Een kokenwaterkraan: superhandig, maar niet energiezuinig. Bewerking: DVHN
Besparen op de energierekening kan door apparaten uit te zetten of zo efficiënt mogelijk te gebruiken. In deze serie nemen we elke dag een ander apparaat uit jouw huis onder de loep. Vandaag: de kokendwaterkraan. Altijd heet water, maar dat blijkt niet goedkoop.
Superhandig, maar ook superduur?
Waterkoker? Fluitketel? Ouderwets! Met een kokenwaterkraan haal je direct bijna kokend water uit de kraan. Een kopje thee pakken of groentes opzetten was nooit zo makkelijk.
Een kokenwaterkraan werkt door het reservoir wat eronder zit. Daarin wordt een aantal liter water permanent op een temperatuur nèt onder het kookpunt gehouden. Het apparaat verbruikt daarvoor energie; als een waterkoker die het hele jaar op een laag pitje staat. Draai je de kraan open, dan heb je direct kokend water tot je beschikking.
De meest bekende (en vroeger de enige) optie voor een kokendwaterkraan is de Quooker. Tegenwoordig zijn er nog zo’n vijf andere merken, maar we nemen de absolute marktleider als voorbeeld. Volgens Quooker zelf is het verbuik van de kraan op jaarbasis:
De kosten daarvoor zijn (als het energieplafond van 0,40 euro is ingegaan):
Om te kijken of de kokenwaterkraan echt energie slurpt, vergelijken we het verbruik en de kosten met die van een doorsnee waterkoker. In het voorbeeld gaat Quooker ervan uit dat het huishouden iedere dag gebruikt. Verbruik en kosten per liter gekookt water zijn dus:
Een gemiddelde waterkoker heeft een vermogen van 2200 Watt (2,2 kWh) en kookt een liter water in 2,5 minuut. Als je dat omrekent, dan verbruikt en kost een waterkoker per liter gekookt water:
We kunnen dus stellen dat een kokendwaterkraan zeker handig en snel is, maar een stuk minder energie-efficiënt.