Ze vond het fijn, slapen met de baby naast zich. Maar het kind viel op een nacht van bed en overleed. Het Openbaar Ministerie eiste een taakstraf voor de 35-jarige Groningse.
Op de vraag wat de vrouw ervan vond dat ze maandagochtend in de Rechtbank Groningen zat, klonk het: „Schuld heb je als je iets bewust hebt gedaan, maar ik heb het niet bewust gedaan.”
Maar opzet werd haar ook niet verweten, legde de rechter uit, wel dat ze onvoorzichtig was geweest. Wellicht onder invloed van cocaïne. En dat kostte het leven van haar 8 maanden oude baby, de helft van een tweeling.
Vaker van bed gevallen
De Groningse sliep vaker met het kind naast zich. Ondanks dat de baby een paar keer eerder op de grond was gevallen. Daarom waren er een dekbed en een kussen tussen bed en muur gestopt. Maar dat was onvoldoende, bleek op 2 januari 2024.
Haar partner sloeg alarm toen het kind niet om 7 of 8 uur wakker werd en ging boven. Hij vond de baby tussen bed en muur, op de rug en blauw en koud. Doodsoorzaak: een tekort aan zuurstof. Reanimatie kwam te laat, waarna hij politie en hulpverlening inschakelde en de vrouw aangehouden werd.
Niet opzettelijk, wel verantwoordelijk
Want de moeder was schuldig, aldus het Openbaar Ministerie (OM). „Tuurlijk niet opzettelijk en natuurlijk heeft ze dit nooit gewild. Maar ze is er wel verantwoordelijk voor.”
Ze wist dat het een beweeglijk kind was, dat de baby eerder van bed was gevallen en ze was door haar partner ook gewaarschuwd. De vrouw had bovendien moeten weten dat een volwassene in slaap onvoldoende alert is.
Mogelijk onder invloed cocaïne
En ze verkeerde die nacht in een diepe slaap. Volgens het OM mogelijk onder invloed van cocaïne. De Groningse ontkende dat ze die avond had gebruikt, maar wel op oudejaarsnacht, toen ze tot 5 uur ’s ochtends had gesnoven.
De diepe slaap kwam volgens de vrouw misschien van stress, want ze had een zwaar jaar achter de rug. Hulp krijgen lukte niet, waarna ze steeds meer ging gebruiken. Wat gemakkelijk was, want haar partner dealde.
Geen alcohol en drugs meer, ‘nog geen pretsigaret’
Met de zorg voor haar andere kinderen zou een celstraf verstrekkende gevolgen hebben, meende het OM. De reclassering constateerde daarnaast dat de Groningse met zichzelf aan de slag was gegaan. Ze deed niet meer aan alcohol en drugs, ‘nog geen pretsigaret’, had hulp en werkte nog steeds aan zichzelf.
De eis was daarom een taakstraf van 180 uur en wel drie maanden gevangenisstraf, maar voorwaardelijk en met een proeftijd van drie jaar. Wat meetelde was dat haar gedrag al de grootst mogelijke consequentie had: het verlies van een kind.
‘Ik leef hier elke dag mee’
Zoals ze het zelf verwoordde: „Ik zou elke dag willen dat ik het anders heb gedaan. Ik leef hier elke dag mee. En dat zal de rest van mijn leven zijn.”
Haar advocaat pleitte voor vrijspraak, omdat zowel in de tenlastelegging als in het dossier onvoldoende bewijs zou staan voor haar schuld, al dan niet als gevolg van drugsgebruik.