Wantrouwen blijft een probleem in het bevingsgebied. Hier protesteert Extinction Rebellion in Warffum. Foto: Anjo de Haan
Binnen dertig jaar moeten Groningen en Noord-Drenthe hun achterstand op de rest van Nederland inlopen. Vooralsnog blijft dat doel nog ver uit zicht. „Het beeld is niet bepaald rooskleurig.”
Dat is de kernboodschap van de nieuwste ‘Staat van Groningen en Noord-Drenthe’. Dit jaarlijkse onderzoek brengt in kaart hoe de ‘brede welvaart’ zich de komende decennia ontwikkelt in de tien Groningse en drie Noord-Drentse gemeenten die vallen onder Nij Begun.
Compensatie zestig jaar gaswinning
Via dit versterkings- en herstructureringsprogramma pompt de Rijksoverheid tot en met het jaar 2055 in totaal 22 miljard in de regio ter compensatie van zestig jaar gaswinning. Met dat geld moet niet alleen de aardbevingsschade worden weggewerkt, maar ook de sociale en economische achterstand op de rest van het land.
De nieuwste Staat van Groningen en Noord-Drenthe is maandag overhandigd aan Henk Nijboer, de nieuwe regeringscommissaris Hersteloperatie Groningen en Noord-Drenthe.
Vorig jaar werd al een eerste versie van deze jaarlijkse ‘monitor’ gepresenteerd. Aan de hand van die ‘nulmeting’ bekijken kabinet en Kamer voortaan ieder voorjaar of de Nij Begun-investeringen het gebied daadwerkelijk vooruit helpen en of de miljarden doelmatig worden besteed.
Nij Begun vraagt om ‘geduld’
De rapporteurs temperen de verwachtingen: voor grote effecten is het nog te vroeg. „In de eerste jaren vraagt dit om realistische verwachtingen en dus ook om geduld.”
Ook van het gehoopte herstel van vertrouwen in de overheid is daardoor nog weinig te zien. Sterker: nieuwe aardbevingen, zoals in november nog bij Zeerijp, hebben het wantrouwen in 2025 juist nog iets verder aangejaagd. Ook het terugkerende Haagse debat over heropening van het Groninger gasveld versterkt het gevoel bij inwoners dat ze niet worden gehoord.
De onderzoekers meten de stand van zaken in het Nij Begun-gebied niet alleen af aan de ontwikkeling van de economie en de gemiddelde inkomens. Ze kijken ook naar andere zaken die een rol spelen zoals de ‘brede welvaart’ van de inwoners, de gemiddelde gezondheid en de tevredenheid over hun huis en woonomgeving.
‘Lichte verbetering, géén inhaalslag’
Op dat vlak zien de rapporteurs weliswaar een heel lichte verbetering over het afgelopen jaar. Van een inhaalslag op de rest van het land is echter nog bij lange na geen sprake, waarschuwen ze. Dat de trend licht stijgt in Groningen maar ook in Oost-Groningen, komt vooral doordat die gemeenten ook het verst achterliggen op de rest van het land.
De drie Noord-Drentse gemeenten scoren juist op vrijwel alle lijstjes fors hoger dan de rest van het Nij Begun-gebied. Ook op economisch gebied doen ze het beter. Het aantal lage inkomens ligt er bovendien ver onder het gemiddelde in met name Oost-Groningen dat juist tot de armste regio’s van het land behoort.