Yarick Westein met een knuffelpop Foto: Kees Bouma
Op Noorderzon kunnen bezoekers kennismaken met Knuffelkunst: kunst die uitnodigt tot contact en verbinding.
De zachte poppen en uitnodigende klapstoelen zijn gemaakt om aan te raken, om op te zitten. Geboren en getogen stadjer Yarick Westein is de bedenker, de maker van de poppen en inspirator van de stichting Knuffelkunst.
Hoe kwam je op het idee?
Westein (53): ,,Dat begon toen ik nog massagetherapeut was. Ik merkte dat mensen zich gezonder voelden als ze werden aangeraakt. Steeds meer onderzoek bevestigt dat. Je maakt dopamine en afweerstoffen aan. Mijn duim had ik kapot gemasseerd en toen bedacht ik: ik word knuffelkunstenaar. Bij ‘Awesome Groningen’ wonnen we duizend euro. Dat hielp bij de opstart en het maken van de eerste pop.’’
Waar worden jullie poppen neergezet?
,,Ze zijn te huur. Op festivals, open dagen, kunstmarkten, exposities, in de zorg, tijdens Tocht om de Noord… En in augustus mogen we op Noorderzon staan. Ik hoop dat onze groep groeit, dat meer kunstenaars meedoen. Chris, onze fotograaf, is er al vanaf het begin bij. En met Mirjam Werdekker hebben we nu een projectleider. Op Noorderzon doen al 22 vrijwilligers mee.’’
Bezoekers mogen dan bij een pop op schoot zitten? Wat zie je dan gebeuren?
,,Vooral ontroering. Soms zijn mensen eerst wat huiverig. Als ze dan toch in een pop gaan zitten vindt er vaak een stukje heling plaats. Dat ontroert mij. Op festivals is daar vaak minder ruimte voor, mensen zijn daar onrustiger. Daarom richten we ons nu meer op het maken van verbinding. Bezoekers krijgen bijvoorbeeld een kaartje met een vraag, die ze het liefst met een vreemde uitwisselen. Zo ontstaat echt contact. Daar kan een knuffel uitkomen, maar dat hoeft niet.’’
Heeft corona iets veranderd in onze maatschappij?
,,Ik denk dat mensen iets wantrouwiger zijn geworden. Maar er is ook een beweging die lichamelijk contact en verbinding juist mist en dat weer wil stimuleren. Mensen schrikken soms als ze een knuffel krijgen van een onbekende. Ga je iets zuidelijker, dan slaan mannen armen om elkaars schouders of lopen arm in arm. In Nederland is altijd al sprake van aanrakingsarmoede geweest.’’
Hoe kan het dat daar zo weinig over gepraat wordt?
,,Dat verbaast mij ook. Mensen worden er ongemakkelijk van. Ze associëren knuffelen vaak met seks. Dat komt, denk ik, omdat de porno-industrie zo toegankelijk is. Op datingsides lees je: ‘Kom je knuffelen?’ En daar bedoelen ze seks mee. Dat is totaal niet wat wij nastreven. We willen dat mensen praten over nabijheid, over intimiteit.’’
‘Knuffelen is meer dan het lijkt’, staat op jullie website. Wat bedoel je daarmee?
,,Met knuffelen zeg je heel veel. Het is niet alleen een begroeting. Je zegt: ik zie dat je er bent, ik waardeer je aanwezigheid, ik ben niet bang voor je, ik vertrouw je. Honderd jaar geleden zei een invloedrijke ontwikkelingspsycholoog nog dat je kinderen slechts bij een uitzonderlijke prestatie een aai over hun bol mocht geven. Pas in de hippietijd veranderde dat weer’’
Heb je een herinnering die dit in jou naar boven bracht?
,,Bij ons thuis was het normaal om veel te knuffelen. Als mijn vader voetbal keek lag ik op zijn schoot en kriebelde hij anderhalf uur lang over mijn rug. Een heerlijke herinnering. In de pubertijd ontdekte ik dat knuffelen niet voor iedereen vanzelfsprekend was. Mijn eigen kinderen – ik heb drie dochters - heb ik ook veel geknuffeld.’’
Wanneer ben je tevreden?
,,Als ik ooit met een knuffelkaravaan door Europa reis. Dat is mijn droom. Maar ik denk niet dat dat realistisch is. Eerst maar de poppen afmaken en langs plekken gaan, waar mensen zich eenzaam voelen, zoals ziekenhuizen.’’