De beving bij Geelbroek had een kracht van 3.0 op de schaal van Richter. Foto: archief DVHN
De Commissie Mijnbouwschade heeft een gebied aangewezen waarbinnen het schades afhandelt die zijn veroorzaakt door de aardbeving bij Geelbroek in maart. Binnen dit gebied is het volgens de commissie mogelijk dat bewoners schade hebben aan hun huizen.
Het zogeheten beoordelingsgebied omvat het grootste deel van Assen, op het uiterste noorden na, en delen van de gemeenten Aa en Hunze en Midden-Drenthe (zie kaartje). De cirkel is getrokken op basis van gegevens van het KNMI.
„Binnen dit gebied is er een kans dat je schade hebt aan je gebouw als gevolg van de beving”, zegt Margriet Drijver van de Commissie Mijnbouwschade. „Daarbuiten is de kans verwaarloosbaar.” Mensen die buiten het aangewezen gebied wonen, mogen schade melden. „Maar ze moeten er geen hoge verwachtingen van hebben.”
Beving 3.0 op schaal van Richter
In de nacht van 13 op 14 maart trilde de aarde bij Geelbroek. De beving had een kracht van 3.0 op de schaal van Richter. Het was de zwaarste beving in 25 jaar in Drenthe. Inmiddels zijn er zo’n 4000 schademeldingen gedaan, waarvan de meeste uit Assen komen.
Wat opvalt aan het beoordelingsgebied is dat een deel van Assen dat onder het Instituut Mijnbouwschade Groningen (IMG) valt, ook binnen de door de commissie aangewezen cirkel ligt. Deze postcodes vallen onder de ruimhartige schaderegeling van het Groningerveld.
Ook melden in IMG-gebied
Gedupeerden in het IMG-gebied kunnen opnieuw een melding doen als ze vermoeden nieuwe aardbevingsschade te hebben. Voor de beoordeling wordt hun schaderapport van het IMG als nulmeting genomen, zegt Drijver. „Daarin is vastgelegd welke schade er was voor deze beving.”
Het gebied waarbinnen de Commissie Mijnbouwschade verwacht dat mensen schade hebben na de beving bij Geelbroek. Beeld: Commissie Mijnbouwschade/KNMI
Via de postcodechecker op de websites van zowel het IMG als de Commissie Mijnbouwschade kunnen bewoners zien onder welke instantie ze vallen. Al maakt dat voor de afhandeling van Geelbroek niet veel uit. „Voor de afhandeling vormen het IMG en de commissie één loket.”
De commissie doet dan ook een ‘stevige oproep’ aan gedupeerden om binnen een jaar hun schade te melden. „Meld je zo snel mogelijk. Hoe beter wij weten hoeveel meldingen er zijn, hoe beter wij de uitvoering van een schaderegeling kunnen opzetten.”
Volgende week schaderegeling op hoofdlijnen
Wat de aanwijzing van het gebied betekent voor de schaderegeling is nog onbekend. „We werken ernaartoe dat de staatssecretaris de Tweede Kamer eind volgende week kan informeren”, zegt Drijver. „En dat wij tegelijkertijd, samen met de gemeenten, de mensen in het gebied kunnen informeren over hoe de regeling er op hoofdlijnen uit gaat zien.”
De commissie verwacht dat eind juli de details van de regeling en de uitvoering bekend zijn. Dat zal geen kopie zijn van de ruimhartige schaderegeling in Groningen. Daar is de commissie geen voorstander van bij bevingen in kleine gasvelden.
‘Niet te hoge verwachting wekken’
„Ik maak me zorgen dat bij mensen veel te grote verwachtingen zijn gewekt”, zegt Drijver. „Want deze beving is echt anders dan de bevingen in Groningen. Het IMG heeft dan ook veel meer verschillende regelingen. Wij vinden dat hele pakket niet noodzakelijk.”
Wel moet de regeling volgens Drijver ‘mild, makkelijk en menselijk’ zijn. „Ons uitgangspunt is dat de schademelder het voordeel van de twijfel krijgt. Na de vorige bevingen in Ekehaar (in 2023 en 2025, red.) hebben wij ook gepleit voor een iets ruimhartiger regeling dan we op dat moment mochten toepassen. Daarover zijn we nu in gesprek. Maar we moeten uitkijken dat we niet te hoge verwachtingen wekken.”
Want, zegt Drijver: „Ieder huis heeft schade, ook al voor de beving. Dat is heel naar en kan heel verontrustend zijn. Als er dan nog zo’n beving overheen komt, is dat zorgelijk. Maar het is niet zo dat voor die tijd alle huizen zonder schade waren.”