Recent protest in de Eemshaven tegen de mogelijke komst van kerncentrales. Foto: Archief Anjo de Haan
De Eemshaven is ineens alsnog prominent in beeld voor de bouw van twee nieuwe kerncentrales. Sterker: twee plekken rond de haven lijken kostentechnisch aantrekkelijker dan de laatst overgebleven andere kandidaat Terneuzen.
Dat schrijft het kabinet in een voortgangsbrief aan de Tweede Kamer. Voor het eind van het jaar maakt de regering een definitieve keuze voor één van de drie locaties die zijn overgebleven na een vergelijkend onderzoek naar de haalbaarheid van oorspronkelijk zeven potentiële kandidaten.
De tussenconclusies plaatsen het kabinet voor een dilemma. Voor de Eemshaven is in de provincie zelf noch in de Kamer politiek draagvlak voor kerncentrales. Aan de andere kant is het technisch zeer complex en dus kostbaar om de plannen in de Paulinapolder bij het Zeeuws-Vlaamse Terneuzen.
Gebrek aan draagvlak aan ene kant, praktische problemen aan de andere
Bij gelijke geschiktheid houdt Zeeland de voorkeur, zegt staatssecretaris Jo-Annes de Bat van Klimaat en Groene Groei. Nader onderzoek moet uitwijzen of dat het geval is, maar vooralsnog ziet stroomnetbeheerder TenneT grote technische bezwaren voor Terneuzen. Vooral het stroomtransportnet moet in Zeeland zwaar worden versterkt.
In Terneuzen zijn ‘ingrijpende maatregelen’ nodig om een kerncentrale van 2,2 GigaWatt te bouwen, laat staan een grote van 3,2 GW die het kabinet wil bouwen. Die bezwaren gelden niet voor de twee locaties die in beeld zijn in de Eemshaven: de Emmapolder aan de westkant van het gebied en de plek van de huidige Eemscentrale van Engie aan de oostkant.
Het vervolgonderzoek moet nu uitwijzen welk prijskaartje er precies aan de noodzakelijke aanpassingen in Terneuzen hangt. Het gaat naar verwachting vele miljarden kosten. De Bat wil echter niet vooruitlopen op de vraag bij welk prijsverschil de keus doorslaat naar de Eemshaven en het gebrek aan politieke draagvlak van ondergeschikt belang wordt.
Nieuwe wending in zoektocht verrast Groningen
Met deze tussenrapportage neemt de zoektocht naar een locatie voor nieuwe kerncentrales na vier jaar plotseling een heel nieuwe wending. Het vorige kabinet zette vol in op nieuwbouw bij Nederlands enige kerncentrale in Borssele en sloot de Eemshaven nadrukkelijk uit. Ook de Kamer heeft dat standpunt meermaals met moties uitgesproken.
Nu blijkt echter dat de voorkeurslocatie Borssele veel te klein is voor nieuwe kerncentrales. Ook de Tweede Maasvlakte en Vlissingen vallen om uiteenlopende redenen definitief af, evenals twee andere locaties in de Eemshaven: de Westlob (waar het Vopak-tankenpark en de zeedijk moeten worden verplaatst) en de plek waar nu nog de RWE-kolencentrale staat.
De Groninger gedeputeerde Pascal Roemers is „diep teleurgesteld”. „Het is na alle toezeggingen ronduit stuitend dat de Eemshaven nu ineens met twee locaties in de Top 3 staat. Terwijl ons steeds is verzekerd dat het gebied uitsluitend om juridisch-technische redenen moest worden meegenomen in het locatieonderzoek.”
‘Wij worden door het Rijk een val in gelokt’
Ook wethouder Eltjo Dijkhuis van de gemeente Het Hogeland is woedend. „Het kabinet komt als een dief in nacht met dit nieuws. We zijn jaren in gesprek, maar nu lijkt het erop dat we eigenlijk een val in worden gelokt. Hier wordt een spel gespeeld over de rug van Groningen.”
Wat Dijkhuis en ook Roemers nog het allermeest steekt, is dat zij pas vrijdagmorgen nog telefonisch van staatssecretaris De Bat kregen te horen dat het Rijk alvast voorkeursrecht heeft gelegd op de beide locaties in de Eemshaven. Die grond, nu merendeels van boeren, mag niet aan andere partijen worden verkocht.
„Onfatsoenlijk”, vindt Roemers die handelwijze. „Na alle recente gesprekken die we met de staatssecretaris hebben gevoerd, krijg je ineens een telefoontje: ‘Oh ja, wat ik nog vergeten was te vertellen... ‘”, schetst ook Dijkhuis. „Als je elkaar vertrouwd ga je zo niet met elkaar om.”
Kerncentrales frustreren alle toekomstplannen
De komst van kerncentrales frustreet alle plannen die de regio met het Rijk heeft uitgestippeld voor de economische ontwikkeling van de Eemshaven en daarmee van de hele provincie, zeggen beide bestuurders.
Te beginnen met de afspraak in het kader van Nij Begun, het herstel- en versterkingsprogramma voor de provincie, om eenderde van alle windenergie die in de toekomst wordt opgewekt met nieuwe windparken op de Noordzee, te laten aanlanden in de Eemshaven.
De Bat stelt nu in zijn Kamerbrief dat Terneuzen een betere optie is voor de aanlanding van zeewindstroom is. Dat is nodig opdat er in de Eemshaven voldoende capaciteit overblijft op het hoogspanningsnet om de energie van kerncentrales het land in te sluizen.
Volgens Roemers en Dijkhuis valt daarmee een cruciale pijler weg voor de ambities om de noordelijke haven op te stoten tot een internationaal knooppunt op het gebied van waterstof en groene energie. „Wat zijn afspraken met het Rijk nu eigenlijk nog waard?”, aldus Dijkhuis.
‘Oostpolder wordt geen industriepark maar bouwopslag’
Ook de uitbreiding van de Eemshaven met de Oostpolder ten behoeve van een nieuw industriepark voor grootschalige bedrijven op het gebied van waterstof, hightech en energieopslag, gaat averij oplopen, vreest de Hogelandster wethouder. „Als het Rijk kiest voor de Eemshaven, verandert de polder voor tien tot twintig jaar in een opslagterrein voor de bouw van die kerncentrales.”
De regionale overheden blijven zich verzetten tegen de Eemshaven als locatie voor de kabinetsplannen. Te beginnen op 4 juli als de Tweede Kamer er over debatteert. „Wij zullen alles in het werk stellen om dit van tafel te krijgen”, zegt Roemers.
„In Groningen is geen ruimte voor kerncentrales. Dat heeft het vorige kabinet toegezegd, ons Omgevingsvisie verbiedt het en het is keer op keer onderstreept door moties in de Provinciale Staten, gemeenteraden en de Kamer. We zullen niks nalaten om het parlement daar op aan te spreken.”