Alex en Marlies verhuren via Hospi Housing een kamer in hun huis aan een internationale student. Foto: Peter Wassing
Het gevecht om een kamer te vinden in Groningen is in volle gang. Sociale media staan vol met oproepjes van Nederlandse en internationale studenten die op zoek zijn naar een dak boven hun hoofd. Dit jaar is de hospita terug van weggeweest in Groningen.
Stofzuiger Henry staat in de 16 vierkante meter tellende kamer en de schildertape zit nog op het raam. Alex (65) en Marlies (61) uit Groningen zijn druk met de laatste voorbereidingen. De kamer op de benedenverdieping, het stel woont zelf boven, is bijna af. De boel moet schoon, de kozijnen geverfd en achterin is Alex bezig met het maken van een keukentje en een toilet.
Eind deze zomer komt hun nieuwe huisgenoot, internationale student Hana (20) uit Kroatië, voor zes maanden bij hun wonen. ,,We hebben de ruimte en zagen de berichten over de schrijnende studententoestanden’’, zegt Marlies. ,,Daarom besloten we ons op te geven.’’
Gemeente Groningen werkt samen met Hospi Housing
Het kamertekort in Groningen speelt al een paar jaar. In 2018 haalde Groningen de internationale media toen nieuwe eerstejaars in tenten moesten worden ondergebracht. Inmiddels zijn plannen in de maak voor vierhonderd plekken op de Zernike Campus, maar die laten nog zeker tot de zomer van 2023 op zich wachten door de krapte in de bouwsector.
De gemeente becijferde dat dit jaar minstens 260 bedden nodig zijn om alle nieuwkomers aan de Rijksuniversiteit en Hanzehogeschool Groningeneen dak boven hun hoofd te bieden. Maar vooralsnog zijn er niet meer dan 111 plekken beschikbaar voor de piekopvang na de zomervakantie. Dat zijn er minder dan in voorgaande jaren, en toen was het al niet genoeg.
Om toch iets aan het kamertekort te doen, werkt de gemeente dit jaar en volgend jaar samen met Hospi Housing, een bedrijf dat in meerdere studentensteden vooral internationale studenten koppelt aan mensen die ruimte in huis hebben. De hospita-regeling terugkrijgen in Groningen had wel wat voeten in de aarde. Zomaar een kamer in je huis verhuren aan iemand (zelfs aan een familielid) mag hier niet. Dat beleid is nu tijdelijk aangepast (zie kader).
Groningen kent geen hospita-regeling
De gemeente Groningen kent geen hospita-regeling. Als een pand de bestemming ‘wonen’ heeft, mag je als eigenaar niet zomaar een ruimte in je huis verhuren aan iemand anders. Vroeger kon dat wel. ,,De regels zijn heel lang geleden aangepast omdat de hospita-regeling weleens oneigenlijk werd gebruikt’’, zegt gemeentewoordvoerder Natascha van ‘t Hooft. Bijvoorbeeld doordat niet één kamer werd verhuurd, maar alle ruimtes in een huis. ,,Dat leverde overlast op.’’
De gemeente doet dit jaar en volgend jaar een proef waarbij het tijdelijk wel is toegestaan zonder vergunning één kamer te verhuren voor een maximale periode van zes maanden. De proef geldt niet in de wijken Vinkhuizen, de Schildersbuurt en de Indische Buurt, omdat het aantal studenten daar al te groot is. Het verhuren van een kamer is ook alléén toegestaan in samenwerking met Hospi Housing.
Hospi Housing is in 2019 opgericht, vlak voordat het coronavirus de wereld platlegde. ,,We zijn actief in Utrecht, Amsterdam, Leiden, Maastricht en Groningen.’’ In Groningen geldt dus een maximum van zes maanden. Na een halfjaar moeten de studenten weer op zoek naar een nieuwe plek. ,,Dat is in andere steden niet zo’’, zegt Donkers.
Volgens gemeentewoordvoerder Van ‘t Hooft kiest Groningen voor een maximale duur van zes maanden, omdat de constructie alleen bedoeld is om studenten op te vangen tijdens de piekperiode.
,,In Groningen werken we in overleg met de gemeente met contracten van zes maanden’’, zegt Daan Donkers van het bedrijf. Dat is anders dan in andere steden. In Utrecht zit er bijvoorbeeld geen tijdslimiet aan. De gemeente Groningen is wat dat betreft wat strenger dan andere gemeenten. En dat terwijl er heel veel vraag is naar kamers. ,,Er hebben zich nu veertig mensen aangemeld als hospita. Maar we krijgen per dag zo’n dertig tot veertig aanmeldingen van studenten. We hebben tot nu toe tien studenten en hosts gematcht.’’
Vooral internationale studenten zoeken via Hospi Housing een kamer. Veel Nederlandse studenten zoeken liever een huis met leeftijdsgenoten. Voor de échte studentenervaring.
Alex en Marlies zetten nog even de puntjes op de i in de studentenkamer voor hun tijdelijke huisgenoot. Via Hospi Housing hebben zij een kamer in hun huis verhuurd aan een internationale student. Foto: Peter Wassing
Ruimte genoeg in huis
Ruimte hebben Marlies en Alex genoeg in hun voormalige roggebroodbakkerij, helemaal nu hun drie kinderen zijn uitgevlogen. Bovendien zijn ze het wel gewend een extra huisgenoot te hebben. Ze zijn al jaren pleegouders. ,,We hebben eerst met onze pleegdochter Jesca overlegd of ze het wel zag zitten om met een student samen te wonen. Haar kamer is ook beneden en ze delen straks de douche, keuken en het toilet. Maar ze vond het een leuk plan. Ze moeten onderling maar afspraken maken over hoe ze samen willen leven.’’
Ze kozen voor Hana omdat zij al een jaar in Groningen heeft gewoond, in een tijdelijk appartement op het Suikerterrein. ,,Daar moet ze nu uit. Als het haar in dat hele jaar niet gelukt is een kamer te vinden, lukt dat ook niet meer in een maand. We hebben haar ontmoet en dat klikte goed.’’
Ook bij KEI-bestuur stromen vragen binnen
Op 15 augustus begint de KEI-week, de introductieweek voor eerstejaars studenten. Ook bij het KEI-bestuur komen vragen binnen van studenten over de beschikbaarheid van kamers in de stad. ,,Wij krijgen dagelijks mailtjes van eerstejaars die geen idee hebben waar ze moeten slapen’’, zegt voorzitter Lars Eltingh. De organisatie werkt tijdelijk samen met het Simplon Jongerenhotel, maar dat zit al volgeboekt.
Eltingh geeft aan dat de organisatie van de KEI-week begin dit jaar bij de gemeente een idee heeft geopperd om een groter hostel op te zetten. ,,Dat is niet van de grond gekomen. We verwijzen studenten door, maar verder kunnen we niet veel voor ze doen.’’
De studentenverenigingen zorgen tijdens de KEI-week voor logeerplekken in huizen. Daar kunnen sommige eerstejaars in ieder geval tijdens de introductieweek overnachten.
Saras uit Jakarta mag bij Hélène komen wonen
Hélène Huis in ‘t Veld (58) uit de Rivierenbuurt verhuurt normaal gesproken een kamer in haar huis via Airbnb.Vorig jaar kwamen via die site al aanvragen van studenten binnen. ,,Eigenlijk wilde ik dat niet. De keuken grenst namelijk aan mijn woonkamer, dus dat is privé’’, zegt ze. Toch ging ze uiteindelijk overstag voor een Italiaanse student. ,,Hij zei: ‘Ik woon nu alleen in een hotel. Alles is beter dan dit’.’’ Hij bleef uiteindelijk twee maanden.
Toen Huis in ‘t Veld hoorde over Hospi Housing, besloot ze zich op te geven. ,,Ik stapte daar een beetje naïef in. Ik zette een profiel online en toen was het alsof ik een kraan openzette. De aanvragen stroomden binnen, de één nog wanhopiger dan de ander. Uiteindelijk heb ik drie uitgekozen en met hun een videogesprek gedaan. Saras uit Jakarta is het uiteindelijk geworden. Het is volgens mij helemaal onmogelijk om vanaf de andere kant van de wereld een kamer te vinden in Groningen.’’
Hélène Huis in ‘t Veld (58) uit de Rivierenbuurt en hond Mana.
De kamer is in principe klaar. Ongeveer 10 vierkante meter telt ‘ie, met een eigen wasbak, een bed, kastje, fijne stoel, bureau, een waterkoker en een magnetron.
Als ze het met haar omgeving over Hospi Housing heeft, merkt ze dat veel vrienden veel beren op de weg zien. Het opgeven van een deel van je privacy, een douche en wc delen, een vreemde in huis halen: daar moet je wel oké mee zijn. ,,Anders moet je het niet doen. Maar ik vind het heel leuk om nieuwe mensen te leren kennen en hun wegwijs te maken in Groningen.’’
,,Eigenlijk is de kamernood natuurlijk niet mijn verantwoordelijkheid. Maar als ik die berichten lees van studenten die écht niets kunnen vinden, krijg ik last van plaatsvervangende schaamte. Heel veel mensen worden uitgenodigd om hier te komen studeren, en dan krijg je en passant te horen dat als je geen kamer kunt vinden, je maar thuis moet blijven.’’
‘Het is heel slechte reclame voor de stad’
Dat stoort Els Bijlholt (60) en Johann Schelwald (63) uit Groningen ook. ,,Ik zie dat heel veel internationale studenten tegen een muur lopen en geen idee hebben hoe ze een kamer moeten vinden’’, zegt Bijlholt. ,,Het is hele slechte reclame voor de stad en die studenten zijn de wanhoop nabij.’’
De kinderen van het stel zijn het huis uit, hun woning is groot genoeg en ze hebben het al eens eerder gedaan: iemand in huis nemen. ,,Een student uit Letland, een student uit Frankrijk en later een student uit Slowakije. Allemaal voor een korte periode.’’ En dat beviel eigenlijk heel goed. Vooral die student uit Frankrijk, vertelt Bijlholt. ,,Zij kon heel goed koken.’’
Els Bijlholt (60) en Johann Schelwald (63) uit Groningen. Foto: eigen foto
Het stel kreeg via Hospi Housing heel veel reacties. Net als Huis in ‘t Veld vond Bijlholt dat behoorlijk heftig. ,,Het is een duivels dilemma. Wie kies je dan? Gelukkig kun je filteren. Ik werk bij de Hanzehogeschool, dus studenten die daar een opleiding volgen hebben een streepje voor. En we wilden niet een te jonge student.’’
De keuze viel op Jack (29) uit Engeland. Hij begon in april met zoeken. Hij mailde makelaars, werd lid van Facebookpagina’s en hield sites in de gaten. Het leverde niets op. Op zijn verjaardag kreeg hij te horen dat hij bij Bijlholt mag vertoeven. ,,Ik stond in een pub in Londen toen ik het berichtje las en ik was echt even beduusd.’’
Bijlholt kan het in ieder geval aanraden om een student in huis te nemen. ,,Ik snap weldat sommige mensen denken: waarom moeten wij dat doen? Maar de oplossing voor het kamertekort is er nog niet en met het probleem moeten we nu dealen.’’
Kamerzoektocht is niet zonder risico's
Inga (57) en haar gezin reisden vorige maand vanuit Lübeck in Duitsland af naar Groningen om een kamer te bezichtigen voor haar zoon Nikan (19). Hij begint hier in september aan zijn studie. ,,We plaatsten een bericht in een Facebookgroep waar we een reactie kregen over een kamer aan de Radesingel. Ik heb contact gehad met de huisbaas via de telefoon. Eerst werd gezegd dat we een vooruitbetaling moesten doen om de kamer te mogen bezichtigen, maar daar ging ik niet mee akkoord’’, legt Inga uit. ,,We maakten wel een afspraak voor een bezichtiging.’’
Zaterdag 9 juli om een uur of 2 stonden ze voor de deur. Maar de verhuurder is die middag in geen velden of wegen te bekennen. ,,Toen ik belde begon de verhuurder wéér over het betalen van borg. Als ik dat deed, kon ik de kamer op maandag bekijken.’’ Maar het gezin was speciaal voor deze afspraak naar Groningen afgereisd. ,,We konden niet tot maandag blijven.’’
Geen borg, geen kamer. De reis naar Groningen en het verblijf in een hotel leverden niets op.
Inga is ervan overtuigd dat het een oplichter was. ,,Ik postte een berichtje op sociale media met de vraag of mensen tips hebben voor het zoeken naar een kamer. Daar hoor je hele enge verhalen. Zo wordt aangeraden eerst de sleutel uit te proberen, voor je betaalt. Omdat soms een nepsleutel wordt meegegeven. Ook moet je nooit vooruitbetalen.’’
Zowel Inga als haar zoon Nikan hebben inmiddels behoorlijk stress van de zoektocht naar een kamer. In september begint zijn studie aan de Hanzehogeschool, maar een oplossing is nog niet in zicht. Ondertussen zit Inga elke dag uren achter de computer om een kamer te bemachtigen. ,,Het is echt heel erg moeilijk.’’