Vrede tussen woedende boeren en het kabinet lijkt ver te zoeken nu drie landbouworganisaties mogelijk niet willen praten met bemiddelaar Johan Remkes. Margreet Bolwijn, mediator en conflictmanager, analyseert wat er verkeerd gaat en hoe het beter kan.
Hoe langer een ruzie duurt, hoe meer-ie doorgaans uit de hand loopt, weet mediator en conflictmanager MargreetBolwijn. ,,Dan raken er steeds meer mensen bij betrokken en worden er steeds meer onderwerpen bij gesleept.De achterdocht wordt almaar groter. Dus ik was verbaasd toen het kabinet zei: ja, ergens in augustus gaan we wel praten. Waarom dan pas? Ik vond het een beetje een beginnersfout, eerlijk gezegd.’’
Vanuit haar praktijk in Groningen helpt Bolwijn allerlei verschillende conflicten oplossen: tussen (ex-)partners, families, werknemers en werkgevers. Zou ze ook openstaan voor bemiddeling tussen boeren en bestuurders, stel dat Den Haag haar zou bellen? Ze lacht: ,,Bij wijze van spreken wel. Een zaak als deze is ongelooflijk interessant. Maar ook heel ingewikkeld. Er is hier wel wat meer nodig dan alleen een mediator.’’
‘Niet zo slim om aan alleen Remkes vast te houden’
Dinsdag stuurde VVD-politicus en oud-bestuurder Johan Remkes een uitnodigingsbrief om te gaan praten over de stikstofproblematiek en een mogelijke oplossing. Die is volgens een persbericht van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit naar ‘een breed aantal partijen’ gegaan. De Land- en Tuinbouworganisatie Nederland (LTO), Farmers Defence Force en Agractie hebben grote bedenkingen.
,,Als je een bemiddelaar aanstelt, is het belangrijk dat die door alle betrokken partijen wordt vertrouwd’’, zegt Bolwijn. ,,Dat kan bijvoorbeeld door een lijstje van drie mogelijke namen te maken, en daaruit samen te kiezen wie het wordt. Van Remkes heeft een aantal boerenclubs direct gezegd dat ze hem niet zien zitten. Ik vind het niet zo slim dat het kabinet toen toch aan hem heeft vastgehouden. Hij kan best een andere rol vervullen, één van de gesprekspartners zijn, en dan gaandeweg vertrouwen verdienen. Maar hij wordt door de boeren gewoon niet als neutraal gezien. Wat natuurlijk ook kan, is met meerdere bemiddelaars werken.’’
Zelf vindt Remkes dat hij prima de rol van onafhankelijk gespreksleider kan vervullen, laat zijn woordvoerder Jan Willem Wits weten. ,,De organisaties die het gesprek weigeren, doen dat omdat ze een bepaald beeld hebben van de inbreng van het kabinet’’, stelt Wits. Zo heeft LTO er moeite mee dat de regering niets wil afdoen aan het einddoel van het stikstofbeleid: 50 procent minder uitstoot in 2030. ,,Maar Remkes zelf wil een open gesprek, zonder taboes en met ruimte voor alle inbreng.’’
Volgens Wits zijn er ook boerenpartijen die wél met Remkes in gesprek willen. In totaal zijn er ‘tientallen’ mensen uitgenodigd, onder wie ook vertegenwoordigers van banken en natuurorganisaties. Wits zegt niet om wie het precies gaat. ,,Dat heeft een heel praktische reden: vanwege de zomervakantie krijgen we van de helft van de genodigden out-of-office-mails terug. Dus zijn we nu druk aan het rondbellen. Ik vind het wat slordig om namen te gaan noemen als we nog niet iedereen hebben bereikt.’’
Bolwijn zou aanraden om, indien haalbaar, eerst één op één met alle betrokkenen te spreken. ,,Boeren worden nu als één groep neergezet, maar ze verschillen enorm onderling. Ook de gematigde groep, die nu nauwelijks gehoord wordt, moet aan bod komen. Een neutraal iemand moet apart met alle groepen bespreken waar zij ruimte zien, en wat zij vinden dat het probleem is.’’
Je kunt pas zinvol over een oplossing praten als voor iedereen duidelijk is wat er eigenlijk opgelost moet worden. Nu wordt er te veel langs elkaar gepraat, vindt Bolwijn. ,,Je ziet een praatprogramma op tv, de ene spreker kaart probleem A aan; de ander grijpt dat direct aan om over probleem B te beginnen’’, schetst ze.
Verder belangrijk: veel begrip tonen. ,,Laat als overheid merken dat je snapt dat de boeren enorm hard werken, toon waardering, en als je ergens excuses voor kunt maken, doe dat dan.’’