Een detail van een gouden armband uit Sarmizegetusa Regia. Foto: Marius Amarie
De drie uit het Drents Museum gestolen gouden armbanden zijn nog spoorloos. Woensdag dook in Boekarest wel een andere Dacische armband op, die 25 jaar geleden geroofd werd door criminele schatzoekers. Een reconstructie van een schimmige geschiedenis vol geweld en zwendel.
In de zomer van 2007 had de Roemeense autohandelaar Călin Ciota bijzondere handelswaar in de aanbieding. De ex-gedetineerde, tevens berucht woekeraar in de regio Transsylvanië, was op zoek naar een koper voor een gouden, spiraalvormige armband die 1,1 kilo woog.
Ciota had de armband een paar jaar daarvoor als onderpand gekregen voor een lening van 20.000 euro aan een lid van een criminele bende. Het bendelid, dat eerder een BMW bij Ciota had gekocht, was echter naar de VS vertrokken. En Ciota wilde geld zien.
Een Oekraïner, ene ‘Igor’, toonde interesse voor de gouden armband. Op 12 juni 2007 kwam hij met een enorme zak contant geld naar Ciota’s huis in de stad Deva. Er zat 110.000 euro in. ,,Ik was een half uur bezig met tellen”, verklaarde Ciota later.
Verborgen in een hondenhok
Toen hij daarmee klaar was, haalde hij de gouden armband uit het hondenhok waar een cane corso, een Italiaanse vechthond, over hem waakte. Toen bleek dat de Oekraïner een undercoveragent was. De armband werd in beslag genomen en Ciota werd opgepakt.
Het was een groot succes voor politie en justitie: voor het eerst was een gouden Dacische armband teruggevonden op Roemeens grondgebied. Begin 2007 hadden de autoriteiten al wel vijf andere gouden armbanden weten te bemachtigen: vier bij een handelaar in New York en eentje in Parijs.
Het waren de eerste resultaten van een grootschalige operatie, waarbij politie en justitie samenwerken met archeologen en andere specialisten. In de jaren erna werden nog eens zeven armbanden teruggehaald. En nu is er dus weer eentje terecht, de veertiende.
New York en Frankfurt
De geschiedenis van de Dacische gouden armbanden, waarvan er eind januari drie samen met de gouden helm werden gestolen bij de brute kunstroof in het Drents Museum, is er een van schimmige deals, zwendel, corruptie, mysterieuze ongelukken, bijgeloof en verdachtmakingen.
Opmerkelijk aspect daarbij is dat het bestaan van de gouden armbanden pas zo’n 25 jaar bekend is. In december 1999 dook de eerste op bij een veiling van Christie’s in New York. Toen de aanbieder ervan geen bewijs van herkomst kon overleggen, werd het veilingstuk ingetrokken.
Dacische gouden armband uit ca. 50 voor Christus. Foto: Marius Amarie
Een half jaar later, in augustus van het jaar 2000, stonden er twee Roemenen in Frankfurt op de stoep bij de Duitse archeologe Barbara Deppert-Lippitz. Ze hadden een tas bij zich met twee spiraalvormige gouden armbanden van een kilo per stuk en wilden er graag meer over weten.
De archeologe onderzocht ze en stelde vast dat het oude schatten van enorme waarde waren. ,,Ik had meteen door dat dit de geschiedenis van de Daciërs zou herschrijven”, vertelde ze later. De Roemenen wisten genoeg en vertrokken weer.
‘Gouden slangen’
Deppert-Lippitz belde met de directeur van het Nationaal Historisch Museum in Boekarest, een oude vriendin, en stelde haar op de hoogte. Die was niet meteen overtuigd. Spiraalvormige armbanden van zilver, met slangenhoofden aan de uiteinden, waren wel bekend. Maar gouden?
Toch werd er actie ondernomen. In 2001 werd politiecommissaris Aurel Condruz vanuit Boekarest naar Transsylvanië gestuurd om vermeende archeologische artefacten op te sporen, die door schatgravers illegaal geroofd zouden zijn.
Condruz stuitte op verhalen van de lokale bevolking over ‘gouden slangen’ die met metaaldetectors waren gevonden. En hij trof corrupte lokale politieagenten die samenwerkten met meerdere criminele bendes, die in schatroven een nieuw verdienmodel hadden gevonden.
Niet alleen de lokale politie, maar ook journalisten werden omgekocht door de criminelen. ,,En iedereen was op zoek naar goud”, constateerde Condruz. Recente vondsten en eeuwenoude verhalen over de verborgen schat van koning Decebal vormden daarvoor de voedingsbodem.
Armband als accordeon
De laatste koning van de Daciërs, die in 106 na Christus werd verslagen door de Romeinse keizer Trajanus, zou volgens de legende (onder meer opgetekend door de Romeinse historicus Cassius Dio) vlak voor zijn dood een enorme goud- en zilverschat hebben begraven.
Ook al roofden de Romeinen zoveel goud en zilver uit Dacië dat de goud- en valutamarkt begin tweede eeuw ernstig werd verstoord, toch zou er nog altijd een deel van de schat begraven liggen in de bergen. Dat idee werd in 2002 versterkt door een tv-documentaire.
De schatkamer van het Nationaal Historisch Museum van Roemenië in Boekarest, waar de gouden Dacische armbanden te zien zijn. Daaronder ook eentje die in Assen te zien was maar niet is gestolen. Inmiddels is nummer 14 toegevoegd aan de collectie. Foto: DvhN
Daarin werden illegale schatzoekers gefilmd in de buurt van de oude Dacische stad Sarmizegetusa Regia, terwijl ze triomfantelijk met een gouden armband stonden te zwaaien. De spiraalvormige armband werd voor het oog van de camera als een accordeon in elkaar geduwd en uitgetrokken.
In 2003 dook er weer een gouden armband op, dit keer bij een antiekhandelaar in Londen. Daarna kwamen de vier armbanden in New York in beeld, mede dankzij archeologe Deppert-Lippitz die na het bezoek van de onbekende Roemenen haar netwerk had gealarmeerd. En zo rolde de bal steeds verder.
Eerste rechtszaak
Ook het justitiële onderzoek vorderde. In 2004 bracht officier van justitie Augustin Lazar 13 bendeleden voor het gerecht die beschuldigd werden van handel in nationaal erfgoed. Wegens gebrek aan bewijs – de armband uit de tv-documentaire was spoorloos - werden ze vrijgesproken.
Ondertussen werden, met behulp van omgekochte journalisten, geruchten de wereld in geholpen dat de armbanden vervalsingen waren. Ook werd Lazar, die al in de communistische tijd aanklager was, van corruptie beschuldigd.
Er gebeurden bovendien vreemde, onverklaarbare ongelukken. En er werd een schatzoeker doodgeschoten door een concurrent. Het idee werd de wereld in geholpen dat de armbanden vervloekt waren. Alles waarschijnlijk om de criminele handel te beschermen.
Toen bekend werd dat de Roemeense staat veel geld betaald had (500.000 dollar) voor het terughalen van de vier armbanden uit de VS, werden de autoriteiten beschuldigd van het verspillen (en in eigen zak steken) van belastinggeld.
De vloek opheffen
In 2007, met een aantal armbanden terug in Roemenië, startten de Roemeense autoriteiten een onderzoek naar de archeologische herkomst ervan, want die was destijds nog onduidelijk. Chemische analyses wezen uit dat het om natuurlijk gewonnen goud ging, dat afkomstig was uit het Apusenigebergte.
Ook werden geologische afzettingen gevonden die wezen op Dacische herkomst. De resultaten bevestigden een eerder onderzoek van Deppert-Lippitz en andere deskundigen in Frankfurt naar de in Parijs in beslag genomen armband: het ging hier inderdaad om meer dan 2000 jaar oude objecten uit de gloriedagen van het Dacische rijk.
Saillant detail: bij het onderzoek in Frankfurt bleek ook politiecommissaris Condruz niet ongevoelig voor de verhalen over ‘de vloek van de Daciërs’. Hij liet de armband voor het onderzoek van start ging eerst door een Roemeens-orthodoxe priester ‘heiligen’ om de vloek op te heffen.
Uit de reconstructie van de illegale opgravingen bleek dat de armbanden, die dateren uit het midden van de eerste eeuw voor Christus, begraven lagen in putten aan de rotsachtige randen van Sarmizegetusa Regia, vergezeld van grote hoeveelheden munten.
Veel armbanden zijn nog zoek
Wetenschappers denken dat ze daar waren begraven als offers aan de goden, om bescherming af te dwingen. Sarmizegetusa was een belangrijk religieus centrum van de Daciërs. En de gouden armbanden vertonen in tegenstelling tot de zilveren exemplaren geen gebruikssporen.
Gouden armband nummer 14, die op 16 april werd gepresenteerd in Boekarest. Foto: Nationaal Historisch Museum van Roemenië
Woensdagmiddag werd in Boekarest de veertiende teruggevonden gouden armband gepresenteerd in het Nationaal Historisch Museum van Roemenië. Met een gewicht van bijna 1,3 kilo is het de zwaarste die tot nu toe is gevonden, al zijn er waarschijnlijk ook armbanden geroofd van 1,5 kilo.
Nog lang niet alle gouden Dacische armbanden zijn terecht. Uit in beslag genomen fotomateriaal van de criminelen blijkt dat er rond de millenniumwissel minimaal 24 stuks illegaal zijn opgegraven bij Sarmizegetusa Regia. Elf daarvan zijn nog niet teruggevonden en drie andere zijn verdwenen bij de kunstroof in Assen.
Nieuwe groep armbanden
De woensdag gepresenteerde armband behoort niet tot die groep van 24 en is waarschijnlijk door een andere bende schatgravers geroofd. ,,Daarmee opent deze vondst een nieuwe onderzoekslijn”, zegt oud-museumdirecteur Ernest Oberländer-Târnoveanu, die in de nasleep van de kunstroof in Assen werd ontslagen.
Oberländer is als specialist al sinds 2005 betrokken bij de zoektocht naar de verdwenen armbanden. ,,Deze armband is afkomstig van een behulpzaam persoon van buiten Roemenië die anoniem wenst te blijven”, vertelt hij. ,,Er is betrouwbare informatie waaruit blijkt dat er nog drie tot vijf armbanden tot dezelfde groep behoren.”
Armband nr. 14 is sinds donderdag te zien in het Nationaal Historisch Museum in Boekarest, waar nu alle elf gouden armbanden die in bezit zijn van de Roemeense autoriteiten geëxposeerd worden. De jacht op de drie uit Assen gestolen armbanden en alle andere geroofde armbanden gaat onverminderd door.
De spiralen van de gouden armbanden uit Dacië variëren in lengte (de langste is 2,88 meter). Ze wegen ongeveer 1 kilo per stuk. In de recent ontdekte groep geroofde armbanden bevinden zich waarschijnlijk ook drie kleinere armbanden van een halve kilo.
De armbanden zijn gemaakt met de zogenaamde hamertechniek en verraden groot vakmanschap. Er zijn bij Sarmizegetusa Regia zeker twee goudwerkplaatsen geweest. ,,Dat is af te leiden uit de wijze waarop de armbanden bewerkt zijn”, zegt Ernest Oberländer-Târnoveanu.
,,Dat kun je zien als een soort vingerafdruk. We weten zeker dat nummer 14 gemaakt is in dezelfde werkplaats als de meeste andere teruggevonden armbanden. Alleen nummer 5 is in een andere werkplaats geproduceerd.”
De spiraalvorm van de armbanden wordt wel in verband gebracht met een zonnecultus. Aan de uiteinden bevinden zich hoofden van slang- en wolfachtige dieren of draken, motieven die vaker terugkeren in de beeldtaal van oude culturen uit de regio.
Voor dit verhaal is onder meer gebruik gemaakt van de documentaire ‘The Hunt for Transsylvanian Gold’ uit 2017, die te zien is op Netflix.