Ingrid Woudwijk, onze vrouw in Istanbul Foto: Sebahat Çiçekli
De eerste maand van dit jaar spendeerde ik niet in mijn woonplaats Istanbul, maar in India. Na een druk en soms stressvol jaar was mijn plan om vier weken lang vakantie te nemen van mijn werk, maar ook van het nieuws.
Toch vertrok ik niet helemaal met een gerust hart. Wat als er groot nieuws in Turkije zou zijn? Elke keer dat ik in het afgelopen jaar mijn post verliet, gebeurde er wel iets in Istanbul of de regio. Meerdere malen schreef ik artikelen vanaf mijn vakantieadres of in het vliegtuig naar Nederland. In de rij voor de douane verwerkte ik de laatste opmerkingen van mijn redacteur. Voor het echte vakantiegevoel liet ik daarom deze keer mijn laptop thuis. Dat voelde als een hele prestatie, als correspondent sleep ik mijn computer altijd en overal mee naartoe.
Uiteindelijk gooide ik bijna alle nieuwsapps van mijn telefoon en zette ik de pushberichten uit. Ik had geen idee dat het voor Turkije en de regio alles behalve een rustige maand zou worden.
Massademonstraties in Teheran
Voor vertrek had ik wel gezien dat er in Teheran een grote staking was op de bazaar. In korte tijd was de waarde van de Iraanse munt gekelderd. Onvrede over deze dramatische economische situatie ontketende massademonstraties die een einde eisten aan het huidige regime. ‘Dood aan de dictator’, klonk tijdens protesten in het hele land.
Ik volgde het via Instagram en appte Iraanse vrienden die in het buitenland wonen. Hoewel ze fysiek veilig waren, waren ze met hun hart bij vrienden en familie in hun thuisland. Op 8 januari schreef ik een kennis in Teheran om te vragen hoe het met hem ging. Mijn bericht werd verstuurd, vijf minuten voordat het internet werd geblokkeerd. Wekenlang kreeg ik geen antwoord. Al die tijd zag ik de meest verschrikkelijke beelden online. Het waren flarden van informatie die me bang maakten om meer te weten. De Iraanse veiligheidsdiensten gebruikten nietsontziend geweld en doodden duizenden demonstranten.
‘Welkom in Iran’
In gedachten ging ik terug naar 2016, toen ik zelf drie weken als toerist rondreisde in Iran. Ik was zo onder de indruk van de rijke geschiedenis en cultuur, smulde van het Iraanse eten en zal nooit de warmte van de Iraniërs vergeten. Samen met twee vriendinnen werd ik bij mensen thuis verwelkomd alsof we verloren dochters waren. Op straat spraken willekeurige mensen ons aan. ‘Welkom in Iran’, zeiden ze. Ze waren blij om toeristen te zien en wilden benadrukken dat Iran meer is dan nieuwsberichten over ayatollahs.
Hoe zou het nu met hen gaan? Met de jongen die ons ophaalde op het vliegtuig met een voetbalshirt van het Nederlands elftal? En de lieve taxichauffeur die we moesten beloven te bellen als we ooit weer terug zouden komen naar Iran? Zouden de jongeren die we in ons hostel ontmoetten ook zijn gaan demonstreren? Of de vrouwen die eenmaal binnenshuis meteen hun hoofddoek verruilden voor een fluorescerende crop top? Misschien dragen ze uit protest wel helemaal geen hoofddoek meer, zoals veel vrouwen in Tehran sinds de ‘Vrouw, leven, vrijheid’-protesten van 2022.
Kruit, bloed en lijken
Die vragen spookten door in mijn hoofd, maar de reis ging verder. Ik probeerde afstand te nemen, totdat ik eindelijk een bericht kreeg uit Teheran. De woorden waren een stomp in mijn maag. De straten van de hoofdstad roken naar het kruit van geweren, bloed en lijken, er werd op iedereen geschoten. De internetblokkade die op de wreedheden volgde maakte mensen gek. Ik durfde bijna niet verder te vragen naar wat hij nog meer had gezien.
Tegelijkertijd waren er ook gevechten in Syrië, tussen de troepen van interim-president Ahmad Al-Sharaa en de overwegend Koerdische strijdkrachten in Noordoost-Syrië. Veel Koerden in Turkije en daarbuiten voelen zich erg sterk verbonden met de Koerden in Syrië. De angst voor een bloedbad en woede over het gebrek aan humanitaire hulp zorgde voor protesten in Istanbul, langs de Turks-Syrische grens, op andere plekken in het land en daarbuiten. Ondertussen ging ik surfen, genoot van de zon en at ik de heerlijkste Indiase maaltijden.
Dit was niet de vakantie waarbij ik volledig tot rust kwam. Dat is ook de keerzijde van het werk als correspondent in de wereld van nu: hoe hard je ook je best doet om te ontsnappen, het nieuws blijft je achtervolgen. En natuurlijk lukte het af en toe om echt even het nieuws en mijn telefoon te negeren, maar dat is een luxe die vele anderen niet hebben.
Het vliegtuig terug naar Istanbul vloog met een grote boog om Iran heen, maar ik hoop dat het ooit weer mogelijk wordt om het land te bezoeken. Als journalist, maar ook als toerist.
Onze M/V
Ingrid Woudwijk (Dokkum, 1995) is freelance correspondent in Turkije en werkt onder andere voor Trouw en BNR Nieuwsradio. Ze groeide op in Friesland, maar vertrok voor de opleiding Mediastudies naar Amsterdam. Daarna studeerde ze Journalistiek en Midden-Oostenstudies aan de Rijksuniversiteit Groningen. Ze woont sinds 2019 in Istanboel.
We publiceren iedere week een column van Onze Vrouw/Man, een mediacorrespondent uit een ander continent.