De eerste plantjes staan, cannabisteler Q-farms in Veendam is klaar voor de landelijke wietproef, zeggen directeuren Claas van Os en Karina Vos. Foto: Huisman Media
Het was vier jaar trekken en sleuren maar nu zijn ze er klaar voor. Als straks op 7 april officieel de landelijke ‘wietproef’ begint, kan cannabisteler Q-farms de coffeeshops in de tien deelnemende steden voorzien van hasj uit Veendam.
Noem het vooral géén ‘wietfabriek’. En begin ze ook niet over ‘staatswiet’. In de eerste plaats produceren ze (nog) geen wiet, maar voorlopig uitsluitend hasj. En bovendien heeft de Staat geen cent bijgedragen aan de 30 miljoen kostende kwekerij die in zeven maanden tijd uit de grond is gestampt op een industrieterrein pal naast de N33 bij Veendam.
Wat Q-farms dan wél is? „Wij zijn een cannabisteler, niet meer maar zeker ook niet minder”, zegt algemeen directeur Claas van Os. „En één van de zeven telers die de landelijke overheid heeft geselecteerd om de coffeeshops in de tien proefsteden, waaronder Groningen, te bedienen met legaal geteelde wiet en hasj.
Sinds juni vorig jaar mochten de deelnemende cannabiswinkels nog rookwaar uit het illegale circuit verkopen naast de producten van de euh... ‘staatstelers’. Aan die overgangsfase komt op 7 april echter een eind. Dat is bijna acht maanden later dan oorspronkelijk gepland omdat veel telers nog niet konden leveren. Vanaf april mag er in de coffeeshops alleen nog legale cannabis over de balie. Ondernemers die zich daar niet aan houden, riskeren intrekking van hun vergunning.
Proef: van gedogen naar reguleren
Het experiment ‘Gesloten Coffeeshopketen’, zoals de proef officieel heet, moet de komende vier tot maximaal vijfenhalf jaar uitwijzen of de criminaliteit helemaal uit de cannabishandel valt te halen. Is gereguleerde en gecontroleerde teelt en verkoop een werkbaar alternatief voor het oer-Nederlandse maar lichtelijk schizofrene ‘gedoogbeleid’, met oogluikend toegestane verkoop via de ‘voordeur’ maar verboden inkoop van illegaal geteelde hennep van soms schimmige kwekers aan de achterdeur?
De eerste prille plantjes staan onder een zee van kunstlicht in Veendam. Foto: Huisman Media
Voor Q-farms-directeur Van Os en financieel directeur Karina Vos staat het antwoord op die vraag bij voorbaat vast. „Wij zijn ervan overtuigd dat dit experiment zal laten zien dat we met elkaar een professionele en betrouwbare markt zijn”, zegt Van Os. Hij rekent op een bestendig vervolg van de proef. „Dat zal stapsgewijs gaan, maar uiteindelijk gáán we naar een landelijk gereguleerde cannabismarkt. Een normále markt, niet anders dan bijvoorbeeld de slijter. Zie ons als Bacardi en de coffeeshops als de Gall & Gall.”
‘Zonder hasj jaag je consument naar straathandel’
Binnen die markt richt Q-farms zich op het ‘premium-segment’, zeggen Vos en Van Os tijdens een rondleiding in de fabriek waar bouwpersoneel nog volop aan het werk is met de laatste loodjes. Voor de teelt en productie heeft het bedrijf de krachten gebundeld met het Spaanse La Calada. Dat heeft een procedé ontwikkeld om échte hasj te maken. Geen ‘Nederstuff’ ofwel ‘skuff’, van geperst plantengruis.
Precies daar ligt de sleutel voor een succesvolle proef, denkt Van Os. „Veel consumenten willen niet de sterke nederwiet, maar roken alleen hasj. Als ze dat niet in de gereguleerde coffeeshops kunnen kopen als vanaf april de import uit Marokko verdwijnt, jaag je die groep richting de straathandel. Dus júist naar de criminaliteit waar je van af wilt. Het is feitelijk een schande dat maar drie van de zeven telers hasj kunnen maken, dan maak je een valse start.”
Van schimmige zolder naar hightechkwekerij
De hightechkwekerij die Q-farms bij Veendam heeft neergezet, is een wereld verwijderd van de schimmige schuren en zoldertjes waar cowboys met afgetapte stroom en giftige chemicaliën hun wiet telen. Tweeëndertig variëteiten van de marihuanaplant worden onder volautomatisch geconditioneerde licht- en luchtomstandigheden opgekweekt in 28 kweekcellen, van kloon naar bloei.
Hightech-luchtzuiveringsinstallaties weren ziekte en andere ongerechtigheden uit de kweekruimtes. Foto: Huisman Media
Pas afgelopen dinsdag konden de eerste planten de kweekcel in, na een uitputtend controle- en vergunningentraject. „Dat was wel even een brok in de keel-momentje”, zegt Van Os, in een zee van kunstlicht in de immense ruimte. In april worden de eerste bloemtoppen geoogst waar het allemaal om is te doen. Die gaan eerst de vriezer in bij min 30 graden en vervolgens in een ijswaterbad om de werkzame stof eruit te halen. Die wordt gevriesdroogd en daarna tot hasj verwerkt via het Spaanse procedé waarover Van Os geen details prijsgeeft.
‘Wereldwijd geen indoor-farm als deze’
Als de kwekerij vanaf juni eenmaal op volle kracht draait, produceert Q-farms op jaarbasis duizend kilo hasj plus nog eens achtduizend kilo wiet, een paar miljoen kant-en-klare joints en daarnaast ook hasj- en wietkoekjes uit eigen bakkerij. Van Os is trots op wat hij samen met Vos heeft neergezet. Q-farms kan zich meten met kwekers in landen als Canada of de Verenigde Staten die al langer met gereguleerde teelt werken. „Sterker: in de hele wereld staan geen indoor-farm als deze.”
Groningen groeit de komende jaren door naar drie gereguleerde wietteeltbedrijven. Holigram in Nieuw-Beerta ging Q-farms al vooruit. Dat bedrijf startte de productie al in april vorig jaar op.
De kwekerij levert dit jaar 6.500 kilo wiet en ook hasj. Op termijn groeit dat naar 8.500 kilo, verwacht eigenaar-directeur Jetze de Raad. Hij dreef jarenlang een ‘growshop’ aan de Oosterhamrikkade in Groningen, maar is inmiddels internationaal actief met BioBizz, een onderneming in zaden en teeltmateriaal.
Hij zette Holigram op met de Groningse ‘modelkwekers’ John en Ines Meijers, die jarenlang tot en met rechtszaken streden voor legalisering van de wietteelt. Zij zijn nog aandeelhouder betrokken bij het bedrijf maar niet meer actief bij de kwekerij betrokken.
In februari begint in Groningen de bouw van de derde Groningse wietkwekerij. Initiatiefnemer is Leli Holland, een dochterbedrijf van het Canadese Village Farms. Dat runt nu al een kwekerij in Drachten, met een jaarproductie van 2500 kilo cannabis. De nieuwe Groningse vestiging wordt nog eens vijf keer zo groot.