Staatssecretaris Jo-Annes de Bat wordt ontvangen door burgemeester Anno Wietze Hiemstra van de gemeente Aa en Hunze. Hij laat zich bijpraten door bestuurders en bewoners. Foto: Corné Sparidaens
Staatssecretaris Jo-Annes de Bat is van plan om schade na de aardbeving bij Geelbroek in maart sneller af te handelen. Daarbij wil hij het gebied rond het epicentrum opdelen in schadezones. Drie gemeenten reageren kritisch.
Volgens De Bat van Economische Zaken en Klimaat is de aanpak nodig vanwege het grote aantal schademeldingen uit het gebied. Op die manier kunnen schades sneller worden afgehandeld en gaat er minder geld naar onderzoek. Dat schrijft hij in een brief aan de Tweede Kamer.
Daarvoor wil hij het gebied rondom het epicentrum van de aardbeving bij Geelbroek opdelen in vier zones. Hoe dichter bij de beving, hoe hoger de kans op schade en hoe hoger de schadevergoeding.
In de nacht van 13 op 14 maart trilde de aarde bij Geelbroek. De beving had een kracht van 3.0 op de schaal van Richter. Het was de zwaarste beving in 25 jaar in Drenthe en de zwaarste ooit als gevolg van gaswinning uit een klein gasveld. Inmiddels zijn er zo’n 5.600 schademeldingen gedaan bij de Commissie Mijnbouwschade (CM) of het Instituut Mijnbouwschade Groningen (IMG). Daarvan komen de meeste uit Assen.
Vier schadezones
Voor de afhandeling van die schades komt een versnelde regeling voor de binnenste twee zones (tot ruim drie kilometer van het epicentrum). Binnen die ‘ringen’ wordt aangenomen dat schade door de aardbeving komt en krijgen bewoners een vergoeding tot een vastgesteld maximumbedrag, zonder uitgebreid onderzoek.
In een derde zone komt ook een versnelde aanpak, maar krijgen bewoners een lager plafondbedrag. In de buitenste ring, het grootste gebied, krijgen schademelders een vast bedrag. De bedragen zijn nog niet bekendgemaakt.
De verschillende zones binnen het beoordelingsgebied van de aardbeving bij Geelbroek. Illustratie: ministerie van Economische Zaken en Klimaat
Meer dan de helft van de schademeldingen komt uit de buitenste twee zones. Onder meer het noorden van Assen en Hooghalen vallen daaronder. Maar de NAM, die de schade moet betalen, wil volgens de staatssecretaris alleen meewerken aan een versnelde aanpak in de gebieden dicht bij het epicentrum. Voor de andere zones wil het kabinet zelf een regeling opzetten, omdat de afhandeling anders jaren kan duren en dit voor veel onderzoekskosten zorgt.
De bewoners in de twee binnenste zones zijn het eerst aan de beurt. Naar verwachting gaat de Commissie Mijnbouwschade na de zomer van start met die meldingen. Voor de bewoners verder van het epicentrum volgt later een regeling, waarschijnlijk pas begin volgend jaar.
'Vrezen voor maatschappelijk ongenoegen'
De gemeenten Aa en Hunze, Assen en Midden-Drenthe reageren kritisch op de plannen. Zij denken dat de schadeafhandeling door de voorgestelde aanpak niet makkelijker, maar juist ingewikkelder wordt. Met de verschillende zones worden volgens de gemeenten ‘grote, niet uitlegbare en onbegrijpelijke verschillen’ tussen inwoners met schade aan hun woning gecreëerd.
‘Wij vrezen met deze aanpak dan ook voor maatschappelijk ongenoegen bij onze inwoners’, schrijven ze in een gezamenlijke reactie aan de staatssecretaris.
Ook missen de gemeenten bepaalde onderdelen in het plan. Eerder pleitten de Drentse bestuurders voor een ruimhartiger aanpak, bijvoorbeeld met een vaste vergoeding, herstel in natura, een commissie bijzondere situaties en een geschillencommissie, vergelijkbaar met de regeling in Groningen.