Arend van Wijngaarden is parlementair verslaggever van Dagblad van het Noorden Foto: Marcel Jurian de Jong
Het Rijk schrapt een cruciaal onderdeel van de toekomstplannen voor het Noorden: de grootschalige aanlanding van windenergie in de Eemshaven. In plaats daarvan wil het de stroomkabel inzetten voor kerncentrales.
Voor Groningen voelt het opnieuw zoals het zo vaak ging.
Dit besluit staat niet op zichzelf. Het is het derde hoofdstuk in een bekend patroon. Eerst was er het aardgas. Vijftig jaar lang vloeiden de miljarden naar de rest van Nederland. Wegen, spoorlijnen en havens werden ermee gebouwd, maar in het Noorden kwam minder dan 1 procent terecht.
Daarna kwamen de gevolgen. Aardbevingen, schade en een eindeloze bureaucratie rond herstel en versterking. Met als gevolg extra wantrouwen en een stevige knauw, economisch, sociaal en psychologisch.
Toen kwam de belofte van herstel. De Eemshaven als nieuwe energiepoort. Waterstof als opvolger van gas, via dezelfde pijpleidingen. Een groene toekomst met nieuwe werkgelegenheid. Eindelijk perspectief.
Nu blijkt die belofte wankel. De meeste windstroom blijft uit. De waterstofeconomie komt moeizaam op gang. Investeerders kiezen voor productie dicht bij de industrie die de energie nodig heeft – rond Rotterdam en IJmuiden.
Het Rijk verandert van koers. Eerst lonkten wind en waterstof. Nu dreigt de Eemshaven vooral een plek te worden voor nationale energieopwekking: kerncentrales, met weinig werkgelegenheid en weinig regionale opbrengst.
Dat is geen toeval. Dat is een patroon. Drie keer pakt een nationale keuze voor Groningen verkeerd uit.
Ook de regio moet eerlijk zijn. De waterstofplannen waren ambitieus en afhankelijk van veel factoren. Het was een gewaagde strategie. Tegelijk botsten economische ambities met zorgen over landschap en Waddenzee. Nieuwe kabels waren impopulair, terwijl omleggen volgens het Rijk te duur was.
Maar dat verklaart niet alles.
Als het kabinet deze koers doorzet, hoort daar meer bij dan een andere invulling van de Eemshaven. Dan zijn stevige, afdwingbare investeringen nodig in de economie van Groningen en het Noorden. Niet als bijzaak, maar als doel.
En één ding moet echt veranderen: beloven en daarna afbouwen kan niet meer. Het vertrouwen is hier al te vaak beschaamd.