Sinds 2022 is het aantal kinderen in de asielnoodopvang verdriedubbeld. Duizenden kinderen zitten klem in een uitzichtloze situatie waar zij niet om hebben gevraagd.
Niet minder dan 7019 kinderen zitten nu in noodopvanglocaties. Vier jaar geleden waren dat er ‘nog’ 2282.
Deze kinderen kunnen geen kant op. Ze brengen hun dagen door in gymzalen, leegstaande kantoorpanden, op een schip of in een hotel. In plaats van in een gewoon huis of appartement, zoals Nederlandse kinderen. Of op zijn minst in een fatsoenlijk asielzoekerscentrum.
Voor deze kinderen is er weinig te doen in zo’n noodopvang, en zijn de voorzieningen ook niet goed. Volgens het Kinderrechtencollectief is er te weinig gezondheidszorg, te weinig privacy en is het er niet veilig. In Groningen en Drenthe zijn tientallen van dit soort locaties waar ook kinderen wonen.
Den Haag kijkt weg
Dit soort plekken zijn natuurlijk niet bedoeld voor langdurige bewoning, maar door het gebrek aan gewone azc’s en woningen voor statushouders kunnen asielzoekers nergens anders naartoe.
Waarom doen we het niet beter? Mogelijk omdat verschillende kabinetten én de Tweede Kamer niet doorpakken of hebben doorgepakt op dit thema. Het asielvraagstuk – oftewel: moet Nederland minder asielzoekers opvangen en wat doen we met de asielzoekers die hier al zijn – wordt maar niet opgepakt, laat staan opgelost.
Deze kinderen kunnen geen kant op. Ze brengen hun dagen door in gymzalen, leegstaande kantoorpanden, op een schip of in een hotel.
Bovendien wordt de spreidingswet, die al een tijdje van kracht is, door het merendeel van de gemeenten niet nageleefd. Politieke partijen in Den Haag zeggen daar niets van of tonen begrip.
Zelfs coalitiepartij VVD, normaal gesproken niet vies van law and order, ziet deze bestuurlijke ongehoorzaamheid door de vingers. Ondertussen zit Ter Apel met de gebakken peren.
Vernielingen
Het resultaat van dit gedraal is dat bijna de helft van de asielzoekers in ons land nu in een noodopvanglocatie woont. Tegelijkertijd sluiten steeds meer noodlocaties de deuren, omdat gemeenten en hun inwoners ze niet meer willen.
Gemeenten die wel opvang willen regelen, hebben in het gunstigste geval te maken met protesterende inwoners. In het slechtste geval slaan extremistische relschoppers de boel kort en klein, zoals onlangs in Loosdrecht. Of wordt zoals in IJsselstein het gemeentehuis vernield.
Zolang de problemen op het gebied van asiel niet worden opgelost, zal er voor asielzoekers weinig veranderen. Kinderen zitten dan nog langer in slechte omstandigheden in de noodopvang. Later zal iemand ze moeten uitleggen dat de volwassenen wegkeken. Daar mogen we ons, als een van de rijkste landen ter wereld, best voor schamen.