Docent Mieke Nauta van de Hanze in Groningen. Foto: Geert Job Sevink
Het hoger onderwijs worstelt met een ‘studeercrisis’: studenten komen minder vaak opdagen bij colleges, doen minder aan zelfstudie en gebruiken AI voor opdrachten. Hanze-docenten proberen het tij te keren.
Wat is een diploma nog waard als studenten niet komen opdagen bij colleges en het gros van hun schoolopdrachten door AI laten maken? Hoofddocent Izaak Dekker (de Hogeschool van Amsterdam) maakt zich zorgen. „We hebben te maken met een studeercrisis”, zegt hij op basis van eigen onderzoek. „We kunnen niet meer betrouwbaar meten of studenten de stof écht goed beheersen.”
Lege collegezalen en opdrachten maken met AI
Dekker startte zijn onderzoek omdat hem een paar dingen opvielen. Bijvoorbeeld dat studenten vaker absent zijn bij colleges. „Dat is een internationale tendens, vooral zichtbaar in de westerse wereld, bij hogescholen en universiteiten.” Echt harde cijfers zijn er niet veel. „Het verschilt per onderwijsinstelling hoe goed aanwezigheid wordt bijgehouden. Ik heb samen met Hanneke Theelen cijfers verkregen van de gemiddelde aanwezigheid in drie hbo-domeinen in Amsterdam. Daar zagen we dat de gemiddelde aanwezigheid in elf jaar is gedaald van 43 naar 31 procent.”
Een tweede ontwikkeling is dat studenten zich minder goed inlezen. Dat hangt samen met een derde ontwikkeling: kunstmatige intelligentie. „We zien dat studenten minder tijd aan hun studie besteden. Zo lezen ze geen studieboeken, maar met AI gemaakte samenvattingen en ChatGPT maakt hun huiswerk. De verleiding om te kiezen voor een optie die minder tijd kost, is groot.”
Dit zien we terug in andere cijfers. Zo hebben veel meer studenten een bijbaan dan voorheen en ze werken meer uren. In 2024 becijferde het Nederlands Jeugdinstituut dat 77 procent van de jongeren tussen 15 en 25 jaar een bijbaan hebben. En als je kunt kiezen tussen een uur studeren of een extra uur werken en geld verdienen, is de keuze snel gemaakt.
Deze drie ontwikkelingen brengen de klassieke manier van onderwijs geven aan het wankelen. Dekker: „We geven colleges, studenten bereiden zich voor en dan toetsen we. Dat toetsen was altijd een stok achter de deur. Maar nu? We weten dat je met AI heel snel verslagen en zelfs masterscripties kan maken.” En die vormen vaak een groot deel van iemands cijfer.
Docent Jordy Keupink van de Hanze in Groningen. Foto: Geert Job Sevink
Klassieke manier van onderwijs geven gaat de prullenbak in
Docent Jordy Keupink (39) en zijn collega’s merkten dat de aanwezigheid van studenten sterk wisselde en dat zij steeds vaker huiswerk inleverden dat met behulp van ChatGPT of andere AI-tools op papier was gezet.
Keupink geeft verschillende vakken bij de bachelor Communicatie van de Groningse hogeschool. Samen met collega’s is hij heel het curriculum van deze opleiding aan het omgooien. Vanaf volgend schooljaar gaat het nieuwe lesprogramma in. De klassieke manier van lesgeven – zeven weken les, gevolgd door een tentamenweek – gaat de prullenbak in.
„Het schooljaar bestaat straks uit vier blokken waarin steeds 15 studiepunten in één keer te halen vallen. In elk blok staat een praktijkvraagstuk centraal, soms van een specifieke opdrachtgever, en daaromheen plannen we onderwijsactiviteiten. Je hebt dus niet langer allemaal losse vakken en geen tussenuren. Gewoon aaneengesloten lesdagen waarin persoonlijk contact centraal staat”, legt Keupink uit.
Toetsmomenten worden verspreid over het blok. „Zo werken de studenten steeds toe naar een oplevermoment en blijft de spanningsboog gespannen”, legt Keupink uit. „En we onderhouden een nauwe band met het werkveld zodat de studenten weten: wat we maken doet ertoe.”
Zo’n lesprogramma over de kop gooien, heeft wel wat voeten in de aarde. Docenten moeten anders samenwerken, voor studenten verandert er veel en ook roostermakers moeten flink aan de bak. „Het zorgt ervoor dat het voor studenten interessant is om naar de Hanze te komen. We zijn geen opleiding op afstand zoals een LOI-cursus. Door de studenten te zien kunnen de docenten beter inschatten hoe competent ze zijn en blijven ze ook gemotiveerd om goed les te geven.”
De lessen worden steeds tegelijkertijd gegeven door twee docenten met een eigen expertise: eentje aan de praktische kant en eentje aan de theoretische kant. Bij het toetsen wordt de mondelinge component belangrijker. Denk aan presentaties of overhoringen. Daarbij moet de student laten zien dat hij of zij de stof écht beheerst.
Docent Mieke Nauta blijft experimenteren met AI
Dat is ook een verandering die docent Mieke Nauta (58) doorvoert. Zij geeft verschillende vakken bij economie-opleidingen van de Hanze en ook haar cluster is bezig met ingrijpende aanpassingen.
„De ontwikkelingen die Izaak Dekker constateert zien wij ook”, vertelt ze. „Studenten die veel minder naar lessen komen bijvoorbeeld. En studenten die aanwezig zijn kennen bepaalde begrippen uit de lesstof niet en stellen daar geen vragen over.”
Ook het gebruik van AI viel Nauta op. „We toetsen veel met rapporten en die begonnen er allemaal hetzelfde uit te zien. Ik ben nu stagedossiers aan het nakijken en 29 van de 30 sollicitatiebrieven beginnen exact op dezelfde manier. Dan wil ik mijn laptop uit het raam gooien! Zo krijg je heel weinig onderscheid.”
Docent Mieke Nauta van de Hanze. Foto: Geert Job Sevink
Werk aan de winkel dus. Voor docenten én studenten. Naast het invoeren van andere vormen van toetsen, wil Nauta AI niet helemaal uit de klas weren. „We zetten het juist nadrukkelijk in, want dat gebeurt in het werkveld ook. Het is belangrijk dat de jongeren snappen hoe je AI gebruikt. Wij zijn er niet om de systemen slimmer te maken. We kunnen de systemen wel gebruiken om zelf slimmer te worden. Bijvoorbeeld door studenten te leren hoe ze de tools opdrachten geven (prompten, red.) of door AI feedback te laten geven op eigen gemaakte berekeningen. Daar leer je van.”
Nauta is al begonnen met mondeling toetsen. „Studenten denken in eerste instantie ‘joh, wat doen die docenten moeilijk’. Maar ze zien ook dat ze serieus worden genomen en dat het ergens om gaat. De lat moet weer omhoog.”
Nauta weet niet zeker of er echt sprake is van een ‘crisis’. „We noemen tegenwoordig alles een crisis. Ik maak me al langer zorgen. Je ziet bijvoorbeeld dat veel juniorbanen verdwijnen omdat AI-bots het makkelijke werk overnemen. Je komt als beginner niet zomaar meer aan het werk. Wij moeten zorgen dat ze die skills nu opdoen.”
Een ouderwetse aanwezigheidsplicht
Dekker is blij dat docenten de uitdagingen zien en daarmee aan de slag gaan. „Maar mondelinge opdrachten zijn niet geschikt voor elke opleiding. Bij veel beroepen juist niet. En het geeft verbaal sterke studenten ook een voorsprong.”
Hij ziet daarom wel wat in een ouderwetse aanwezigheidsplicht. „De boodschap is nu te vrijblijvend. Maak elk college praktisch, bijvoorbeeld door feedback te geven en de theorie toe te passen. Laat zien hoe je een injectienaald inbrengt bij de opleiding verpleegkunde. Schrijf koppen tijdens een les journalistiek. We moeten de verandering echt in gang zetten.”