Menno Walters is al meer dan 20 jaar betrokken bij het Gevangenismuseum Veenhuizen. Foto: Rens Hooyenga
Het Nationaal Gevangenismuseum Veenhuizen viert dit weekend dat het twintig jaar is gevestigd in het voormalige Tweede Gesticht van de Koloniën van Weldadigheid. Vrijwilliger Menno Walters (83) was er al die tijd bij.
Dag meneer Walters, u bent al vrijwilliger zolang het gevangenismuseum op deze plek zit?
„Klopt. Ik heb zelfs nog meegeholpen bij de verhuizing van onze oude plek naar de huidige. Veel van wat je in het museum ziet staan, heb ik zelf nog in elkaar gezet.”
Volgens het museum bent u verweven met de geschiedenis van het dorp. Hoe zit dat?
„Mijn vader werd in 1942, toen ik nog een baby was, aangesteld als hoofd van het Korps Gestichtswacht, de beveiligers van het gesticht. Als je in die tijd in Veenhuizen werkte, moest je daar ook wonen. We kwamen vanuit Assen, mijn moeder had er behoorlijk de pee in. We moesten weer op turf stoken en er was geen waterleiding en riool. Eens per week werd de ton onder de wc geleegd door een van de gevangenen. Als je geen fooi gaf, dan morsten ze ‘per ongeluk’ een beetje over de deurmat.”
Dat vinden moeders niet fijn, maar hoe was het om hier op te groeien?
„Ik heb een fantastische jeugd gehad in Veenhuizen. Er heerste een heel gemoedelijke sfeer, de gevangenen hadden best veel vrijheid. Het dorp was afgesloten van de rest van de wereld en er was maar één werkgever: justitie. Iedereen liep zo’n beetje in uniform rond. Toen ik een jaar of 15 was, kwamen we weer in Assen wonen. Toen begreep ik pas hoe bijzonder en geïsoleerd het gevangenisdorp was.”
Terug naar het jubilerende museum. Wat voor vrijwilligerswerk doet u precies?
„Vanwege mijn leeftijd en de bijkomende ongemakken ben ik onlangs officieel gestopt als vrijwilliger. Ik verzorgde rondleidingen, nam bezoekers mee op de fiets door het dorp en wandelde met ze langs de hoogtepunten. Gelukkig kom ik nog geregeld langs en help dan een beetje mee.”
Menno Walters heeft meegeholpen aan de collectie in het Gevangenismuseum Veenhuizen. Foto: Rens Hooyenga
Wat vindt u het mooiste aan werken voor het museum?
„Het contact met de mensen. Iedere dag maakte ik plezier, want de collegialiteit onder de groep vrijwilligers was heel groot. Als vrijwilliger hoor je er in dit museum helemaal bij, ook volgens het vaste personeel. Het museum was van ons allemaal, daar zit de kracht.”
Om het jubileum van het museum te vieren heeft het Gevangenismuseum een fotowedstrijd uitgeschreven en krijgen bezoekers vanaf 17 mei twintig dagen lang 20 procent korting.