Waarover ik me in deze tijden van allengs meer om zich heen grijpende wereldbrand verwonder (en wat ik mezelf verwijt) is het optimisme waarmee ook ik, ondanks mijn gedegen historische kennis, in de jaren 90 dacht dat het de goede kant opging. De geschiedenis leert namelijk dat het uiteindelijk nooit de goede kant opgaat.
Nieuw aan de huidige ontwikkelingen is alleen het ontbreken van elke schijn van staatsmanschap en bezonnenheid. Weleer deden de over ons gestelden tenminste nog alsof ze tot hun beslissingen kwamen na ampel beraad en een grondige raadpleging van hun geweten, maar daar is geen sprake meer van.
De boosaardige bejaarden die thans op onze planeet de dienst uitmaken, verhullen nauwelijks dat ze oorlogen beginnen omdat ze er in eigen land niet goed voorstaan of de aandacht willen afleiden van schandalige onthullingen. Dat ze daardoor tallozen onzegbaar leed aandoen, schijnt hun nachtrust in genen dele te storen.
Doodschamen
Het meest onbegrijpelijke is daarbij dat een aantal van die ellendelingen volstrekt legitiem aan de macht is gekomen. Bij de huidige president der Verenigde Staten denk je onwillekeurig: jullie hebben hem wel zelf gekozen … Terwijl er miljoenen Amerikanen zijn die zich doodschamen, heb je er nog meer die hem geestdriftig blijven steunen.
Ofschoon ik vrijwel niemand ken die iemand kent die een aanhanger is van de bedenkelijke politieke groepen waar de kranten over volstaan, blijken die toch ook ten onzent allengs meer invloed te verwerven, vooral onder jongeren, voor wie het stemmen op partijen die als niet salonfähig gelden extra aantrekkelijk is. In dat licht kan ik degenen die aandringen op een lagere kiesgerechtigde leeftijd niet volgen.
Voor een in de schaduw van de Tweede Wereldoorlog opgegroeide Nederlander als ik is vooral het onverbloemde antisemitisme van bijvoorbeeld Forum voor Democratie schokkend. Het voormalige boegbeeld van die partij bekende eens dat hij bijna alleen maar antisemieten kende. Dat kan ‘ironie’ geweest zijn, maar het is des te vreemder als je bedenkt dat zijn grootvader een geziene verzetsman was.
Je kunt je na de zogeheten Holocaust van de vorige eeuw niet meer antisemiet noemen, zonder je als beschaafd mens te diskwalificeren. Daarvóór kwam het vrij algemeen voor (alom bewonderde auteurs als Adriaan Roland Holst of T.S. Eliot kwamen er rond voor uit). De dichter Georgi Ivanov ondertekende in 1922 een aan een joodse vriend opgedragen vers met Vasj predannij antisemit (Uw toegewijde antisemiet).
Netanyahu
De populaire Weense burgemeester Karl Lueger uit het begin van de twintigste eeuw zei ooit dat híj bepaalde wie er een Jood was. Wat er in de jaren daarna gebeurde, maakt zo’n uitspraak luguberder dan toen.
Dikwijls wordt het moderne antisemitisme in verband gebracht met de politiek van Netanyahu, maar het stak al de kop op vóór Israël na 7 oktober 2023 terugsloeg. Kennelijk was het altijd sluimerend aanwezig. Toen Johan Polak daar bij zijn eredoctoraat in 1988 voor waarschuwde, werd hij niet geloofd.
Inmiddels durft niemand bij ons nog met een keppeltje over straat. Een bloedstollend dilemma voor Joden, die de dreiging van een nieuwe vervolging willen ontvluchten: het enige land waar je geen last hebt van antisemitisme maakt zich tegenwoordig zelf schuldig aan genocide.