Na aanhoudende druk door burgers (lees: het in elkaar meppen van agenten, gooien met brandende fakkels en het slopen van ramen met straatmeubilair) wordt het aantal asielzoekers dat Loosdrecht tijdelijk op gaat vangen teruggeschroefd van 110 naar 70. Dat zijn er dus 40 minder.
Veertig mannen en jongens, in Loosdrecht zouden alleen maar mannen worden opgevangen, die nu buiten de boot vallen. Ergens anders terecht zullen komen, want nee, als je vluchtelingen niet opvangt, verdwijnen ze niet op magische wijze in het niets.
Wat er wel gebeurt is dat die veertig jongens naar een andere opvanglocatie worden gestuurd. Eerst een tijdelijke locatie in Abcoude, die weer moet sluiten, waarna de veertig mannen zich verplaatsen naar een Terneuzens azc. Dat overvol raakt, waardoor de veertig mannen zich verplaatsen naar Elburg, waar weer protesten uitbreken over hun komst, waarna het groepje van veertig wordt opgesplitst tot twee groepen van twintig, verspreid over Petten en Almelo.
Dus trekken ze de wijde wereld in
Vriendschappen tussen de mannen worden opgebroken, de één na de ander vereenzaamt in zielloze kamers in Den Helder, Naaldwijk of Emmeloord. Tuurlijk, er zullen mannen tussen zitten die zich dit als makke lammetjes laten aanleunen. Maar er zullen ook mannen zijn die dit heen-en-weergesleep, dit uitzichtloze bestaan, niet over hun kant laten gaan. Ze zijn geen misdadigers, dus staan ze zichzelf, als ieder ander, toe om te dromen. En dus trekken ze de wijde wereld in.
De wijde wereld is geen verwelkomende plek wanneer je eigenlijk in een bedompt opvangkamertje hoort te blijven zitten. Zonder geld geen woning, zonder verblijfsvergunning geen werk, dus werk je zwart, hoewel je weet dat dat niet mag. Werkgevers die zwart asielzoekers in dienst nemen zijn al niet koosjer bezig, dus het is maar een kleine stap om van die asielzoeker in de snijkeuken nog wat andere illegale zaken te vragen. Van die veertig jongens, die als ze goed waren opgevangen misschien allemaal nooit met criminaliteit in aanraking zouden zijn gekomen, dwarrelen er nu toch een paar de misdaad in. En ja, dan heb je dus opeens wel een (zelfgecreëerd) verband tussen asielzoekers en criminaliteit.
Dat is geen misdaad
De wereld is groot en het overgrote deel van de wereld heeft het een stuk moeilijker dan wij. Dus komen mensen naar ons toe, omdat ze dat enorme geluk ook willen. Dat is geen misdaad, als het andersom was geweest hadden wij het ook gedaan. Doordat op zoek gaan naar geluk iets menselijks is, hebben wij, mensen die het geluk toevallig bij geboorte al ten deel viel, de verantwoordelijkheid om de mensen die dat geluk nog moeten zoeken in ieder geval niet als vee te behandelen. En ik snap ook wel dat we dat enorme geluk niet eindeloos kunnen versnijden, omdat er anders weinig van het enorme geluk overblijft, maar mensen die er toch al zijn een normale plek om hun procedure af te wachten ontzeggen, dat lost niets op. Sterker nog: het vergroot het probleem. Je maakt van mannen met een droom uitgebluste, lege mannen die niets meer te verliezen hebben. En ik weet wel welke van deze twee mannensoorten ik risicovoller vind.
Alleen daar hebben de relschoppers in Loosdrecht waarschijnlijk geen boodschap aan. Die gooien zonder scrupules een baksteen door een ruit. Het voelt alsof je iets groots doet, een droom nastreeft. Een welkome afwisseling in een verder leeg en uitgeblust bestaan.