Dirk Masselink en G.P. Beenker ontwierpen in de jaren 50 een kantine voor het personeel van de Algemene Kunstzijde Unie (AKU) in Emmen. Foto: Architectuurpunt Drenthe
Zaterdag en zondag worden duizenden monumenten opengesteld voor publiek. Dit jaar kan ook het GETEC-terrein in Emmen worden bezocht, een van de grootste industriecomplexen van Noord-Nederland.
Je komt er niet zomaar op, het GETEC-terrein in Emmen. Bezoekers moeten zich aanmelden, een identiteitscontrole ondergaan en voldoen aan een reeks veiligheidsinstructies. Maar wat je daarvoor terugkrijgt, liegt er niet om: toegang tot een 100 hectare omvattend industriecomplex waar ruim twintig bedrijven werk bieden aan meer dan dertienhonderd mensen.
Is dat interessant om te bezoeken tijdens Open Monumentendag? Jazeker, zegt Jan Hulsegge van het Architectuurpunt Drenthe, op wiens voorspraak zaterdag maximaal vijftig mensen in een speciale bus over het terrein worden rondgeleid. „Het is uniek. We hebben het hier over prachtig industrieel erfgoed, met bijzondere architectuur – een van de belangrijkste industriële parken in Noord-Nederland.”
Enkalon en Terlenka
De naam van het park verwijst naar het Duitse energiebedrijf GETEC, dat het sinds 2016 in eigendom heeft. De geschiedenis gaat echter terug tot begin jaren 50, toen na een succesvolle start in Emmer-Compascuum in Emmen de Enkalon-fabriek werd gebouwd voor grootschalige productie van nylon voor de textielindustrie. Kort daarna werd een tweede fabriek gebouwd, voor de productie van Terlenka – ook een vezel voor textiel.
Prins Bernard bezoekt op deze ongedateerde foto de Terlenka-fabriek in Emmen. De opening van de fabriek maakte Emmen tot een belangrijk industriegebied in Noord-Nederland. Foto: Geheugen van Drenthe
De eerste fabrieken werden ontworpen door Dirk Masselink en G.P. Beenker, de huisarchitecten van het overkoepelende Algemene Kunstzijde Unie-concern (AKU) in Arnhem. Om de bouw in Emmen mogelijk te maken, richtte de AKU een eigen bouwbureau op. De gemeente Emmen zorgde voor arbeiderswoningen in de naoorlogse wijken Emmermeer, Angelslo en Meerveld.
Provinciale monumenten
Een deel van die huizen staat daar nog steeds. Indrukwekkend zijn de directeursvilla’s, die naar ontwerp van architect R. Romke de Vries zijn gebouwd aan de Angelsloërdijk. Een paar jaar later volgden, eveneens naar zijn ontwerp, dubbele woningen voor het hogere personeel aan het Meijerswegje en de Sophielaan – inmiddels zijn het provinciale monumenten.
Een midden jaren 50 gebouwde woning aan de Sophielaan in Emmen, na opdracht van de AKU naar ontwerp van archictect R. Romke de Vries . Foto: Provincie Drenthe
Bezoek aan de woningen maakt geen deel uit van de bustocht, zegt Hulsegge, erop wijzend dat Architectuurpunt Drenthe vaker onregelmatig organiseert in de woonwijken van Emmen. „Op het GETEC-terrein is op zich al voldoende te zien. Er staan nog steeds gebouwen uit de beginperiode. Gidsen zullen vertellen over de historie, maar ook over de huidige situatie.”
Onder meer de koeltorens op GETEC-terrein in Emmen stammen uit de tijd dat de AKU in Emmen actief was. Foto: Architectuurpunt Drenthe
De AKU fuseerde in 1969 met het bedrijf Koninklijke Zout Organon (KZO) tot Akzo, dat voortleeft als AkzoNobel. Hoewel Akzo eind jaren 90 een deel van de activiteiten heeft overgedragen aan het Japanse bedrijf Teijin Aramid, worden in Emmen tot op vandaag kunstvezels geproduceerd.
Meer mogelijkheden
Het thema van Open Monumentendag 2025 is ‘Erfgoed & Architectuur: Gebouw(d) om te blijven’. Zie voor een overzicht van activiteiten en de mogelijkheid tot aanmelden: https://www.openmonumentendag.nl. Hieronder nog vier tips:
De Franse Huizen in Dwingeloo. Stammend uit het einde van de zeventiende eeuw vertelt dit ensemble van historische panden hoe de Hugenoten zich in Drenthe hebben gevestigd. Vluchtelingenopvang in vroeger tijden. De gemeente Westerveld werkt aan een revitalisatie van het gebied.
Boerderij Bruntingerhof in Orvelte. Deze boerderij werd tussen 1560 en 1650 in het buurtschap Bruntinge gebouwd en in 1968 naar Orvelte verplaatst. De boerderij, een rijksmonument, laat zien hoe traditionele bouwvormen worden ingezet voor culturele en educatieve doeleinden. Een expositie vertelt over het boerenleven in Orvelte rond 1900.
De tuin voor Villa Hoogheem bij Nieuwolda is ontworpen in een Engelse stijl. Foto: Mediahuis
Villa Hoogheem bij Nieuwolda. Villa Hoogheem is een villa uit 1881, omringd door een slingertuin in Engelse stijl, compleet met gracht, hoogteverschillen, slingerpaden en historische beplanting. De tuin is opnieuw aangelegd op basis van oude ansichtkaarten en laat zien hoe tuinen als architectonisch erfgoed functioneren. De villa zelf is niet te bezoeken, het museum in de boerderij wel.
Kleurenroute in Groningen-Stad. Een kleurenroute door het centrum van de stad Groningen voert deelnemers langs monumenten die hun historische kleurstelling hebben teruggekregen. Restauratieschilders en kleuronderzoekers geven op sommige locaties uitleg over ornamenten, bouwstijlen en het ambacht achter kleurherstel.