Anna Strolenberg bezoekt landen om te kijken hoe de voorbereidingen voor het EU migratiepact gaan. Foto: Rebecca Fertinel
Kansarme en afgewezen asielzoekers buiten Europa opvangen om hier de druk te verlagen: het Europees Parlement gaf daar dinsdag groen licht voor. Hoe dat eruit kan zien, zag Europarlementariër Anna Strolenberg (30) in Albanië. „Het was een juridisch niemandsland.”
Europa kiest voor een hardere asielkoers. Het Europees Parlement heeft twee wetten aangenomen die opvang buiten de EU-grenzen mogelijk maken. Kansarme en uitgeprocedeerde asielzoekers kunnen in de toekomst worden overgebracht naar opvangcentra in zogenoemde derde landen, als daarvoor formele overeenkomsten worden gesloten. Dat kan ook wanneer asielzoekers geen band hebben met dat land.
Daarnaast stemde het Europees Parlement in met een EU-brede lijst van veilige landen van herkomst, waaronder Egypte, Marokko en Tunesië. Asielzoekers uit deze landen krijgen sneller een beslissing in een grensprocedure en kunnen eerder worden afgewezen. Formele goedkeuring door de Raad van de EU is nog nodig, maar die stap geldt grotendeels als een formaliteit.
Verlichting voor Ter Apel?
De wetten maken deel uit van het EU-migratiepact dat in juni 2026 ingaat. Het pact moet onder meer de druk op aanmeldcentra zoals Ter Apel verlichten. Aan de buitengrenzen van Europa komen extra grenscontroles en gesloten aanmeldcentra, waar wordt bepaald of iemand in een versnelde grensprocedure terechtkomt of de reguliere asielprocedure volgt.
Asielzoekers uit ‘veilige landen’ die toch in Nederland aankomen, kunnen sneller worden afgewezen en teruggestuurd. Mogelijk in de toekomst ook via constructies buiten de EU. In het coalitieakkoord wordt gesproken over asielafhandeling en ‘terugkeer- en transithubs’ in derde landen, mits dit veilig en menswaardig gebeurt. Hoe dit er concreet uit moet zien, is nog onduidelijk.
Vastgeschroefde meubels
Hoe opvang in landen buiten de EU vorm kan krijgen, is te zien in Albanië. Italië brengt daar een deel van de op zee onderschepte asielzoekers onder in een detentiecentrum op Albanees grondgebied. Sommige Europese politici zien dit als een mogelijke blauwdruk voor toekomstig beleid.
Anna Strolenberg (Volt) voor het Europees Parlement. Foto: Rebecca Fertinel
„Je rijdt over een smal weggetje en komt uit bij metershoge muren en hekken. Het is volledig afgesloten van de buitenwereld”, vertelt de Nederlandse Europarlementariër Anna Strolenberg (Volt) in haar kantoor in Brussel. Zij bezocht het centrum als lid van de parlementaire groep die toezicht houdt op de invoering van het migratiepact. Het complex ligt op een afgelegen, voormalig militair terrein.
Binnen verbleven groepen mannen in kleine kamers. „Het was heel sober: ijzeren stapelbedden, een vastgeschroefd tafeltje en stoelen. Ze kunnen kiezen tussen hun kamer en een kleine binnenplaats, ook achter tralies. Dat is het.”
De groep die daar verbleef, bestond vooral uit afgewezen asielzoekers die vaak niet teruggestuurd konden naar hun land van herkomst. Waarom juist zij in Albanië waren geplaatst, was volgens Strolenberg onduidelijk. „Veel mensen wisten niet waarom ze daar zaten of hoe lang het zou duren”, zegt ze. „Ze konden niet terug, maar mochten ook niet naar Italië. Ze zaten vast in een soort juridisch niemandsland.”
Ik sprak mensen die duidelijk depressief waren, er was ook veel middelengebruik.
De psychische gevolgen waren zichtbaar. „Ik sprak mensen die duidelijk depressief waren; er was ook veel middelengebruik”, vertelt Strolenberg. „Antidepressiva werden rijkelijk uitgedeeld om mensen rustig te houden.”
De Italiaanse rechter greep meermaals in en liet migranten die naar Albanië waren overgebracht terughalen. Met de nieuw aangenomen Europese wetten kunnen juridische obstakels worden weggenomen die Italië eerder in de weg stonden.
‘Zonder perspectief geen pact’
Volgens Strolenberg verschuift de Europese migratieaanpak steeds verder naar buiten Europa. „Extreemrechts groeit en middenpartijen nemen die boodschap over: alles moet ver weg, terwijl problemen als integratie blijven liggen.”
Als voorbeeld noemt ze Bulgarije, dat zwaar investeert in grensbewaking in de aanloop naar het pact. Drones, extra grenswachten en surveillancesystemen moeten de buitengrens versterken. „De focus ligt bijna volledig op controle, niet op wat er daarna met mensen gebeurt.” Tegelijkertijd stonden asielcentra er vrijwel leeg. „Zonder integratiebeleid reizen mensen door. Zonder perspectief werkt geen enkel migratiepact.”
‘Mensen zullen het blijven proberen’
Toch ziet Strolenberg ook positieve kanten van het pact. „We moeten migratie Europees regelen, anders werkt het niet.” Snellere procedures kunnen volgens haar langdurige onzekerheid voorkomen. Ook de EU-brede lijst van veilige landen kan ‘asielshoppen’ tegengaan.
Tegelijk waarschuwt Strolenberg voor de mogelijke gevolgen van versnelde procedures voor het recht op asiel. „In een grensprocedure moet iemand zelf bewijzen dat hij of zij gevaar loopt. Als je daadwerkelijk bent gevlucht, heb je vaak niet de tijd gehad om bewijs mee te nemen.”
Over de toekomst van Ter Apel is ze voorzichtig optimistisch. „Ik denk dat de druk daar afneemt zodra het pact echt werkt, en dat vooral mensen in de reguliere procedure daar terechtkomen.”
Alleen mensen ver weg van Europa plaatsen is geen duurzame oplossing.
Of de nieuwe Europese aanpak migranten ook daadwerkelijk zal ontmoedigen te komen, betwijfelt ze. „Tot nu toe blijkt uit onderzoek niet dat strengere procedures mensen tegenhouden. Zolang mensen geen toekomstperspectief hebben, zullen ze blijven proberen.”
Volgens Strolenberg ligt een deel van de oplossing juist in het bieden van legale migratieroutes en samenwerking met landen van herkomst. „Je kunt investeren in onderwijs, in tijdelijke arbeidsmigratie en in economische ontwikkeling. Alleen mensen ver weg van Europa plaatsen is geen duurzame oplossing. Als je naar een willekeurig land wordt gestuurd waar je geen toekomstperspectief hebt, dan reis je uiteindelijk toch door.”