Leden van de werkgroep 34 Groninger Kloosters hebben een kloostermop in de handen. Foto: werkgroep 34 Groninger Kloosters
Veel Groningers weten het niet. Onder hun voeten ligt een verdwenen geschiedenis. Eeuwenlang stonden hier 34 kloosters. Ze bepaalden mede hoe Groningen eruit kwam te zien. En dat verhaal wordt nu opnieuw verteld, met verrassende ontdekkingen.
„Mensen reizen naar Frankrijk voor kastelen of naar China voor de Muur. Prachtig, vooral doen, maar kijk eens wat hier onder je voeten ligt”, zegt Edzard Krol (63) uit Groningen. „Het Groninger landschap had er anders uitgezien als de kloosters er niet waren geweest.”
Nu is bijna alles verdwenen. Slechts vijf plekken herinneren eraan dat hier ooit een dicht netwerk van kloosters lag. Toch rust Groningen nog altijd op dat verborgen oude fundament. De werkgroep 34 Groninger Kloosters, waar Krol lid van is, wil dat verleden opnieuw onder de aandacht brengen. Ze willen mensen leren over dit stukje verborgen geschiedenis.
Die werkgroep is een samenwerking van Museum Klooster Ter Apel, Kloostermuseum Aduard, Stichting Bezoekerscentrum Klooster Yesse en de Historische Commissie Thesinge.
Een impressie van het klooster in Aduard. Illustratie: Axe Kooi.
Dit was een van de meest kloosterrijke gebieden van Noordwest‑Europa
Vanuit zijn werkkamer kijkt Krol uit op de plek waar tussen 1215 en 1594 het vrouwenklooster Yesse lag. „Het besef dat je op grond staat met zo’n lange voorgeschiedenis, is niet vanzelfsprekend. Maar het is wel zo.”
Tussen 1175 en 1594 stonden in de provincie vierendertig kloosters. „Misschien één meer of minder, maar dit was een van de meest kloosterrijke gebieden van Noordwest‑Europa”, zegt Krol. „De Friese landen, waartoe Groningen toen werd gerekend, lagen vol met kloostercomplexen.” Kloosters waren centra van bestuur, landbouw, zorg, onderwijs en religie. Hun invloed reikte verder dan de muren van het terrein.
Edzard Krol. Foto: Eigen foto
Gebouwd op kloostermop
„Neem het waterbeheer”, zegt Krol. „Op het Hogeland waren het vaak kloosters die dijken aanlegden en onderhielden. Ze waren voorlopers van de waterschappen, lang voordat die bestonden.” Ook in de bouwgeschiedenis zijn sporen zichtbaar. De kloostermop, de grote roodbruine baksteen, werd eerst door kloosters geproduceerd.
„De vraag kwam uit de kloosters zelf, maar verspreidde zich snel. Veel boerderijen staan nog op fundamenten van kloostermoppen. Dat is een directe link met die tijd.” Zelfs de Rijksuniversiteit Groningen draagt dat verleden mee. De universiteit werd in 1614 gevestigd in het voormalige Minderbroedersklooster aan de Broerstraat en werd mede gefinancierd met opbrengsten van opgeheven kloosters.
Laag voor laag opgebouwd
Directeur Marjan Brouwer van Museum Klooster Ter Apel. Foto: Huisman Media
Marjan Brouwer (47), directeur van Museum Klooster Ter Apel, ziet hoe weinig mensen zich bewust zijn van die geschiedenis. „We willen laten zien waar kloosters hebben gestaan en welke rol ze speelden. Als je weet wat er was, kijk je anders naar het landschap.” Volgens haar kozen kloosterlingen hun plek zorgvuldig. Bodem, water en bereikbaarheid bepaalden waar een gemeenschap kon bestaan. Veel boerderijen liggen nog steeds op plekken die ooit bij kloosters hoorden. Monniken ontgonnen moerassen, legden sloten aan en bepaalden zo de structuur van het land. „Het Groninger landschap is niet uit het niets ontstaan”, zegt Krol. „Het is laag voor laag en stapsgewijs opgebouwd.”
In Ter Apel staat het enige klooster dat vrijwel compleet bewaard is gebleven. „Ter Apel was een klein klooster. In Aduard had je pas een groot complex. Daar woonden en werkten honderden mensen”, zegt Brouwer. Kloosters stonden vaak op afgelegen plekken, maar dat betekende niet dat ze afgesloten waren. „Ze hadden politieke en maatschappelijke invloed. Een abt of prior had vaak een huis in de stad, waar werd overlegd.” Volgens Brouwer is het beeld van kloosterlingen als wereldvreemde figuren onjuist. „Ze vervulden nog een belangrijke taak. Ze baden voor de gemeenschap en zorgden voor de ziel van de samenleving. Vergeet niet, dat was in de Middeleeuwen heel belangrijk.”
Het klooster in Ter Apel. Foto: Museum Klooster ter Apel.
Sommige kloosters verdwenen geleidelijk, andere gingen abrupt ten onder. Waar nu de Dollard ligt, stonden volgens oude bronnen zeker vijftig dorpen en gehuchten, en twee kloosters. De dijkdoorbraak van 1509 betekende het einde van deze nederzettingen. Ook de Johannieterorde had in het Dollardgebied zeker twintig vestigingen en commanderijen. De meeste liggen nu onder meters klei. „Het is een geschiedenis die je niet ziet, maar die er wel is”, zegt Krol. „En die nog altijd doorwerkt in de verhalen van het landschap.”
Nooit helemaal verdwenen
De werkgroep heeft plannen genoeg. Er wordt gedacht aan het publiceren van (internet)publicaties, kaarten en luchtfoto’s, Brouwer: „We kunnen interviews afnemen met met boeren die soms nog resten boven de grond halen, en we kunnen oude locaties markeren. Als je weet waar je moet kijken, zie je dat de kloosters nooit helemaal zijn verdwenen.”
Bloembollen en wandelen en een symposium
Er is al een begin gemaakt. In Thesinge zijn de contouren van het verdwenen benedictijnenklooster Germania opnieuw aangebracht met bloembollen en vaste planten. Ook dat was ooit een groot complex. Het huidige kerkje past zeker drie keer in het oorspronkelijke complex. Het is een initiatief van de Historische Commissie Thesinge in samenwerking met Het Groninger Landschap en dorpsvrijwilligers.
Wie het hele verhaal wil ervaren, kan het 473 kilometer lange Kloosterpad lopen, van Schiermonnikoog tot Ter Apel. Het pad verbindt alle voormalige kloosterlocaties.
Op maandag 5 oktober 2026 vindt in Museum Klooster Ter Apel het symposium Kloosterland – over 34 Groninger kloosters plaats. Zes deskundigen belichten de religieuze, economische, maatschappelijke, landschappelijke en juridische betekenis van de middeleeuwse kloosters. Het symposium wil laten zien hoe de sporen van kloosters tot in de huidige tijd reiken. En er is muziek en zang van het Trio Vasari. Esmé van den Boom, voormalig stadsdichter van Groningen, draagt een ter plekke door haar geschreven gedicht voor. En wie nog tijd en zin over heeft kan een minicollege kloosterbierbrouwen te volgen.
Kon Minder
Kon Minder is een typisch Groningse serie over Groningers en over Groningen. Laat je verwonderen en inspireren, of steek wat op. Want: is dit Gronings? Inderdaad. Dit is Gronings. Kon minder.