Stef Bos gaat met het Noord Nederlands Orkest door zijn repertoire. „Dit zijn allemaal topmuzikanten. En dan komt er zo eentje van de lichte muziek binnenwandelen.” Foto: Corné Sparidaens
Stef Bos gaat op tournee met het Noord Nederlands Orkest. Zeventig musici spelen daarbij symfonische arrangementen van zijn liedjes. „Soms lijkt het alsof er een maffiafilm van Coppola begint.”
Maandagochtend, iets na 11 uur, stapt Stef Bos de lege Grote Zaal van De Oosterpoort in Groningen binnen. Een kwartiertje later dan gepland. Twee dagen geleden vertrok hij uit Zuid-Afrika, waar hij een groot deel van het jaar met zijn gezin woont. Gisteravond speelde Bos nog in Lokeren, dicht bij zijn Belgische adres in Wachtebeke. En vanmorgen om 6 uur zat hij alweer achter het stuur.
Vandaag hoeft de zanger in principe niets meer te doen, behalve luisteren. Maar zodra het Noord Nederlands Orkest begint te spelen, blijft het daar niet bij.
Afgezien van de musici van het NNO heeft Bos twee vertrouwelingen meegenomen: pianist Ton Snijders en multi-instrumentalist Christan Grotenbreg. Terwijl de orkestleden hun partituren openslaan, zingt Bos hier en daar – onversterkt – een paar regels mee. Hij luistert naar de balans en de klank van de arrangementen die dirigent Dirk Brossé maakte voor zijn liedjes.
Bos heeft zich thuis voorbereid met gesampelde versies van die arrangementen. Ze gaven een indruk, maar toch: het echte werk is zoveel mooier. „Soms lijkt het alsof er een maffiafilm van Coppola begint, weet je wel. En dan wordt het weer kleiner.”
Muzikale olifant
Het geluid fascineert hem, maar het visuele aspect is minstens zo indrukwekkend. „Zo’n orkest is een organisme. En als dat in beweging komt…” Hij zoekt naar woorden. „Dat is een soort muzikale olifant. Dan weer een tijger. En soms een leguaan die alleen zijn tong uitsteekt.”
Het idee voor de samenwerking ontstond bij het orkest zelf. Bos kreeg carte blanche om een programma samen te stellen. Zeventien nummers uit zijn repertoire kregen een symfonisch arrangement, aangevuld met een nieuw stuk dat hij samen met Brossé schreef.
De eerste kennismaking met het orkest dateert van vorig jaar, toen de zanger na een korte repetitieperiode in Groningen zes nummers met het NNO speelde op het Lauswolt Zomerconcert in Beetsterzwaag. „Die kennismaking was natuurlijk een gesnuffel van jewelste”, blikt hij terug. „Dit zijn allemaal topmuzikanten. En dan komt er zo eentje van de lichte muziek binnenwandelen.”
Stef Bos en Christan Grotenbreg buigen zich over een arrangement. Foto: Corné Sparidaens
Toch sloeg de vonk snel over. „Zodra ze merken dat het niet om jou draait, dat je niet het narcistische pad opgaat van: ‘ik ben de artiest’, dan kantelt dat. Voor mij was het liefde op het eerste gezicht. Het is een soort totale polygamie – zoveel mensen. Als ik zing, moet ik wel het gevoel hebben dat ik met hen verbonden ben.”
Een andere discipline
Het contrast met zijn gebruikelijke optredens is groot. Kort voordat het orkestproject vorm kreeg, reisde Bos nog met twee gitaristen langs de theaters. „Dat was een heel transparante, kleine voorstelling”, zegt hij. „Dus het contrast kon nauwelijks groter.”
Voor een zanger die gewend is zijn eigen tempo te bepalen, betekent het werken met een symfonieorkest ook een andere discipline. „I’m going into the machine”, vat Bos zijn gevoel samen. „In deze setting kan ik geen maatje bijplukken.”
De symfonische context verandert ook zijn rol als zanger. Met een band kan Bos makkelijk boven de muziek uitstijgen. „Als ik dat orkest voel, kan ik ook losgaan”, waarschuwt hij zichzelf. „Ik heb wel een soort energie. Maar het is voor mij interessanter om zacht te zingen en de muziek het werk te laten doen.”
Sommige nummers krijgen daardoor een andere kleur. De Weg, bijvoorbeeld, keert terug naar zijn oorspronkelijke pianobasis voordat het orkest het verder uitbouwt. Andere songs krijgen nieuwe tegenstemmen en instrumentale lagen. In Het Midden wordt de tekst niet gezongen, maar gesproken.
Momenten van verwarring
Tijdens de repetities ontstaan ook de onvermijdelijke momenten van verwarring. Als pianist Ton Snijders het intro van Papa speelt en Bos de beginregel van zijn grootste hit inzet, hebben veel orkestleden de bladmuziek van Ik heb je lief voor zich liggen. Het resultaat is een korte muzikale botsing.
Stef Bos wandelt al zingend door en langs het orkest. Foto: Corné Sparidaens
„Al die liedjes lijken ook op elkaar”, zegt Bos lachend. „Kunnen we dit live ook een keer laten gebeuren?” Even later denkt hij er nog eens over na. „Met het ouder worden keren bepaalde thema’s en woorden terug”, legt hij uit. „Iedereen heeft zijn eigen idioom. Maar dat geldt ook voor akkoordenschema’s. Ik ben helemaal geprogrammeerd op die pianopartij.”
Veel vaker klinken zanger en orkest al bij de eerste versie als een geoliede machine. Wanneer Witsand door de zaal klinkt, bewegen beiden zich moeiteloos door het arrangement. Na de laatste akkoorden blijft Bos even stil staan luisteren. „Ik word ontroerd door mijn eigen muziek”, zegt hij. „Het moet niet pathetischer worden.”
Het moment verrast hem ook weer niet helemaal. De tournee valt samen met een moment van reflectie: Bos wordt dit jaar 65. „Ik wilde dat eigenlijk niet vieren”, zegt hij. „Ik hou niet zo van dat soort dingen. Maar ik dacht wel: als ik dan toch iets bijzonders doe, is dit een mooie aanleiding om eens door al die liedjes te gaan.”
Twee dagen
De tijd om alles samen te brengen is beperkt. Twee repetitiedagen, meer krijgt hij niet met het orkest. „En dan woensdag – poef – het podium op”, zegt Bos. „Dan is er geen weg meer terug.”
Dat betekent ook: letten op je stem en energie, zeker na een aantal korte nachten. „Ik speel graag vier keer per week als ik tour. Dan komt er een ritme in. Maar hier moet ik wel goed aan de start komen.”
De tijd om alles samen te brengen is beperkt. Twee repetitiedagen hebben Stef Bos (rechts), Dirk Brossé (links) en het NNO. Foto: Corné Sparidaens
Toch legt hij zichzelf geen druk op. „Mensen komen misschien kijken voor mijn repertoire. Maar ze gaan iets krijgen dat groter is dan dat. Ze gaan een wereld in van het NNO die over meer gaat dan een liedje.”
Hij ziet dat ook als een bredere opdracht. De zanger maakt zich zorgen over bezuinigingen, over programma’s die sneuvelen, over kunst die steeds minder vanzelfsprekend wordt. Verschraling ligt op de loer.
„Wij maken ons druk over van alles”, zegt hij. „Maar als je ziet wat er alleen al bij de NPO verdwijnt, wat er wordt wegbezuinigd… Dan creëer je op den duur mensen die niet meer een gedicht van Hans Andreus kunnen lezen. Dat heeft niks te maken met afkomst of met intelligentie. Mijn overtuiging is dat iedereen door schoonheid ontroerd kan worden. Maar dan moet je het wel aangeboden krijgen.”
Tournee
Stef Bos & het NNO spelen woensdag 11 maart in De Oosterpoort, Groningen. Andere optredens in het Noorden: 18/3 De Spiegel, Zwolle; 21/3 De Harmonie, Leeuwarden. Aansluitend gaat Stef Bos op tournee met zijn band, onder de noemer Ik zing (van toen naar nu): 7/5 DNK, Assen; 28/5 Atlas, Emmen; 11/6 Lawei, Drachten. Op 25 juni staat Stef Bos op Het Heamiel Festival in Bolsward met het NNO waar het orkest ook filmmuziek speelt. Zie ook stefbos.nl.