met Jeugdbescherming Noord te maken krijgen vinden dat de organisatie vooral bezig is met zichzelf beschermen, en niet de kinderen. Foto: Corné Sparidaens
Verscherpt toezicht
En dan is er ook nog het snoeiharde rapport van de Inspecties IGJ en JenV. Wie dat leest, kan de moed in de schoenen zinken: hoe moet dit ooit goedkomen? Op bijna alle in maart getoetste punten scoorde JB Noord ‘onvoldoende’ of ‘slecht’. In juli stelden de inspecties JB Noord onder verscherpt toezicht.
Zo zagen de inspecteurs in maart dat 249 van de 975 kinderen of jeugdigen geen vaste jeugdzorgwerker hadden. Een half jaar daarvoor was dat nog in 158 dossiers het geval.
Uit de meeste recente cijfers van 28 augustus die met de gemeenten in Drenthe en Groningen zijn gedeeld blijkt dat er nog weinig verbetering is. Nog steeds hebben 249 jeugdigen geen vaste jeugdbeschermer.
Volgens de inspecties zijn dossiers ook allesbehalve volledig onvolledig en niet actueel, voelen ouders en kinderen zich niet gehoord en geeft twee op de drie ouders aan dat de geboden hulp niet zorgt voor verbetering.
Dat ondervond vader Kees* ook. Hij las in een rapportage van JB Noord dat hij zijn baby ruw vanaf het verschoonkussen vastpakte, volgens de kraamverzorgster. Geschrokken belde hij de kraamzorg, want hij herkende dit helemaal niet. En al helemaal niet dat hij haar dreigend had verzocht om dat niet op te nemen in de rapportage. Daar wisten ze van niks. Ook in de dagoverzichten van de kraamhulp staat er niets over. ,,JB Noord verzon dit gewoon. Ze liegen gewoon. Je vraagt je af waarom”, zegt Kees onthutst in gesprek met deze krant. Hij vertelt dat hij wenst dat hij nooit met JB Noord in contact was gekomen. ,,Dat had mij, mijn ex en vooral mijn zoontje een hoop ellende bespaard. Het ging goed in het vrijwillig kader.”
Maar omdat de moeder de zorg voor haar zoontje opeens niet meer kon opbrengen, kwam er wel een ondertoezichtstelling. Daar werd Kees ook in meegezogen. Hij diende een klacht in tegen de jeugdwerker die opschreef dat hij zijn kind ruw op het aankleedkussen zou hebben gelegd. Die medewerker werd van zijn dossier gehaald. Maar het is er volgens hem niet beter op geworden. ,,Alles behalve.”
Ook Emma sprak met het meldpunt van raadsleden. Ze volgt de ontwikkelingen op de voet en hoopt uit de grond van haar hart dat het certificaat van JB Noord wordt ingetrokken. „Het is echt totaal idioot hoe deze organisatie te werk gaat. Mijn volwassen dochters zijn ook door mijn ex misbruikt, een deed zelfs aangifte. Blijkbaar moet het opnieuw misgaan.”
Even wacht ze. En dan: „Ik hoop dat die hele teringbende van JB Noord in elkaar stort.”
Ze oppert, niet als enige, dat een regionale parlementaire enquête misschien niet zo’n verkeerd idee zou zijn. Ook andere ouders zien zoiets wel zitten. Dat geluid valt in bestuurlijke kringen in Groningen ook al voorzichtig te beluisteren. Niet per se bedoeld om koppen te laten rollen, maar wel om ervan te leren, klinkt het dan voorzichtig. Bij zo’n zogenoemde raadsenquête zou een commissie betrokken wethouders, jeugdwerkers, ouders, IGJ-inspecteurs en bestuurders van JBN onder ede kunnen horen en dossieronderzoek doen. Ook onderzoeker Roebroek ziet zoiets zitten, vertelt hij. ,,Wat hier gebeurt, is ongehoord. De onderste steen moet boven.”
Raad van Toezicht JB Noord al opgestapt
De Inspecties Gezonheidszorg en Jeugd en Justitie en Veiligheid oordeelden afgelopen zomer hard over de tekortkomingen bij JB Noord. Op negentien van de twintig getoetste punten voldeed de organisatie niet aan de kwaliteit die verwacht mag worden van een jeugdbeschermingsorganisatie. Deze zomer maakte JB Noord bekend dat daarom de volledige Raad van Toezicht opstapt. Veel problemen bij JB Noord zijn namelijk in de afgelopen jaren ontstaan, onder de ogen van deze toezichthouders. 'Door af te treden neemt de Raad van Toezicht verantwoordelijkheid voor het verleden en wil hij de weg vrijmaken voor de noodzakelijke verbeteringen die inmiddels zijn ingezet', luidde de verklaring.
Reactie JB Noord
DVHN heeft JB Noord gevraagd te reageren op de verwijten in dit verhaal waaronder dat er nog geen verbetering zichtbaar is en dat er gelogen wordt in rapportages, dat ouders onder druk worden gezet, dat veiligheidssignalen worden genegeerd, dat er gekleurde adviezen zijn, en dat telefoontjes en e-mails niet worden beantwoord. JB Noord geeft in een schriftelijke reactie aan:
‘We werken als Jeugdbescherming Noord hard aan verbetering en erkennen dat we door de problemen binnen onze organisatie in de afgelopen jaren onvoldoende zorg en begeleiding hebben kunnen geven aan de jeugdigen en gezinnen die Jeugdbescherming Noord ondersteunt. Dat is pijnlijk om te constateren. Veel ouders voelen zich niet gehoord in hun zorgen. Dit moet beter en hier werken wij aan.
Klachten nemen wij serieus en willen we graag bespreken. Wat betreft de verwijten herkennen we ons niet in alle beelden die worden geschetst. We willen hierbij opmerken dat wij uitvoering geven aan maatregelen die door de rechtbank zijn uitgesproken. Onderdeel van de problematiek in een systeem is vaak dat ouders onderling verschillen van mening en visie op wat er aan de hand is. De onderlinge strijd die daaruit voortkomt en de impact van die strijd op de veiligheid van kinderen is vaak onderdeel van de reden dat er een maatregel wordt opgelegd. Onze taak is ouders uit te leggen wat een gedwongen maatregel inhoudt en ouders zo goed als mogelijk mee te nemen in wat er moet gebeuren om ontwikkelingsbedreigingen en onveiligheid bij kinderen te verminderen of op te heffen. Daarin kunnen en willen we verbeteren, maar er zullen visieverschillen blijven bestaan. Veel ouders hopen en verwachten dat de jeugdbeschermer hen zal bevestigen in hun standpunt of hun gelijk, terwijl wij beide ouders aanspreken op het zoveel mogelijk staken van hun strijd. Dat betekent echter niet dat JBN liegt of manipuleert.'
Verantwoording
Voor dit verhaal sprak DVHN zeven ouders die te maken hebben met Jeugdbescherming Noord. De namen Emma, Kees en Tessa zijn op hun verzoek gefingeerd. Daarnaast is er gebruik gemaakt van ondersteunend bewijs zoals rechtbankbeschikkingen, e-mails, whats-app-gesprekken, geluidsopnames, rapporten en brieven aan de gemeenteraad.